Fantasie 2 juni 2016

(Door Ab Klaassens)

In de tuin dansen muggen of motten in het laatste
zonlicht van de dag.

Opeens schiet het wolkje leven omhoog en dan weer
naar links en dan terug in de oude stand.

Het laatste restje van de bladval in de herfst, een
traag verterend esdoornblad,  wervelt heftig
draaiend recht omhoog en daalt dan weer langzaam
draaiend terug in mijn  heideperkje.

Ik fantaseer dat Leonardo da Vinci , ingenieur,
uitvinder en beeldend kunstenaar misschien ook
zoiets heeft waargenomen en toen het eerste ontwerp
voor de helikopter heeft geschetst.

Ik denk weleens dat alles wat wij bij elkaar kunnen
fantaseren ook echt mogelijk is en dat  de schok van
een kleine waarneming kan leiden tot de eerste
schetsen van een uitvoerbaar idee.

Dromen zijn niet altijd bedrog.

De meeste nieuwigheden zijn verbeteringen van
verbeteringen.

Soms springt er iemand verder weg dan onze
verbeeldingskracht reikt.

Zo’n iemand was Leonardo da Vinci.

We moeten maar wat zuiniger zijn op onze kunstenaars.  

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vocalies (405) West Side Story 2 juni 2016

(Door Marlies)

I Capuleti e I Montecchi – Otello – West Side Story – Macbeth – Sly. Als u dat
rijtje ziet, naar welke opera zou u gaan? Maakt u zich niet druk: het is een
retorische vraag, ik verwacht geen antwoord. Ik zal u mijn antwoord geven:
naar alle vijf.

Na twee van die zware jongens tijdens onze week in Budapest leek de avond
West Side Story een welkome afwisseling. Niet dat die opera níet slecht
afloopt, maar de tempo’s zijn wat opzwepender en er gebeurt veel op het
toneel en de toon is wat lichter…

Nou, dat werd een beetje een teleurstelling. Een overvraagd ballet (nergens
had het ballet de peper die West Side Story zo hard nodig heeft… en zo
uitbundig biedt), zangers die de partijen overschat hebben, niet gewend waren
dit repertoire te zingen en naar de ritmes – bij Bernstein tamelijk complex –
maar een gooi deden.

Zo waren de solo’s van Tony gewoon veel te snel, omdat hij probeerde te
compenseren dat hij het ritme van ‘Something’s coming’ niet aankon (net zo
min als Carreras destijds in de prachtige documentaire) en hij het bij ‘Maria’
niet haalde met zijn ademtechniek.

‘Mambo’ en ‘America’ waren ook te snel, met ietskes tempo terugnemen krijgt
deze muziek namelijk veel meer swing dan met het gehaast dat hier gebeurde.

De verbindende teksten in het Hongaars (ja, u leest het goed! tenslotte waren
we in Budapest), zonder boventiteling hielp ook al niet, hoe goed we het
verhaal ook kenden.

De muziekteksten waren in het Engels, nou ja… Engels, het Engels dat de
Hongaren, met nou eenmaal anders ingerichte oren, Engels in de oren klonk.
Het Hongaars behoort tot de Finoegrische talen (ik heb het opgezocht!). Dat
ligt mijlenver van het Engels af en dan krijg je al gauw uitspraken waarbij je je
als West-Europeaan afvraagt waar ze dát nou vandaan hebben gehaald.

Kortom: het was niet echt goed; het orkest was eigenlijk nog het beste en ik
neem mijn petje af voor de dirigent die alles bij elkaar wist te houden.

Een Amerikaan liep achter mij bij het verlaten van de zaal voor de pauze. Ik
zei hem: “This must be a weird experience for you…” “It’s one of the worst
things I’ve ever had to sit through in my life…” zei hij snibbig.

Ik realiseerde me ineens hoe verschrikkelijk Amerikááns West Side Story
eigenlijk is. Ik heb hem na de pauze niet meer terug gezien…

Daarom: voor alle gasten van Musico die mee waren, voor die éne Amerikaan
en voor iedereen eigenlijk, die een liefhebber is van de film nog één keer een
uitvoering van ‘America’ waar de vonken wél vanaf vliegen.

https://youtube.com/watch?v=YhSKk-cvblc%26qut

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Een klein leven 1 juni 2016

De eerste – en tot voor kort laatste – keer dat ik door emotie werd overmand
door een boek is  vijftig jaar geleden. Als kind huilde ik om Rémi die zo
jammerlijk alleen op de wereld was.

remi.large

Sinds die tijd heb ik veel prachtige literatuur gelezen. Meesterwerken die mij
diep van binnen raakten, maar ik heb nooit meer hoeven huilen.

Ik schrijf  nooit over boeken want ik vind mezelf geen literatuurcriticus.
Misschien komt het wel omdat ik denk dat je daarvoor woorden moet
gebruiken die niet bij mij passen.

Maar nu wel, want deze week overkwam mij hetzelfde als bij het lezen van het
wereldberoemde boek van Hector Malot. Ik werd keer op keer overmand
tijdens het lezen van “Een klein leven” van Hanya Yanagihara.  De recensent
van NRC schreef dat het een boek is dat maar eenmaal in de zoveel jaar
voorbij komt en dat het je bij strot grijpt (dat zijn eigenlijk niet eens zulke
moeilijke woorden).

Ik kan er mijn eigen woorden op loslaten: meeslepend, ontroerend,
schokkend, dramatisch, hoopgevend, hopeloos, gekmakend (dat ook), maar
vooral emotioneel.

Het is het verhaal over het leven van vier vrienden in New York en strekt zich
uit over enkele tientallen jaren. Middelpunt is Jude met zijn ondraaglijke
verleden dat schil voor schil wordt afgepeld. Het is een boek over vriendschap,
vijandschap, liefde, haat, overleven en sterven door Yanagihara geschreven in
een vaart die er  voor zorgde dat ik af en toe emotioneel uit de bocht vloog.

Het is een boek om te janken zo mooi. Neem mijn advies ter harte en lees het
want het kan maar zo vijftig jaar duren voor ik weer zo’n advies geef.

klein leven

 

  1. Wieneke (reply)

    1 juni 2016 at 09:13

    Genoteerd, want als iemand die NOOIT iets over boeken logt, het zegt, dan moet je gehoorzamen. 🙂

    1. Jan de Vries (reply)

      2 juni 2016 at 07:46

      Harry, ik kan me die kritiek heel goed voorstellen. Het is ook geen literair hoogstandje, maar het is een meeslepend verhaal. Zo heb ik het gelezen en beoordeeld. Daarom schrijf ik nooit recensies, technisch beoordelen van boeken is niks voor mij.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Oranje 1 juni 2016

Mijn omroep staat open voor andere dingen op de bedrijfswebsite dan reguliere
nieuwsberichten. Daarom werd mij gisteren gevraagd iets te schrijven dat
het chagrijn vertolkte van een gemist EK-voetbal.  Mijn collega Alice van
der Plas maakte er een mooie afbeelding bij.

Oranje

Jarenlang kleurden onze straten Oranje als ons nationale voetbalelftal
ergens ver weg onze eer verdedigde. Iedereen die niet mee kon gaan naar
de buitenlandse arena’s creëerde met de buurt een eigen feestterrein.
Daar was niet veel voor nodig. Dekzeilen tegen de gevel, vlaggetjes kris-kras
van het ene huis naar het andere, TV-toestellen naar buiten, een barbecue
en een paar kratjes bier en wij vierden het voetbal. Nu zijn we er niet bij en
at is niet prima. Onze voetbalhelden vieren vakantie of zitten zich thuis te
verbijten, net als Koos.

“Jij moet zeker de hele maand voetbal kijken”,  zegt Annie.

Ze staat voorovergebogen over een pan op het vuur en ziet niet hoe Koos aan de
keukentafel zijn hoofd schudt. Ze kan niet horen dat hij denkt: Ach mens.

Koos kijkt chagrijnig voor zich uit. Hij draait zijn bierflesje rond.

“Wij hebben toch nog van dat oranje zeil in de schuur liggen. En volgens mij liggen
de vlaggetjes van de vorige keer nog bij Arie. Misschien kunnen we weer iets
leuks maken”, zegt Annie.

Ze kijkt over haar schouder achterom en ziet dat Koos en lange teug uit zijn
flesje neemt.

“Dat kan alleen jij bedenken”,  zegt hij. “Wie gaat zijn straat nou oranje maken
als Nederland niet meedoet”.

“Het gaat toch om de gezelligheid”,  zegt Annie. “Wat hebben we gelachen om
Arie. Ik heb die stomme voetbalhumor nooit begrepen, maar nou wel. Volgens
mij is het vooral leuk als je met z’n allen gezellig kijkt. En dan zijn we toch gewoon
voor België”.

“Wat eten we eigenlijk”,  vraagt Koos zuchtend.

“Worteltjes”,  zegt Annie. “Dat leek mij wel toepasselijk”.  Ze lacht.

Koos zet zijn flesje met een klap op tafel en loopt weg.

“Voetbalhumor”,  roept Annie hem na.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vocalies (405) Sly 31 mei 2016

(Door Marlies)

Ze is weer terug, uw verslaggeefster van de klassieke vocale muziek, Vocalies.
Een enerverende week was ik met gasten van Musico in Budapest. Vijf opera’s
hebben we gezien en ik zal u in deze contreien daarvan kond doen. Dan kunt u
meegenieten en ik nagenieten: allemaal blij, toch?

Ik begin meteen met voor mij de grootste verrassing: ‘Sly’ van Ermanno
Wolf-Ferrari.

We wisten niet goed wat we ermee aan moesten: zo’n onbekende opera op de
laatste avond van de week. Behalve de heenreis was de week perfect geweest
en je wilt ‘m dan ook goed afsluiten.

Sommige van mijn gasten kozen eieren voor hun geld: ze gingen de Donau op
voor een romantische avond varen… Ik moet u bekennen dat ook ik dacht: het
is dat ik moet, anders ging ik niet… eerlijk is eerlijk…

Met die gemengde gevoelens liep ik het Erkeltheater binnen… Ik kwam eruit
met tranen in de ogen… Wat een opera!

Sly begint als een komedie, maar ontwikkelt zich naar een zorgelijke tragedie.
De muziek heeft de echte Wolf Ferrari kenmerken van zijn Verismo-opera’s,
met ook een sterke verwijzing naar Offenbach’s ‘Les Contes d’Hoffmann’. De
verwijzing naar The Taming of the Shrew die in de aankondiging op de
website van het Erkeltheater stond, heb ik niet terug kunnen vinden.

De eerste acte is tamelijk vrolijk, met als hoogtepunt Sly’s aria over de
dansende beer, een thema dat door de opera heen een paar keer terug komt.
Af en toe denk je dat je naar een slechte operette zit te kijken; hoewel er
uitstekend geacteerd en gezongen werd, was er platte, dronken lol.

Ergens in de tweede acte kantelt het verhaal en het briljante is dat je dat niet
echt in de gaten hebt: ineens realiseer je je dat zich een onafwendbare tragedie
aan het ontrollen is.

Vooral Sly’s dramatische aria tegen het einde “No, io non sono un buffone”,
maakte veel indruk.

Heel kort de inhoud:
De dichter met alcoholproblemen Christophoro Sly zit in de Falcon Tavern in
Londen. Zijn liederen en dichtsels amuseren de andere drinkers in de kroeg.
Als de graaf van Westmoreland ziet dat zijn maîtresse Dolly bij de
bewonderaars staat, besluit hij een grap uit te halen.

Zijn bedienden brengen de lam-gezopen Sly naar het kasteel van de graaf,
verkleden hem (bewusteloos) in mooie kleren en maken hem – als hij bijkomt
– wijs dat hij de graaf is, eindelijk hersteld van een langdurige ziekte. Dolly
doet zich voor als zijn echtgenote. Nadat de verkleedpartij voorbij is en de
ware identiteiten weer onthuld, snijdt Sly zich – totaal van slag en vernederd
– de polsen door in de kelder. Dolly vindt hem daar, te laat. Ze hield echt van
hem…

Tenor László Boldizsár hield ons vanaf het eerste moment dat hij op het toneel
was in zijn greep. Hij is vanaf dat moment nauwelijks weg en dat maakt de rol
tot een loei-zware. Niet alleen voor de stem, ook voor zijn lijf: hij danste en
sprong, er werd met hem gesmeten en de draak gestoken en hij hield stand.
Fantastisch! Deze opera verdient het veel vaker opgevoerd te worden, maar
behalve Boldizsár, wie kan die rol zingen? Levensgevaarlijke rol.

De Donauvaarders hadden uiteindelijk de slechte keuze gemaakt… we hebben
geprobeerd het ze niet al te zeer in te wrijven.

In het filmpje twee korte fragmenten met José Carreras en Isabelle Kabatu, ze
dekken nauwelijks de lading van wat wij gezien hebben, maar er is niet veel
materiaal op YouTube voorhanden. Overigens staat deze versie wel in zijn
geheel op YouTube.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Communiefeest 30 mei 2016

De wereld verhardt en er is een nieuwe trend die mij verontrust.
Vechtpartijen tijdens of na communiefeesten.

In Helmond zette een pastoor vorige maand beveiligers in het kerkportaal
omdat er vorig jaar tijdens het communiefeest  in zijn kerk ongeregeldheden
waren.

Afgelopen weekend ontaardde een communiefeest in Hooge-Mierde in een
vechtpartij.

Ik ben niet rooms dus ik ging te rade bij mijn vrouw. Zij heeft ooit communie
gedaan. Tot haar uitschrijving uit het kerkelijk register heeft altijd een
moeizame relatie gehad met wat zij het instituut noemt.
Haar herinneringen aan het communiefeest beperken zich tot de volgende:
“wij moesten tijdens de repetitie allemaal knielen in de banken en tegelijk
onze tong zo ver mogelijk uitsteken zodat er een hostie op gelegd kon
worden”. Daar had ze een hekel aan.

En: “tijdens het feest moest ik mijn peetoom bedanken voor de fiets die ik
had gekregen terwijl ik een vreselijke hekel aan die oom had”. Volgens mijn
vrouw was dat wederzijds.

Maar ook: “je kreeg tijdens het communiefeest mooiere cadeau’s dan tijdens
je verjaardag”.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Dat vond ik als voormalig protestant allemaal uiterlijkheden. Mij ging het
er om wat de Heilige Communie doet met een kind. Mijn vrouw vertelde
dat ze achter bleef  met een onvervuld verlangen. Haar was ingeprent dat
ze een bruidje van Jezus zou worden. Ze had er op gerekend dat er iets
magisch zou gebeuren. Dat gebeurde niet.

Nou begrijp ik waarom er tijdens een communiefeest een licht ontvlambare
sfeer is.

  1. Sante (reply)

    30 mei 2016 at 10:41

    Ik ‘deed’ de communie op 7 mei 1947. Ik heb hier nog een plaatje waarop ik te zien ben met een vage grimlach op het gezicht en een bosje lelietjes-van-dalen op de revers van het colbert. Ik had tijdens mijn eerste biecht gelogen dat ik uit de suikerpot had gesnoept (die mogelijkheid was enkele dagen eerder geopperd door andere communicantjes, omdat ik niks beters wist en helemaal niet op de hoogte was van het begrip ‘zonde’. Het was verder een bescheiden feestje, want het speelde zich af in de ‘gemengde’ stad Nijmegen — de betere kringen waren protestants en de arbeiders katholiek, zoals het hoort.

    IUn 1967 verhuisde ik naar Zuid-Limburg en maakte daar enkele maanden later kennis met de echte roomsche manier van communie: enorme cadeau’s, dronken ooms bewusteloos in de goot voor het huis, vechtpartijen zover het oog reikte.

    Ik besloot toen dat mijn kinderen geen communie zouden doen, al betekende dat dat ik hen het gevoel gaf buitengesloten te zijn.

  2. Wieneke (reply)

    1 juni 2016 at 13:10

    Dan is ze dus nooit een écht bruidje van Jezus geweest. Tja, dat is wel heeeeeel sneu 🙂
    Sorry voor dat 🙂 maar ik moet altijd zo lachen om die rare religie toestanden.
    Dolgelukkig ben ik dat ik er nooit mee te maken heb gehad in mijn leven. Altijd verbaasd tot verbijsterd aan de zijlijn gestaan bij een aantal gelegenheden.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vluchtelingen 30 mei 2016

(Door Ab Klaassens)

Glimmend van tevredenheid constateert premier Rutte dat de afspraak
die Europa met Turkije heeft gemaakt over de indamming van de
vluchtelingenstroom goed werkt. De instroom via Turkije naar Griekenland
neemt af.

Tegelijkertijd stijgt de toevloed van migranten uit Afrikaanse landen
die via Libië en Italiaanse eilanden Europa proberen te bereiken. Daarover
gaan de afspraken met Turkije niet.

Afspraken met Libië zijn niet mogelijk omdat niemand weet wie er in
Libië aan de macht is.

De akkers in veel Afrikaanse landen staan droog, het vee sterft, de
kinderen kunnen niet meer naar school. Wanhoop drijft de mensen
die nog niet door apathie zijn verslagen naar de rubbervlotten van de
mensensmokkelaars.

Wie de tocht overleeft heeft geen terug en geen vooruit.

Door een wand van prikkeldraad en schaamte reiken wij wat voedsel aan.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Inktzwart 29 mei 2016

Mijn gedachten zijn op deze zondagmorgen bij mijn collega’s
sportjournalisten en bij de koppenmakers.

De hele week hebben ze toegeleefd naar wat misschien wel
het meest heroïsche weekend voor de Nederlandse sportwereld
had moeten worden. Steven Kruijswijk leek de Giro d’Italia te
gaan winnen. Stuurfoutje.  Hij concurreerde om aandacht met
Max Verstappen die zaterdag de vangrail raakte en vanmiddag
in Monaco achteraan moet beginnen. Stuurfoutje.

In Nederland was alles in gereedheid om Kruijswijk komende
week te huldigen. Nuenen kleurde roze. Den Bosch, waar de
officiële huldiging van de onfortuinlijke maar fantastische
Brabantse wielrenner plaats zou vinden, was in opperste staat
van opwinding. Zonder enige inspanning zouden ze weer
wielerstad van Nederland zijn.

De sportjournalisten hadden zich verheugd op een met
roze champagne overgoten afterparty, want sportjournalisten
zijn ook sportliefhebbers.

Het feestje in onze provinciehoofdstad zal wel niet door gaan.
In Nuenen hebben ze er een held bij, daar kunnen ze in de
plaatselijke kroeg met opgeheven hoofd een pilsje op nemen.

De koppenmakers hebben  een week zitten broeden.
Hoe vat je zo’n Hollands succes samen in – pak ‘m beet – tien
woorden waarmee je de emotie overtreft waardoor
sportminnend Nederland al  overmand zou zijn.

Ik heb zitten stoeien, maar het is mij niet gelukt om van roze
en red bull inktzwart te maken zonder dat mijn handen
vies en plakkerig werden. Daarom heb ik ze gevouwen en
mijn ogen ten hemel gericht, hopend op een wonder.

  1. Harry Perton (reply)

    29 mei 2016 at 11:52

    Heel Holland overstuur.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vader 28 mei 2016

(Door Ab Klaassens)

De vader van mijn vader heb ik nooit gekend: hij was al  in dronkenschap
van een ladder dood gevallen voordat  ik geboren werd.

Mijn vader moest na vijf jaar lagere school aan het werk om geld te
verdienen voor zijn moeder en zijn jongere zus.

Na diverse baantjes kreeg hij contact met volgelingen van Domela
Nieuwenhuis, de leidsman van een groep socialisten die de anarchie
predikten en een geweldloos verzet tegen het kapitalisme.

In zijn geboorteplaats Groningen werd mijn vader leerling-sigarenmaker
in de eerste  – en laatste – socialistische en anarchistische sigarenfabriek
De Pionier.

pionier

De fabriek ging ten onder aan anarchie en tegenwerking van de
middenstand. Als één van de jongste medewerkers moest mijn vader al
snel zijn biezen pakken waarna  hij – met zijn rode arbeidsverleden –
weinig kans maakte op een betaalde baan in het toen conservatieve Groningen.

Met het weinige dat hij bezat in een kartonnen koffertje fietste hij naar
Amsterdam waar hij  een betrekking vond als knecht van een
wasverzender.

Hij was één van de vele Groningers en Friezen die hun geboortegebied
verlieten om elders een nieuw leven te beginnen. Recentelijk hoorde
ik het PVV-kamerlid De Graaf denigrerend spreken over ‘gelukzoekers’
toen het in een kamerdebat even over vluchtelingen ging.

Gelukzoekers . . . . . .

Ik ben de zoon van een gelukzoeker.

  1. Laurent (reply)

    28 mei 2016 at 16:58

    Mooi ern raak stuk weer, Ab.

  2. Jan Verhoeven (reply)

    28 mei 2016 at 20:29

    Erg mooi stuk Ab, mijn voorouders waren ook gelukzoekers uit Groningen.

  3. Harry Perton (reply)

    28 mei 2016 at 20:57

    Grappig. Ik heb me wel eens verdiept in de Pionier (sigarenmerk: de Zaaier) en daar nog steeds een mapje met documentatie van.

  4. Wieneke (reply)

    29 mei 2016 at 10:25

    Het grote verschil : de gelukszoekers van toen spraken Nederlands en hadden op zijn minst lagere school (want leerplicht) gehad. Bij aankomst in de regio hadden ze werk en konden ze – misschien in aanvang wat moeizaam – gewoon hun eigen broek ophouden.

    Denigrerende opmerkingen zijn absoluut nooit oké, maar ik wil wel graag de zaken nuchter blijven bekijken.

  5. ab klaassens (reply)

    29 mei 2016 at 20:44

    Wieneke: ook mensen zonder school hebben honger en nu vooral dorst. In Afrika heerst
    droogte. De akkers staan droog, Het vee sterft. Nu al proberen duizenden met groot gevaar en
    achterlating van honderden drenkelingen de oversteek naar Europa.
    Het worden er miljoenen. We zullen ze moeten voeden. Ik zie het voor me:
    reikende handen door een muur van prikkeldraad.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Fiets 27 mei 2016

Telefoneren op de fiets wordt misschien strafbaar. Een verbod zou
betekenen dat ik op mijn dagelijkse woon-werkrit per fiets minder
vaak in de remmen hoef.

De lastigste bellers zijn die mensen die je achterop komt en die je
wilt passeren. Gelukkig is elke ervaren fietser getraind in het
herkennen van die bellers.

In de eerste plaats zijn het altijd pubermeisjes.  Ze hebben het
hoofd gebogen. Ze fietsen langzaam en ze slingeren over het
fietspad omdat ze met één hand sturen en geen weet hebben van
hun omgeving.

 Je kunt met je fietsbel bellen als je wilt passeren maar dat is
zinloos. Ze hebben oordoppen in om onnodige prikkels als
toeterende auto’s te weren. Op grote afstand horen ze je dus niet.

Als je belt zodra je ze tot op een paar meter genaderd bent,
schrikken ze. Omdat ze met één hand sturen loop je het risico dat
ze uit balans raken en je wilt als eerbiedwaardige man niet viral
gaan op Instagram terwijl je op het asfalt sterft in een kluwen van
pubermeisje en fiets.

De kunst is om heel snel langs zo’n meisje te fietsen als haar
slingerbeweging vanaf de linkerkant wordt ingezet naar de
rechterkant, dan weet je dat je een paar seconden hebt om er langs
te komen. Ik denk dat Max Verstappen zo zijn vaardigheid heeft
ontwikkeld.

Zo’n verbod is mooi, maar de bedenkers vergeten dat het mobieltje
een verslavende drug is.  Beter is het de fiets van pubermeisjes af te
pakken. Ze zullen het niet eens merken.

  1. Sante (reply)

    27 mei 2016 at 08:58

    Ik heb hier verder geen opmerkingen bij. Ik wil ineens weer dat ik nog durf te fietsen.

  2. Harry Perton (reply)

    27 mei 2016 at 11:55

    Zoals altijd: er moeten eerst dooien vallen.

  3. Ximaar (reply)

    27 mei 2016 at 13:39

    Het is een behoorlijk complex gedoe. Vanwege mijn vrijwilligerswerk voor de regionale fietsersbond probeer ik ook te bekijken en te bedenken wat je hier aan kunt doen. Het begint al met het bellen. Sommigen doen het met een mobieltje aan het oor, maar je ziet steeds vaker mensen in het luchtledige praten. Mobieltje is nergens te bekennen, de dames en heren hebben een oortje in met halverwege het snoertje de microfoon. Dus handsfree. Dat geldt ook voor de professionele moslima die de mobiel in de hoofddoek gekneld tegen het hoofd houden. Het echte probleem zit eerder in de Whatsappers, Twitteraars en Facebookers of mensen die voor navigatie op een schermpje kijken. Dat kan ook te voet of in de auto en in al die gevallen is er weinig zicht op de weg. Ik zie hier vooral besteldiensten rondrijden met een tablet op de bijrijderstoel. Ze lezen daar waarschijnlijk de opdrachte via whatsapp of dergelijke. Een agent in een auto kan dat moeilijk bekijken, behalve dat zo’n chauffeur de hele tijd extreem rechts naar beneden kijkt. En dat doen ze doodleuk op drukke en linke kruisingen. Maar ja het is wel handsfree. Soms zie ik automobilisten de auto aan de kant zetten, omdat ze gebeld worden. Klinkt positief, maar is dat minder als je bedenkt dat een deel zomaar de auto op een stoep zet of op een fietsstrook stopt. Het is niet voor niets dat stoppen of parkeren op een fietsstrook verboden is. De fietsers moeten er dan om heen over de rijbaan en dat levert snel gevaarlijkere situaties op dan handson bellen. Statistisch gezien doen fietsers onder de 60 het met het jaar beter. Per jaar zijn er 5% minder fietsdoden onder de 60 en die trend is al 15 jaar gaande. Daar is ook geen verandering in gekomen toen het gebruik van de GSM t/m de Smartfoon toenam. Er is wel een stijging onder de 60plus fietsers, simpelweg omdat die meer en harder zijn gaan fietsen en brosser zijn. Maar dat zijn juist de mensen die minder met zo’n speeltje in de weer zijn. Die hebben alleen een mobieltje mee voor nood en die zit in een stuurtasje. En als die gaat, dan is het belangrijk en moet alles er voor wijken en zoeken ze zich een slag in de rondte zonder eerst even de fiets aan de kant te zetten, want daar is natuurlijk geen tijd voor. 😉

    Handhaving is overigens niet zo moeilijk. Gewoon de verzekeraar de laatste 10 minuten van het mobielgebruik verstrekken en als daar uit vast te stellen is dat er tot het ongeval actief op een schermpje werd gewreven, dan vervalt de verzekering.

  4. Laurent (reply)

    28 mei 2016 at 17:00

    “…en je wilt als eerbiedwaardige man niet viral
    gaan op Instagram terwijl je op het asfalt sterft in een kluwen van
    pubermeisje en fiets.” hahahaha

  5. Laurent (reply)

    28 mei 2016 at 17:00

    Ik loop tegenwoordig naar mijn werk 🙂

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *