Van kolen naar aardgas naar inductie 25 februari 2018

(door Ab Klaassens)

In mijn jeugdjaren  kon je een wit overhemd niet langer dan een dag dragen
doordat de  boordrand door het stoken met kolen zwart werd. Veel mannen
droegen daarom hemden met losse boorden die ze dagelijks konden
verversen, kinderen werden bij de ochtendlijke wasbeurt extra gecontroleerd
op hun oren, want in de randjes kleefden de zwarte sporen van  de vervuilde
lucht.

Groningen
Stoken met aardgas maakte de lucht schoner en verhoogde in snel tempo de
gemiddelde levensverwachting. Het aardgas raakt op of kan niet meer zonder
verdere schade in Groningen worden gewonnen; de overheid anticipeert al op
een leven zonder aardgas door aanpassing van de bouwvoorschriften voor
nieuwe woningen.

 

 

 

 

In de jaren zestig van de vorige eeuw kookten miljoenen Nederlanders hun
eigenheimers  op  stadsgas, gewonnen uit de kolenmijnen in Limburg of van
ver. Opeens moesten ze hun gasbranders en gasfornuizen laten  verbouwen of
vervangen want het nieuwe gas, het aardgas eiste andere apparatuur.

Inductieplaten
De geschiedenis gaat zich herhalen. De gasgestookte CV, de gashaard, de
gaspitten in de keuken . . . ze zijn binnen enkele jaren geschiedenis. Ga maar
vast oefenen met koken op inductieplaten en zoek op internet naar nu nog
voordelige elektrische vloerverwarming.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vocalies (465) Italiënisches Liederbuch 24 februari 2018

(door Marlies)

Tenor Jonas Kaufmann en sopraan Diana Damrau zijn aan hun triomftocht
door de grote Europese zalen bezig. Ze zingen het Italiënisches Liederbuch
van Hugo Wolf. Vorige week stonden ze in Londen, in de tamelijk sfeerloze
Barbicanhall en ik was erbij; ik mocht de Musico-groep naar Londen
begeleiden. Het was ons laatste concert in een serietje van drie. Het
hoogtepunt voor mijn gasten.

Die gasten  stonden na het concert nog na te genieten op de stoep voor het
Barbican en waren maar moeilijk in een taxi te krijgen (vooral omdat hun
reisleidster heen en weer aan het rennen was tussen de hoek van de straat,
waar de niet bestelde taxi’s reden en de plek vóór het Barbican waar zij
stonden na te genieten en alleen maar bestélde taxi’s af en aan reden).

 

Eenmaal in de taxi genoten we pas écht na en kwamen tot de conclusie dat het
niet heel veel beter kan: zowel Damrau als Kaufmann beheersen het vak en
hebben wereldstemmen. De humor was subtiel en nergens plat. De akoestiek
bijna perfect en de zaal ontvankelijk voor de 46 pareltjes van liederen van
Wolf (op de twee dames vóór mij die het niet begrepen hadden en popcorn
zaten te eten (ja echt…!) en luidruchtig met tassen en papieren zakdoekjes in
de weer waren. Ik verbeet mijn ergernis, ingrijpen zou alleen nog maar meer
herrie veroorzaken…

Wat jammer dat Hugo Wolf knettergek is geworden, kort na zijn veertigste.
Hij had nog zoveel meer prachtigs kunnen schrijven.

De Engelsen, normaal toch zo correct en vriendelijk en prettig gestoord (er
waren mensen die kleine cadeautjes in van die mooie verpakking-zakjes
uitreikten aan de rand van het toneel) bestonden het om begeleidend pianist
Helmut Deutsch over te slaan bij de bloemen.  Keje nagaan: de man moest
álles begeleiden – Kaufmann en Damrau zongen ieder de helft van het
repertoire: het Ialiënisches is een dialoog, geen duet  – en er is niet veel
moeilijker voor een pianist dan Wolf begeleiden. En dan slaan ze ‘m over!
Scandalous, outrageous, boorish, disrespectful … affijn mijn kennis van het
Engels is eigenlijk niet toereikend voor mijn verontwaardiging… verzint u er
zelf vooral nog een paar superlatieven bij…

Daarom een filmpje waarin Kaufmann en Deutsch aan het woord komen over
hun samenwerking. Het is wel een filmpje dat een paar jaar oud is: beiden zijn
ze wat grijzer en gezetter geworden. Zo doen we tenminste hier Helmut
Deutsch wél recht: hij begeleidde fantastisch!

I'm happy to announce there will be a CD 💿 release of Wolf's Italienisches Liederbuch! 🇮🇹📔 My concert with Jonas…

Geplaatst door Diana Damrau op dinsdag 20 februari 2018

 

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Referendum 21 februari 2018

(Door Ab Klaassens)

In het Amsterdamse dagblad Het Parool stond een indrukwekkend interview
met Geert Dales, vele jaren geleden de wethouder die de eerst-
verantwoordelijke was voor het gemeenteraads-besluit tot aanleg van de
noord-zuidmetrolijn in Amsterdam. Het project kostte veel meer dan Dales
had begroot en de aanleg duurde ook veel langer dan voorspeld.

Veel Amsterdammers waren tegen. Ze hebben Dales zo verketterd dat hij er
bijna aan dood is gegaan. Maar dezelfde Amsterdammers zullen blij zijn als ze
de metrolijn kunnen gaan gebruiken. Ze hebben Dales dan allang vergeten.

Zo is het ook de mensen vergaan die de eerste spoorlijn in Nederland wilden
gaan aanleggen. ‘Dat hebben wij helemaal niet nodig’ riepen de mensen ‘want
we doen het al jaren zonder en van zo’n spoorlijn raken onze kippen van de
leg´.

Democratie is mooi, maar je hebt wel voorstellingsvermogen nodig als zich
nieuwe ontwikkelingen voordoen. Zonder fantasie blijft alles bij het oude;
stilstaand water leidt tot bederf.

Directe democratie, bijvoorbeeld via referenda, is mooi maar je hebt er wel
mensen voor nodig die bereid zijn zich in de materie te verdiepen. Als die
mensen niet in voldoende mate aanwezig zijn wordt het referendum een
speeltje van volksmenners als Wilders en Baudet. Daarom zijn Wilders en
Baudet voor referenda.

En ik tegen.

  1. Wieneke (reply)

    22 februari 2018 at 13:07

    De uitslagen van de referenda bevallen de regering niet. Het is ook heel erg lastig allemaal, want je moet natuurlijk wel de moeite doen om de vraagstelling duidelijk te houden en iets van goede informatie over het onderwerp te verschaffen. Nou, dus schaffen ze het gewoon af. Hopla, streep erdoor. Burgers, jullie kunnen het rambam krijgen. Het gaat gewoon wennen.
    Volksraadpleging was wel vanaf het begin én jarenlang een speerpunt van D 66, he? Ik zeg het maar even. Maar goed, democratie is in Nederland zo langzamerhand toch maar gewoon een woord geworden.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Veteranen 21 februari 2018

Een lokale omroep is net een gewoon bedrijf. Het gaat met vallen en opstaan.
Neem nou die ene cameraman, één van de veteranen,  die had bedacht dat hij
zich wil bekwamen in het filmen van voetbalwedstrijden. Daar had hij al wat
ervaring mee.

Deze week belde hij op. Hij had om te oefenen een wedstrijd van een goed
amateurteam gefilmd. Het is te prijzen dat iemand zijn vrije middag opoffert
om te leren. Zeker als je bedenkt dat de man een leeftijd heeft bereikt waarop
veel anderen denken dat ze alles al weten.

Hij vertelde me dat zijn eerste oefening niet goed was uitgepakt. “Kijk”, zei hij,
“ik heb best wel wat voetbalwedstrijden gefilmd, maar dat waren allemaal
veteranen. Als je daarop inzoomde, dan had je tijd genoeg die speler te volgen
voor een goed shot. Maar ja, dit waren goeie, jonge voetballers en op het
moment dat je hebt ingezoomd zijn ze al weer uit beeld”.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Woorden 20 februari 2018

(Door Ab Klaassens)

Absoluut

Absurd

Bizar

Waanzinnig

Krankzinnig

Iconisch

Gefocust

Onwijs

Historisch

Super

Mag ’t een onsje minder?

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Stroomstoring 20 februari 2018

Dat er een stroomstoring was in ons appartementencomplex merkte ik toen er
geen klik was tussen mijn afstandsbediening en de deur van onze
parkeerkelder. Gelukkig stond ik buiten. De bevestiging kreeg ik toen ik door
de ramen van de loopdeur keek en zag dat binnen duisternis heerste.

Boven mij stak een buurman zijn hoofd uit het raam. “Wil je naar binnen”,
vroeg hij. Open deur dacht ik. Dat ging niet lukken, zei hij. Stroomstoring. Hij
had Enexis al gebeld.

Even verderop kwam er een vrouw naar buiten. “We zitten zonder stroom”, zei
ze. “Ik hoor net dat het in heel Nederland is”, voegde ze er vrij kalm aan toe.

Heel Nederland, dacht ik. De Russen. Het is begonnen. Op zo’n moment flitst
er van alles door je heen. Bijvoorbeeld dat ik ruim veertig jaar geleden niet de
aanmeldingsformulieren voor een opleiding bij de Bescherming
Burgerbevolking had moeten terugsturen met alleen de opmerking: Ik heb
geen tijd voor deze flauwekul.

“Er zitten twee kinderen vast in de lift”,  zei de vrouw. ”En een hond”.

Ik parkeerde mijn auto in de wijk en begon de lange beklimming naar ons
appartement. Onderweg keek ik op elke verdieping of daar mensen in paniek
waren en probeerden de opgesloten kinderen en de hond te kalmeren. Want
ja, je bent journalist en je wilt toch het begin van een allesomvattende koude
cyberoorlog klein maken voor het publiek. En wat doet het dan beter dan een
verhaal over een hond die het eerste slachtoffer van die oorlog is. Mensen zijn
gek op dierenverhalen.

Ik zag niemand. Aangekomen op onze eigen verdieping zag ik zelfs de lift
alweer voorbij komen. Verder was het nog helemaal donker. Noodaggregaat,
dacht ik. We zijn dus toch goed voorbereid.

In de hal stond mijn buurvrouw, een jonge moeder. “Er is een stroomstoring”,
zei ze. “En in de koeling ligt alle moedermelk. Als die bederft heeft de kleine
geen eten”. Waarom had ik die verrekte formulieren in 1974 niet gewoon
ingevuld. Nu kon ik niets anders voor haar betekenen dan een oudere
buurman die stamelde: “Meestal duurt zo’n storing niet zo lang”.

“Laten we dat dan maar hopen”,  zei ze.

Een half uur later was er weer stroom. Ik hoorde het aan de pling van de
telefoon van mijn vrouw die ze thuis aan de lader had laten liggen, terwijl ze
zelf op haar werk was. Dat zijn natuurlijk fatale fouten in tijden vol dreiging.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Carmen in Royal Opera House Covent Garden 19 februari 2018

(Door Marlies)

Een spectaculaire Carmen hadden we in Royal Opera House Covent Garden.
Een sensuele, sterk fysieke Carmen ook. Een denderende Carmen, een ballet-
Carmen… affijn, het was zo’n beetje alles wat ik nog nooit in Carmen gezien
had… en ik vond het prachtig!

U merkt het: ik ben terug van mijn Londen-reis met Musico. De vermoeidheid
zit nog een beetje in mijn botten, maar de modus van niet-lullen-maar-
poetsen ook en dus benut ik de tijd tot mijn lijf me écht dwingt tot rust maar
even om dit stukkie te schrijven. Over de andere vocale voorstelling (die met
Jonas Kaufmann en Diana Damrau die het Italiënisches Liederbuch van Hugo
Wolf zongen) kom ik in een later stukkie terug.

De ontvangst van deze Carmen in Londen  was er een van gemengde
gevoelens, zo merkte ik in de dagen vóór de reis. Er was kritiek op ‘zo veel
ballet erin’ (aldus een criticus op enige website en dattie daar niet voor naar
een opera ging, dan ging-ie wel naar ballet…). En er zou te weinig aandacht
zijn voor de zang…

Ik bereidde mijn gasten voor: reken niet op de kroeg van Lilas Pastia op het
toneel en een havendecor, of een stierenvechters-arena, het is een ‘ kale’
voorstelling.

Dat bleek maar gedeeltelijk waar. Inderdaad: er was maar één decorstuk: een
gigantische trap. De rekwisieten bleven beperkt tot een paar ‘handvollen’
bloemblaadjes, een touw en het onvermijdelijke mes, waarmee Don José een
eind aan het leven van Carmen maakt en indirect ook aan zijn eigen leven.

Maar een kale voorstelling was het allerminst. Een geweldig zingend, acterend
en dansend koor hield ons van begin tot eind in de greep. Geweldig strak en
modern ballet pinde ons ademloos op onze stoelen en Maestro Hrusa (die
daags erna een denderende Mahler Vijf dirigeerde, wat een topsport voor die
man, maar dat terzijde) liet zijn orkest geen moment met rust: in hoog en
strak tempo bleef ook het orkest op de toppen van zijn kunnen.

Er werden verbindende teksten uitgesproken via een voice-over van een dame
die een mooi gevoileerd Frans sprak. Ze verdient het hier genoemd te worden:
actrice Claude de Demo.

Diepe buiging voor Carmen, gezongen door Anna Goryachova. Niet alleen
zong ze geweldig, ze danste mee zonder ook maar één pas te missen en er
werd met haar gesleept en gegooid en het ging allemaal geweldig.

Ik ben niet zo’n fan van de rol van Don José, ik vind hem een egoïstische
minkukel, maar dat zit nou eenmaal in de rol gebakken. Tenor Fransceso Meli
is geen groot acteur, maar bleef toch nauwelijks achter bij de rest van de cast.

Ik moest erg lachen met ‘testosteron-bom’ Escamillo en de mannen van het
ballet: ademloos zitten kijken. Fantastisch!

Mon Dieu, wat een avond. We stonden na afloop te suizebollen  in de regen en
kwamen pas in de taxi een beetje tot onszelf.

Ik laad het filmpje op van de Oper Frankfurt. Ik weet het: dat The Royal Opera
geen recht. Maar in dit filmpje legt regisseur Barry Kosky zo mooi uit waarom
hij voor deze aanpak koos.

 

 

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Opera en voetbal 18 februari 2018

Thuis van de wedstrijd PSV-Heerenveen trof ik mijn vrouw aan de
keukentafel. Ze was terug van de operareis naar Londen. De tafel lag vol
bonnetjes en papieren, de administratie van een reisleidster. Er lag ook een
prachtige poster voor op het grote bord waarop ze haar opera trofeeën en  mijn
mooiste foto’s hangt. En er was een kadootje voor mij.

Na de begroeting begon ze meteen te vertellen. Dat is het ritueel nadat ze is
weergekeerd. We zetten ons aan de keukentafel en ze vertelt. Mijn vrouw is
een begenadigd vertelster. Zo goed dat je denkt dat er pas een uur is
verstreken terwijl de wijzers van de klok al vijf kwartier verder zijn. Het is een
familiegave van vaderszijde.

Ze vertelde over een fantastische Carmen die ze had gezien in The Royal
Opera House. Die opera werd gespeeld met op het podium  slechts één
immense trap. Er waren geen andere rekwisieten dan een touw, vertelde ze.

Terwijl ze in het programmaboekje bladerde om haar woorden met foto’s
kracht bij te zetten, greep ik de gelegenheid aan om nog eens na te denken
over die rode kaart voor Hirving Lozano. Terwijl mijn vrouw bladerde gluurde
ik op mijn smartphone om  te kijken wat de meningen over de kaart waren.

Je luistert toch wel, zei mijn vrouw. Ik kan multitasken, zei ik. Nietwaar, zei
ze. Niemand kent mij beter dan mijn vrouw.

De foto’s in het boekje verzekerden mij er van dat het een fantastische
voorstelling geweest moet zijn.

Daarna vertelde ze over het indrukwekkende concert in het Barbican Centre
met Jonas Kaufmann.  Dat is één van de beste tenoren van de wereld en mijn
vrouw was dolgelukkig dat ze hem nu eindelijk live had gezien.

Een soort Messi, dacht ik, maar dat zei ik niet hardop. Ondertussen dacht ik er
aan dat Lozano mogelijk niet mee zou doen tegen Feyenoord en dat de afstand
tussen PSV en Ajax misschien wel zou slinken.

Mijn vrouw vertelde  over de enorme drukte in Londen waar ze met een groep
ouderen haar weg moest vinden. Over de geweldige diners die ze hadden
gehad, het vriendelijke hotelpersoneel, de gezellige gasten.

Het lag voor in mijn mond te zeggen dat de scheids niet deugde en dat ik één
van de meest helse fluitconcerten ooit had gehoord. Maar ik verwachtte niet
dat dat het onderwerp zou kunnen zijn dat onze twee werelden aan elkaar kon
linken.

  1. Wieneke (reply)

    18 februari 2018 at 15:29

    Niets is vervelender dat uitgebreide verhalen over een reis, waar je zelf niet aan hebt deelgenomen. Je krijgt de sfeer niet mee, je kent de mensen niet, je weet niet wat er te lachen viel en en en….. maar ik hoop dat je wel je gezicht een beetje in de plooi hebt gehouden en die gaap netjes hebt verbeten 🙂

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Knaap van twintig 17 februari 2018

Mijn vrouw is in Londen. Ze begeleidt een opera- en concertreis voor Musico.
Dat doet ze vaker, je raakt er aan gewend een onbestorven weduwnaar te zijn.

Ik sprak daar over met een paar van mijn tijdelijke collega’s bij de lokale
omroep. Social talk. Hoe is het met jou? Goed, druk met de studie. En met
jou? Stillekes, mijn vrouw is op reis.

En dan zegt een twintigjarige knaap in het gezelschap: “Hoe doe je dat dan
met eten. Ga je dan al die dagen iets halen?”

“Nou nee”,  zei ik, “ik kook in principe altijd, dus nu ook, alleen kleinere
porties. Vrijdag maak ik gefrituurde inktvisringen met een salade. Alleen als ik
niet op tijd thuis ben kookt mijn vrouw”.

Hij keek me ongelovig aan.

“Ik doe ook altijd de boodschappen”,  zei ik.

“Neeeee”,  zei hij.

Zijn ouders zijn waarschijnlijk iets jonger dan ik. Vermoedelijk geboren in de
jaren zeventig. Hebben zij nooit iets meegekregen van emancipatie of heeft
deze jongeman zijn ouders niet begrepen?

Meisjes van twintig doe me een lol: Google Hedy d’Ancona voor het te laat is.

  1. Harry Perton (reply)

    17 februari 2018 at 12:17

    Lapzwans die nog opgevoed moet worden tot zelfstandigheid.
    Er is een schone taak voor je weggelegd! 🙂

  2. Wieneke (reply)

    17 februari 2018 at 13:37

    Eigenlijk toch wel heel erg sneu, zo’n knul. Maar zijn ma moet ook een zware berisping hebben. Je bewijst echt helemaal niemand een dienst met al die dienstbaarheid. Ik ken (oudere) mannen die nog geen ei kunnen bakken en helemaal hulpeloos naar de chinees of een andere vrouw (familie, hoor, niks aan de hand) rijden als ze eventjes niet verzorgd worden door hun vrouw. Ze mógen niet eens in de keuken komen om eens te proberen om te koken. Toch een vorm van machtsmisbruik?

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Ruud Lubbers 14 februari 2018

Ruud Lubbers is overleden. Ik vond het groot staatsman. Eén keer had het
genoegen hem te interviewen. Dat was halverwege de jaren negentig. Hij was
één van de ondertekenaars van het Brabant Manifest. Een manifest waarin
provinciale en landelijke visionairs een vergezicht schetsen van Brabant in
2050. Het was een radio-interview dat ik later uitschreef. Zijn visie op
Brabant in 2050 is nog steeds actueel. Mijn herinnering.

“Brabant heeft zich sterk geëmancipeerd in het verleden. Ze heeft geleerd een
moderne industriële samenleving te zijn. Vervolgens is de intensieve
landbouw ontstaan. In de tweede helft van deze eeuw ontstond een sterk,
geslaagd Brabant. maar nu gaat het vastlopen: de agrarische sector krijgt

problemen met z’n eigen succes. Ook in de industrie loopt het vast. Wat we
enkele tientallen jaren supermodern vonden is niet meer. We moeten het nu
hebben van informatie- en communicatietechnologie. Dat zijn we nu aan het
leren en we groeien toe naar een nieuw soort samenleving.  En dan zie je het
talent van Brabant om de “wij-houding” te laten varen en zich af te vragen:
hoe staan we als Brabanders eigenlijk in het leven, wat doen we met
modernisering? Maar ook: hoe houden we het leefbaar, hoe houden we de
dingen de moeite waard?”

Brabant als economische macht? “Toen ik jong minister-president was, zei
ik: Nederland is vijftien miljoen mensen en een aardgasbel. Als we naar
2050 kijken zijn er nog steeds mensen, maar zonder aardgas. Wat we wel
hebben is een behoorlijke traditie. Ik had het zojuist over emancipatie. We
hebben nu zelfbewuste, goedopgeleide Brabanders die in staat zijn om
mensen die buiten de boot vallen mee te nemen. Daar ligt de kracht. En de
regio Brabant ligt gunstig. Naar mijn indruk zit Brabant economisch op de
goede toer. De ontwikkeling van de informatie- en communicatietechnologie
gaat razendsnel en ik hoop dat Brabanders daar niet te laat mee zijn. Daar
zijn geen aanwijzingen voor, maar je kunt het beter voor zijn.”

Problemen ziet de oud CDA-leider eerder in de agrarische sector. Een sector
waarmee zijn partij, zeker in Brabant, altijd twee handen op één buik was.
Logisch dat Lubbers daar de waarschuwende vinger heft. “Op agrarisch
gebied hebben we de problemen nog niet onder de knie, we worstelen ermee.
Het zou me heel wat waard zijn als enkele mensen met gezag in de
boerenkring de slag kunnen maken naar de toekomst. Honderd jaren
geleden waren boertjes arm. Enkele mensen richtten coöperaties op, we
kregen de Boerenleenbank. Dat is een geweldig succes geworden, maar dat
was in het begin niet zo duidelijk. Mensen dachten aanvankelijk dat het niks
zou worden. Maar de boeren zijn met zelfvertrouwen en een zekere welvaart
uit de put gekomen. Nu, honderd jaar verder, zitten we weer in de
moeilijkheden. Vooral  door de grenzen die het milieu stelt en door de
schaarste aan grond. Nu moeten we de landbouwproductie zodanig
inrichten dat het houdbaar is. ik geloof niet dat dat moeilijker is dan waar
onze grootouders honderd jaar geleden voor stonden. Toen heeft het veel
inspanning gekost om mensen over de streep te trekken en nu is dat eigenlijk
weer zo. Ik zou zo hopen dat er een vonk komt en dat leiders aan de slag
gaan om weer uit de put te komen. Ik vind het verdrietig dat Den Haag op
dit moment kennelijk moet gaan uitmaken wat een houdbare en gezonde
landbouw is. Met respect voor de politiek, maar dat moet niet daar
uitgemaakt worden, dat moet hier uitgemaakt worden en daar moet je
denkkracht voor ontwikkelen.”

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *