Als Johan Remkes vandaag met de boeren praat dan hoop ik
dat hij de recente Brabantse geschiedenis heeft bestudeerd.

Onlangs schreef ik al dat boeren die vinden dat de overheid
eindelijk eens moet bewegen in het stikstofdossier iets hebben
gemist. Het presenteren van het beruchte kaartje was een
enorme beweging. Weliswaar niet zo goed doordacht, het heeft
in ieder geval iets in beweging gezet.

Nu denkt het kabinet er volgens het Eindhovens Dagblad
over de stikstofdeadline op te schuiven naar 2035, want de
datum is ondergeschikt aan het doel. Waar ken
ik dat toch van?

Van de recente Brabantse geschiedenis.
Al in het eerste decennium van deze eeuw was er – in
ieder geval in Brabant – sprake van dat boerenbedrijven
stikstofuitstoot moesten verminderen. In 2028 moest iedereen
milieuvriendelijke stallen hebben. De boeren kregen toen
een zee van tijd. De boeren met het gezondste verstand gingen
meteen het nieuwe pad op.

Ergens halverwege het tweede decennium vond een
liberaal/links college van Gedeputeerde Staten dat de meerderheid
van de boeren in Brabant niet in beweging was te krijgen.
De druk ging op de ketel, in 2017 werd de deadline vervroegd
naar 2022. 

Onder aanvoering van een door boeren onder druk gezet CDA
begon toen een jarenlange discussie over die datum. Het ene na
het andere college klapte en de datum werd 2024. Ondertussen
had iedereen z’n hoop gevestigd op nieuwe stalsystemen en
andere vernuftige technieken die weinig soelaas boden, met
als dramatisch dieptepunt stalvloeren die zo gevaarlijk bleken
dat boeren bang waren voor ontploffingen.

Boeren die wel het belang van stikstofvermindering inzagen
gingen stug door op het pad naar de nieuwe tijd. (Het valt me
op dat juist die boeren nu in de media die ik serieus neem
veel aandacht krijgen, ook een manier van stelling nemen).
Anderen haalden de tractoren uit de loods om te protesteren.

Voor mij is de Brabantse geschiedenis een leermoment.
Een deadline is een politiek dingetje, dat door partijen wordt
gebruikt om het eigen hachje te redden. Het CDA voorop. Zo’n
deadline op zich betekent niks. De enig datum die telt is die
van vandaag, waarop je moet beginnen met het terugdringen
van de uitstoot. 

Dus als ik zo’n compromis lees denk ik: OK en nu door . . .
Mijn ervaring in de Brabantse politiek de afgelopen jaren is dat
boeren (de radicale minderheid uitgezonderd) best om willen
schakelen. Als ze maar van die moordende deadline af zijn.
Noodgedwongen lopen ze al aan de leiband van de Rabobank
en veevoederbedrijven. De overheid moet niet het allerlaatste
druppeltje in de melkemmer doen.. Als Johan Remkes de
boeren mee kan krijgen door ze tijd te laten kopen en ze het
gevoel te geven dat ze baas zijn over hun laatste greintje
vrijbuitersgevoel dan is dat helemaal niet erg.

Van Brabant hebben we geleerd dat je dan wel samen met
de boeren nauwgezet aan de voortgang van het proces moet
werken. Als je ook landelijk de boel jaren laat waaien, het CDA
en de boeren eindeloos laat discussiëren over deadlines en
blijft wachten op technische ontwikkelingen, dan voorspel ik
dat over een paar jaar er nog steeds geen beweging in zit.

, ,

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.