Op zoek naar een geile bosuil 6 januari 2019

We trokken met een groepje vogelaars het donkere bos in op zoek
naar bosuilen. Zie je in het donker dan bosuilen? Nee natuurlijk niet want
wij zijn geen uilen. Als je geluk hebt zit er eentje pal boven je hoofd en kun
je hem vangen in de straal van een sterke zaklamp. Dat geluk zouden wij de
hele avond niet hebben.

Het ging ons  om het geluid. Voor bosuilen is het broedtijd en dan laten ze
zich horen. Nou ja, daar moet je ze wel toe verleiden.

Voor die verleiding heb je een app op je mobiele telefoon waarmee je het
geluid van een bosuil kunt laten horen. Om er voor te zorgen dat ze je echt
horen hang je een speakertje aan je telefoon. Je laat de bosuil klinken en
wacht op antwoord. Dat duurt zo’n drie tot vijf minuten. Aan het eind van de
tocht kun je met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid zeggen
hoeveel bosuilenparen er in dat bos wonen. Wij kwamen tot drie, maar omdat
vogelaars precieze mensen zijn waren het er volgens enkelen twee en één
solitair mannetje.

De eerste keer was het meteen raak. Binnen een paar minuten hoorden we een
mannetje dat op bewonderenswaardig knappe wijze het geluid van de app
imiteerde. Vervolgens klonk ook het vrouwtje. Daarna hoor je dat mannetje
op verschillende plekken omdat hij zich verplaatst en zo het  territorium
rond zijn toekomstige gezin afbakent.

“Mooi dat je nu zo duidelijk het geluid hoort dat bij de broedtijd hoort”,  zei
één van de vrouwelijke vogelaars. “Het is typisch zo’n geluid van . . . ja hoe
moet ik dat zeggen. Nou  ja, je weet wel: een hoogtepunt”.

Waarop één van de andere vrouwen voor de nieuwkomers in de groep uitlegde
waarnaar wij luisterden: “Die bosuil is geil”.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Vogelaars 14 april 2016

De afgelopen twee weken was ik vrij. Behalve vier dagen
met mijn lief op Texel heb ik bijna alle dagen in mijn eentje
door de natuur gezworven. Ik probeer een vogelaar te
worden. Het heeft me gegrepen.

Vogelaars zijn mensen, zo heb ik tijdens mijn ontmoetingen
met andere gepassioneerden gemerkt, die het liefst
alleen of met gelijkgestemden zijn. Je hobby uitoefenen met
iemand die niks met vogels heeft, heeft geen zin. Hoewel ik
moet zeggen dat Marlies op Texel enig enthousiasme
tentoon spreidde als er bergeenden in beeld kwamen. Zij
houdt erg van bergen.

De eerste vraag die vogelaars elkaar stellen is:  heb je iets
bijzonders gezien. Ik hou me een beetje op de vlakte want ik
ben nog bang dat wat ik bijzonder vind, voor een ervaren
vogelaar geen reden is zijn telescoop uit te pakken. Mijn tijd
komt nog wel.

Hoewel vogelaars dus het liefst alleen of met andere
vogelaars op pad gaan, zijn het geen in zichzelf gekeerde types.
Integendeel, ze kletsen honderd uit. Over vogels.

Sterker nog het schept banden merkte ik gisteren. Ik raakte
in de Biesbosch aan de praat met twee vrouwen, ik denk
een moeder en een dochter. Ze vertelden dat ze in Nijmegen
woonden. De vrouw die ik de rol van dochter gaf vertelde
me dat ze een bijzondere ervaring had. Ik dacht dat ze de
zeearend had gezien, meer nee, ze was die dag iemand
tegen gekomen die ze vagelijk kende als een achterbuurman.

Ze woonden al jaren op een steenworp afstand van elkaar
maar hadden nooit meer dan goedemorgen en goedemiddag
gewisseld.

Nu waren ze (honderd kilometer van huis) in gesprek geraakt
en hadden ze ontdekt dat ze dezelfde passie hadden.
Volgende week gaan ze bij elkaar op de koffie.

  1. Harry Perton (reply)

    15 april 2016 at 16:29

    Het zijn bijzondere mensen, vogelaars. En dat zijn ze. 🙂

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.