Ik ben niet wat je noemt een gezelligerd. Niet iemand waarmee
je ’s avonds aan de bar een potje slap kunt lullen. Ik voel me
heel senang aan de bar, maar ik wil het wel  graag hebben
over dingen die er voor mij toe doen. Da’s niet altijd gezellig in
een dranklokaal.

Ik vraag me soms af wat gezellig is en weet dan dat dat voor
elk mens iets anders is. Ik heb een gezellige avond gehad als ik
met vrienden lekker heb gegeten en serieuze gesprekken heb
gehad en heb gelachen om grappen die niet plat zijn.

Andere mensen hebben een gezellige avond gehad als ze in
een beukende kroeg uren tegen mensen hebben staan
aankletsen zonder verstaanbaar te zijn geweest.

Er zijn ook mensen die het heel gezellig vinden om een dag
op een braderie te lopen, voortgestuwd door andere
gezelligerds.  Dat zijn de mensen die per definitie elke
mensenmassa gezellig vinden. Ik moet er niet aan denken.

Ik dacht daar over na terwijl ik op de fiets door de stad ging.
De kortste weg van mijn huis naar mijn werk gaat over de
Kruisstraat en de aansluitende Woenselse Markt. Ik noem dat
in gedachten altijd Klein Instanbul.

In een niet-officieel onderzoek is dat de gevaarlijkste plek voor
fietsers. Het is er druk, de automobilisten hebben vermoedelijk
zelf nooit gefietst en claimen met hun statusverhogende Beierse
bolides alle beschikbare ruimte.

Toch fiets ik er graag, want het is het gezelligste stukje van
de route. Geen idee waarom.

, , ,

  1. Groninganus (reply)

    14 juni 2016 at 10:55

    Herken me sterk in de eerste twee alinea’s!

  2. Irene (reply)

    16 juni 2016 at 14:29

    Welkom bij de club.

  3. ab klaassens (reply)

    16 juni 2016 at 21:31

    Bij deze polonaise doe ik mee

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.