Daan Roosegaarde 24 februari 2016

Journalisten zijn eigenlijk saaie mensen. Zodra iemand z’n kop boven het
maaiveld uitsteekt maken ze een zwaaiende beweging met hun
vlijmscherpe zeis. Hup, kop eraf.

De afgelopen weken zag ik er weer wat voorbeelden van. Twan Huys werd
in sommige media neergesabeld omdat hij een Nederlandse versie van
Correspondence Dinner had georganiseerd. Als ik de media mag geloven
was ik de enige journalist die wel had gelachen om minister-president
Mark Rutte.

De zuurgraad steeg vooral toen het ging om de vraag of je als journalist
tegen betaling mag aanschuiven bij zo’n diner. Journalisten nemen elkaar
graag de maat. Als je niet gaat omdat je bang bent voor
belangenverstrengeling, heb je weinig zelfvertrouwen.

Twan Huys probeerde iets en hij werd onderuit geschoffeld.

Vrijdag sabelde hij zelf in College Tour Daan Roosegaarde
neer. Daan is een buitengewoon inspirerende ontwerper. Hij geeft
praktische dingen een fraai uiterlijk. Uiteindelijk lag in de uitzending
het accent op het feit dat Roosegaarde vooral uitvindingen van anderen
aan de man brengt.

Ik zag een meneer van de TU/Delft die vertelde dat de toren waarmee smog
uit de lucht gezogen wordt en waarmee Daan goede sier maakt, eigenlijk
een uitvinding is van de universiteit. Dan denk ik: ja, en? Waarom zat
jij dan niet bij De Wereld Draait Door? Je kunt nog zulke mooie dingen
maken maar als je niet een inspirator hebt als Daan Roosegaarde die ze
aan de man brengt, kom je nooit van je zolderkamertje af.

Neelie Kroes zat dinsdagavond bij DWDD. Ze was met Mark Rutte naar
Silicon Valley geweest. Daar had ze hem voorgesteld aan Tim Cook van
Apple. Het was Tim voor en Tim na. Tim dit en Tim dat. En Mark voor
en Mark na.

En ze waren bij Travis geweest de topman van Uber. “Is Travis
een voor- of een achternaam”? vroeg Van Nieuwkerk vilein. “Een voornaam”,
zei Neelie lichtelijk verbaasd. Zij doet alleen in voornamen. “Dat weet
ik toch niet, ik ken die man niet”, zei Matthijs.

Blijkbaar vond hij het allemaal wat te klef en moest er aan de noodrem
worden getrokken. Aanvankelijk dacht ik ook: mevrouw Kroes, kan het
allemaal ietsje minder. Maar later dacht ik: Nee, laat dat ouwe wijf maar
schuiven. Op haar leeftijd is ze net als Daan inspirerender dan al die
zuurpruimen met hun zeisen.

  1. Wieneke (reply)

    24 februari 2016 at 09:53

    Het is allemaal zo voorspelbaar en dus eigenlijk ook zo vervelend. Zo heel af en toe zit er een goed interview tussen – ik noem een Koen Verbraak – maar dat valt dan ook meteen op. De rest vind ik meestal goedkoop, rellerig en vaak ontzettend onbehoorlijk gedaan op het respectloze af. Ik moet altijd denken aan de keer dat ik domdomdom meeging om op makrelen te vissen. Vreselijke toestand, maar soms ben je – als je jong bent – ineens ergens waar je niet wilt zijn. Makrelen zijn roofvissen en ze komen af op alles wat beweegt in het water. Wij visten met een soort van vogelveertjes aan de haken. Sommige journalisten zijn precies makrelen. Als ze denken dat er een rel in zit dan vliegen ze erop af.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Tennis 24 februari 2016

(Door Ab Klaassens)

Een morsige generatiegenoot pakte mij in de super bij de revers en vroeg
waarom tennissers met één klap op vijftien-nul kunnen staan terwijl een
eenvoudige  voetballer zich de kloten van het lijf moet hollen om 1-0 op het
scorebord te krijgen.

“Dat komt doordat heel lang geleden de puntentelling bij het tennis is
ontstaan doordat ze toen om geld speelden….”

“Omdat ze toen om geld speelden….” schaterde de oude sardonisch…omdat ze
toen om geld speelden….heb je met die klotekop van jou niet in de gaten dat
die lui in een kwartiertje rammen evenveel beuren als ik in een heel jaar?”

Ik probeerde hem te vertellen dat de puntentelling bij het tennis vermoedelijk
is ontstaan doordat Fransen bij deze sport om een paar franc speelden . Een
franc was zestig centimes, een treffer leverde vijftien centimes op , twee dertig
en drie – oorspronkelijk 45, maar dat is latervervaagd tot veertig. En daardoor
de telling: 15-0, 30-0 en 40-0.

“Het zal wel”, zei de oude, “is er hier in de buurt nog iets waar we samen een
biertje kunnen drinken?

  1. Marlies (reply)

    24 februari 2016 at 08:19

    Ik heb altijd gedacht dat die tennis-getallen stamden van het gewicht van (kanons)kogels, die om het tellen te helpen apart werden gelegd… Broodje aap?

  2. ab klaassens (reply)

    24 februari 2016 at 13:27

    Lang geleden gaf ene doctor Van Swol commentaar bij radioverslagen van
    tennistoernooien. Het tennis was toen zo traag dat de commentator tussen
    twee slagen door college kon geven over spelregels en puntentelling. Van hem
    heb ik toen dat verhaal over de telling gehoord, maar het staat inmiddels in Wikipedia.
    En dat ‘love’ voor de nul? Dat is eigenlijk ‘het ei’, maar dan op z’n Frans: l’oeuf.

  3. Laurent (reply)

    24 februari 2016 at 19:04

    Verdomd, ik vraag mij dat al jáááren af waar die telling bij het tennis vandaan komt. dat Love voor l’oeuf had ik wel al eens gehoord.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

MBO 20 februari 2016

Minister Bussemaker wil lessen “kritisch denken” op het MBO. Dat
is nodig omdat docenten de leerlingen soms dingen horen roepen
waar hun oren van klapperen.

Ik zat vorige week in de trein met een groep – naar ik uit het gesprek
opmaakte – Utrechtse studenten. Ik durf hier niet op te schrijven hoe
zij over chickies spraken. Noch zal ik hier onthullen hoe door het
HBO gevormde journalisten soms over hun publiek praten.

Het gaat hier tenslotte over het MBO, de ruggengraat van onze samen-
leving. De mensen die de verwarmingsketel repareren als een universitair
geschoolde bral-aap hen daartoe op hoge toon heeft ontboden.

In een artikel op de website van NOS over deze kwestie legt een
docente uit Den Bosch (bij vriend en vijand bekend als de stad van de
grootste bekken) uit waarom die lessen burgerschapskunde nodig
zijn. Zij houdt namelijk haar hart vast als die MBO’ers met die
extreme gedachten straks beveiliger of politie-agent zijn. Daarin staat
ze niet alleen.

De betreffende lerares trekt wel meteen het boetekleed aan, want zij
heeft wel eens fouten gemaakt. Leest u mee: “Toen een leerling zei dat je
vrouwen niet de hand hoeft te schudden zei ik: ‘Dat doen we hier
wel, punt’. Daarmee doodde ik de discussie. Je moet altijd de communicatie
openhouden, anders raak je ze kwijt.”

Dan denk ik: hoe komt zo’n leerling er bij dat je vrouwen geen hand hoeft te
geven. Dat heeft ie thuis geleerd. Daar begint dus het probleem. En hoe denkt
deze mevrouw de discussie open te houden met iemand die zo gehersenspoeld is?

Dat wordt een gebed zonder eind. Ik ben erg voor lessen burgerschapskunde
op elke school, maar ik ben ook erg tegen pappen en nathouden.

  1. ab klaassens (reply)

    20 februari 2016 at 21:23

    Nog niet zo lang geleden haalden boeren op de noordwest-Veluwe op zaterdagavond
    de haan uit het kippenhok en keerden zij de spiegel in hun huizen om. Op de dag des Heeren geen
    geneuk en ijdelheid. Dat geen handen geven aan vrouwen door moslimjongens behoort tot
    dezelfde categorie van rariteiten die je bij elke religieuze stroming aantreft. Het geloof heeft
    niet alle mensen verlost van oude gewoonten.

  2. Wieneke (reply)

    22 februari 2016 at 09:22

    Ik kan nog altijd niet begrijpen, dat jonge mensen met die achtergrond niet de kansen op het gebied van onderwijs grijpen, die ze hier krijgen. Het is onderdehand toch wel de derde generatie nieuwkomers. Pak hier lekker het onderwijs, leer een goed vak en ga dan terug naar je eigen cultuur om in Marokko of Turkije een goed leven te hebben met gelijkgestemden. Hun toekomst hier is zo alleen maar een uitkerinkje of de misdaad.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vocalies (396) Meryl Streep 20 februari 2016

(Door Marlies)

Leuke berichten die ik oppik via facebook:

Allereerst: ik heb van de week weer een nieuwe podcast op mijn eigen website
gezet  en de 200ste opgenomen. Het duurt nog even voor we daar aan toe zijn,
maar ik maak u alvast warm voor die uitzending, die ik alleen voor Vocalies
gemaakt heb.

Meryl Streep gaat de hoofdrol spelen in een film over het fenomeen uit de
twintigste eeuw: Florence Foster Jenkins. Iedereen die iets verder ingewijd is
in de operazang heeft ooit van haar gehoord. FFJ leefde van 1868 tot 1944 en
kon niet zingen. Dat deerde haar absoluut niet: ze was schathemeltje rijk en
kon het zich veroorloven een orkest in te huren om haar te begeleiden.

Method-actrice als Streep is, zal het haar goed afgaan. Oh, wat lijkt het me
heerlijk: onbesnut kwelen en kraaienvals zingen op commando. Ben benieuwd
of ze zelf een en ander inzingt, een stand-inn gaat gebruiken of ouwe opnamen
van FFJ zelf gaat hanteren. In de trailer van de film houden ze dat (nog)
uiterst geraffineerd geheim) Van het feit dat Hugh Grant haar manager gaat
spelen ga ik alleen nog maar harder kwispelen….

Ik schreef al eens over FFJ. Klik hier als u dat stukkie nog eens wil lezen en
hieronder is de trailer van de film.

En dan is er nog een vocaal nieuwtje, maar niet meer heel nieuw: de Reisopera
zingt Mozart’s juweeltje ‘Cosí fan tutte’ in een aantal grotere Nederlandse
steden.  Om meerdere redenen een van mijn favorieten: opgewekt verhaal,
heerlijk rol-bevestigend mannen- en vrouwen-gedoe, fantastische muziek! Ga
kijken als u kunt: het kan nog tot  en met 19 maart.

Ook hier de trailer, die niet heel veel van de zang verraadt, maar wel laat zien
dat er moderne ensceneringen zijn die zeer pruimbaar zijn (‘munne god, wat
een zootje op dat toneel’, was mijn eerste grinnikende reactie…).

 

 

 

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Politiek 20 februari 2016

(Door Ab Klaassens)

Bij de eerstvolgende verkiezingen stem ik op een politicus of politica die zegt:

  • het is onze plicht mensen in nood op te vangen
  • daardoor moeten Nederlandse woningzoekenden langer op een huurhuis wachten.
  • daardoor stijgt onze zorgpremie
  • daardoor pakken nieuwkomers onze banen weg
  • daardoor importeren we vreemde gedachten over homoseksualiteit
  • daardoor  moeten we wennen aan onderdrukking van de vrouw.

De politicus of politica die al die bezwaren durft aanvaarden – en bestrijden –
is voor mij eerste keus.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

V&D 18 februari 2016

De jonge journalisten om mij heen willen verhalen maken over
het gesneuvelde warenhuisconcern V&D. Dat moeten menselijke
verhalen zijn, dat spreekt voor zich.

Menselijke verhalen betekent vooral huilende medewerkers. Maar
omdat die slachtoffers van jarenlang tekortschieten van managers
niet zo makkelijk praten, zijn herinneringen van klanten een goede
tweede. Herinneringen aan vroeger, aan het nostalgische V&D.
Verhalen met een hoog ach gut-gehalte. Verhalen over trappen,
over liften.

Die verhalen scoren goed, dus ik begrijp wel waarom ze gemaakt
worden. Wat ik niet begrijp is de weemoed die sommige collega’s
van nog geen dertig voelen. Ze zijn vermoedelijk zelden of nooit in
het warenhuis van hun verdriet geweest. Ze hadden er namelijk
helemaal niets te zoeken.

Zelfs voor mensen van mijn generatie was de drempel zo
langzamerhand te hoog geworden. Neemt niet weg dat ik herinneringen
koester aan V&D. Maar dat doe ik ook aan de eerste Renault
Dauphine van mijn vader. Die auto ligt al veertig jaar op de schroothoop.

Het is triest voor de medewerkers, maar V&D heeft gewoon de
boot gemist en staat met lege handen op de wallenkant. Eigenlijk wel
vreemd dat mensen met de oudste herinneringen aan de trots van
nering doend Nederland daar nuchter over zijn terwijl zoveel jonge
collega’s zwelgen in nostalgie die ze helemaal niet kennen.

  1. Wieneke (reply)

    18 februari 2016 at 09:44

    De ouderen huilen en praten niet zo snel over hun emoties, hoor. De jongeren snikken wat af tegenwoordig. Vooral de mannen. Het zijn wel heel kortdurende emoties. Laten we zeggen: zolang de camera loopt….

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Voorrang 18 februari 2016

(Door Ab Klaassens)

In 1939, toen ik voor het eerst naar school ging, was een Nederlander op
een fiets – volgens de  verkeersregels – net zo belangrijk als een Nederlander
in een auto. Op een kruispunt van gelijkwaardige wegen had alle van rechts
komend verkeer voorrang: Arie, de schillenboer met zijn paard, Jan Lul op
zijn ezel en Kees opzijn stalen ros .

Toen ik opging voor het tweede leerjaar was deze voorrangsregel voor het
langzame verkeer verdwenen. De Duitse bezetter met al zijn voertuigen miste
het geduld om bij kruispunten te remmen voor de eenzame fietser in de
polder of voor de horden tweewieltrappers in de stad.

De Nederlandse wetgever nam ruim de tijd om de maatregel van de bezetter
terug te draaien. In mei 2001 was de oude regel weer geldig: Arie met z’n
paard, Jan Lul met z’n ezel en Kees met z’n stalen ros mochten, als ze van
rechts kwamen,  weer het eerst het kruispunt op bij gelijkwaardigheid van
wegen.

Vijftien jaar later is dit nog steeds niet doorgedrongen tot de botte koppen van
de autodebielen en – erger nog – ook niet tot de fietsers zelf. De ongeschreven
regel is nu: waar je ook rijdt, op een voorrangsweg of niet,  voorrang heeft
degene die het hardst rijdt, de grootste auto heeft, de dikste  scooter, de
snelste E-bike  en de grootste bek.

En de politie dan?

De politie vergadert over uw zorgen.

  1. Wieneke (reply)

    18 februari 2016 at 09:42

    Politie? Wat is dat? 🙁

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

PX10 16 februari 2016

PX10. Het was een paar maanden geleden dat ik er van hoorde. PX10 is
een schoonmaakmiddel dat wordt gebruikt om geweren te reinigen.
Het bevatte vroeger benzeen en dat is heel slecht voor je gezondheid.
Het leger was grootafnemer en nu klagen militairen dat zij door
het veelvuldig gebruik van PX10 gezondheidsklachten hebben.

Ik hoorde er een paar maanden geleden van omdat mijn broertje had
ontdekt dat zijn klachten algemeen waren onder de Unifilers die net
als hij maanden in Libanon waren gelegerd. Mijn broer was daar
verantwoordelijk voor het schiettuig en had veel met PX10 gewerkt.

Hij vertelde me dat hij eigenlijk nooit naar reünies van zijn toenmalige
maten ging. Te veel psychotraumatische verhalen waar hij nooit last van
heeft gehad.

Totdat de PX10 verhalen opdoken. Hij was zich rot geschrokken vertelde
hij want op een bijeenkomst met oud-militairen bleek dat een deel van
zijn maten overleden was aan leukemie en dat een deel nog met die
ziekte kampte. Mijn broertje is genezen van een vorm van leukemie maar
heeft als gevolg van de bestralingen soms hartklachten.

Op die bijeenkomst vielen hem de schellen van de ogen. Inmiddels hebben
de Unifilers zich verenigd en klagen ze defensie aan. Een moeilijke zaak.
Net als bij stoflongen, asbest, verf en andere troep moet je vaststellen
dat je met de kennis van nu verwijten kunt maken aan bedrijven en
organisaties die die kennis tientallen jaren geleden niet hadden.

Defensie is al helemaal niet scheutig met excuses of vergoedingen. Het
is een vechtorganisatie waarbij slachtoffers een bedrijfsrisico zijn. Maar
als je iemand in de familie hebt over wie je je al een paar keer in je
leven grote zorgen hebt gemaakt, kijk je opeens heel anders tegen zo’n
kwestie aan.

We lopen de deur niet plat bij elkaar, maar het blijft toch die kleine. Die
bovendien in het leger moest omdat ik als oudste met kunst en vliegwerk
onder die flauwekul uit kwam. Maar daar hoefde ik me niet schuldig over te
voelen, zei hij.

  1. Piet (reply)

    17 februari 2016 at 12:08

    Van asbest wisten ze al tien jaar eerder al dat het schadelijk was omdat het in buurtlanden verboden was en hier nog tien jaar is toegestaan. Maar ook daarvoor neemt de (r)overheid geen verantwoording.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Willie Dille 14 februari 2016

Toen ik jong was waren de gemeenteraadsleden van wier uitspraken
ik kritisch doch respectvol verslag deed mannen van statuur. Mannen,
want het was jaren zeventig Barneveld.

Vooral ook mannen in keurige pakken, de meesten zwart. De pakken,
niet de mannen zelf.

Ze spraken keurig en er viel nooit een onvertogen woord. Zelfs de
socialisten gebruikten woorden waar niemand aanstoot aan kon nemen.
De enige woorden waar wij onze wenkbrauwen bij fronsten tekenden
we regelmatig op uit de mond van een gereformeerde broeder die
steevast sprak over finanse situujasie.

Sterk verruwd
Het taalgebruik is veranderd, sterk verruwd. Deze week werd de
PvdA-voorzitter in Katwijk afgeserveerd  nadat hij Geert Wilders een
hartaanval had toegewenst.

Niet alleen is zijn gedrag onbeschoft, hij brengt ook grote schade toe
aan al die mensen die proberen Wilders op een correcte manier
tegengas te geven. Zo’n man maakt veel meer kapot dan alleen zijn
eigen politieke loopbaan.

Discriminatie
PVV’ers hebben patent op teksten waar mijn maag van omdraait. In het
AD lees ik dat Het Bureau Discriminatiezaken aangiften voorbereidt
tegen PVV-raadslid Willie Dille. Zij stelde dat ‘de islam mag worden
weggevaagd’. Ze deelde op Facebook een filmpje van een ontploffende
atoombom, vermoedelijk om alle twijfels over haar woorden weg
te nemen.

De PvdA-man en de PVV-vrouw zorgen er voor dat de afkeer van de
politiek alleen maar groter wordt. Je vraagt je af met welk doel zij zich
ooit bij een politieke partij hebben aangesloten? Je steekt een hoop
tijd en energie in zo’n functie naar ik mag aannemen om de (finanse)
situujasie van mensen te verbeteren. Niet om andersdenkenden dood te
wensen.

Op zulke momenten verlang ik terug naar de omgangsvormen van vroeger.
Maar ja dat is wel riskant want voor je het weet word je via de
social media uitgescholden voor ouderwetse klootzak. Of iemand
gaat mij nadragen dat ik mij nu zelf schuldig maak aan niet zulk fraai
taalgebruik is. Daarom geef ik alvast de enige politieke reactie die door
de eeuwen heen constant is gebleven: sorry.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Denk om de kinderen 13 februari 2016

(Door Ab Klaassens)

Op 25 januari vierde mijn vader zijn verjaardag; liever gezegd: de familie
vierde de verjaardag van mijn vader want hijzelf vond verjaardag vieren
flauwekul.

Maar elk jaar sloeg hij zich manmoedig door de gebeurtenis heen, mede
getroost door de  dozen sigaren en flessen jenever die de ooms en tantes,
neven en nichten, alsmede naaste buren kwamen aandragen.

(Veertien dagen later vierde mijn moeder haar verjaardag, samen met
dezelfde ooms en tantes, neven en nichten en naaste buren. Zij werd
getrakteerd op nuttig gereedschap voor het huishouden).

De beide verjaardagvieringen werden, jaar in jaar uit, gevierd volgens
hetzelfde ritueel. In de namiddag bracht een medewerker van een
banketbakker een houten doos met gebakjes. Om acht uur serveerde mijn
moeder koffie met het gebak en om half negen volgde nog een rondje koffie
met een koekje.

Tijd voor de alcoholica
Daarna was het tijd voor de alcoholica: zelf gemaakte advocaat voor de
vrouwen en jenever voor de mannen. Dat was ook het tijdstip waarop tante
Dien (gitaar) en ome Jan (mandoline) hun instrumenten in stelling brachten
voor  de begeleiding van samenzang in een kring. Dat gebeurde dan met
stimulerende voorzang van oom Henry die ooit, verkleed als matroos, in een
koor van een revue met Snip en Snap had mee gezongen. Soms begon hij aan
een lied dat niemand kende, maar de visite liet hem vol begrip zijn a capella
voltooien, beseffend dat ook een miskend talent gehoor verdient.

Na het tweede rondje alcoholica werd de sfeer zo uitbundig  dat tante Dien
haar repertoire van gewaagde liedjes durfde aanspreken. Dat ging dan
bijvoorbeeld over een boer uit Lutjebroek: ”…ging graag bij dames op bezoek,
hield veel van jool en pret, ging nooit alleen naar bed…”.

‘Denk om de kinderen’
Dat was moment waarop mijn moeder ‘denk om de kinderen’ begon te roepen.
Mijn zus – ruim twee jaar jonger dan ik – zat dan met rode konen tussen de
tantes en ik zat, alle ouderen minachtend, verstopt in een hoekje boeken te
lezen die ik nog niet begreep.

Als we naar bed waren gedirigeerd bleven we oorgetuige van het feest en
minachtte ik de grote mensen nog meer om hun wezenloos gelul dan ik eerder
al deed en nu weer doe bij het gelul van jongeren op radio, TV en in het
parlement. Net als mijn moeder roep ik: “Denk om de kinderen.”

Maar ze willen mij niet horen.

 

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *