Johannes de Doper 23 december 2015

Het meest intrigerende van een religie vind ik dat mensen in een Opperwezen
geloven dat nog nooit door iemand is gezien. Dat mensen geloven in profeten
waarover verhalen zijn geschreven door mensen die bevooroordeelde
volgelingen waren.

Binnen de Rooms-Katholieke kerk vind ik de rituelen en de pracht en de praal
altijd indrukwekkend. In de protestantse kerk waar ik een aantal jaren toe
behoorde was schraalhans keukenmeester.

Natuurlijk heb ik mij als protestant altijd afgevraagd of die roemsen hun geld
niet beter aan de armen konden geven, maar van binnen voelde ik altijd een
zekere emotie als ik een processie zag. En laten we wel zijn, die kerk heeft ook
prachtige kunst voorgebracht, die wij nog dagelijks in indrukwekkende
kathedralen kunnen bewonderen.

Het enige dat ik echt nooit serieus heb genomen zijn de relikwieën. Ik ben in
meerdere kerken geweest waar ze stukjes van het kruis van Christus dan wel
botten van heiligen bewaarden. Meestal in schrijnen waarvoor de gelovigen
dan in aanbidding neer knielden. Wat ik lachwekkend vond, want ik geloof
heilig dat hier sprake is van een eeuwenoude volksmisleiding.

Nu lees ik dat ze bepaalde botten die in Bulgarije werden gevonden door een
deeltjesversneller willen halen om te onderzoeken of ze werkelijk van
Johannes de Doper waren. De wetenschap kan vaststellen of de botten uit de
tijd stammen dat Johannes leefde. Maar ik lees nergens dat ze dan ook
kunnen vaststellen of ze van hem zijn en niet van de buurman, die
schaapsherder was of zo.

Ik betreur zo’n onderzoek. Als blijkt dat die botten uit een andere tijd
stammen ontneem je de kerk één van zijn charmes, hoewel echte gelovigen
een wetenschapper natuurlijk nooit zullen geloven.

“Ons eerste doel is niet direct om te zeggen of iets een mythe is, of de
waarheid,” aldus één van de onderzoekers. Hij had een prediker kunnen zijn.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.