Gambia 20 januari 2017

Tot voor een paar jaar geleden was Gambia ons favoriete land om de winter te breken. Altijd mooi weer en
aardige mensen.

Tot een paar geleden de reisorganisatie de reis cancelde vanwege ebola. Er was één geval van ebola in Gambia.
Ik had het wel aangedurfd maar veel Nederlanders hadden hun reis geannuleerd en nu loonde het niet de
moeite een vliegtuig die kant op te sturen.

We gingen naar Curaçao. Ondertussen bereikten ons steeds vaker onheilspellende berichten vanuit Gambia.
Door die vrees voor ebola bleven de toeristen weg en dat leidde er toe dat een groot deel van de inkomsten
van het land weg viel. Steeds meer Gambianen vertrokken uit het land.

Vorig jaar besloten we niet meer naar dat West-Afrikaanse land te gaan. De uitstroom hield aan. President
Yayah Jammeh had het land ondertussen officieel uitgeroepen tot een Islamitisch land en hij trok zijn land
terug uit het Internationaal Strafhof. Tekenen genoeg om te begrijpen dat dé slogan van het land
“No problems in The Gambia” achterhaald was.
Een paar maanden geleden waren er verkiezingen. Yahya Jammeh weigert zijn opvolger de toegang tot zijn
verblijf, dat niet veel meer is dan een grote villa. Nu dreigen omliggende landen binnen te vallen. Zo’n
zestienhonderd Nederlanders zijn deze week uit voorzorg geëvacueerd. Ik vraag me af of zij de laatste maanden
de media hebben gevolgd. Toen er één geval van ebola was haakten de toeristen massaal af. Een dreiging van
een gewapend conflict, dat toch echt al even in de lucht hing, is blijkbaar geen reden om voor een andere
bestemming te kiezen.

Jammer dat het zo gaat. Gambia is een fijn land dat zo ten gronde wordt gericht. Wie er is heeft altijd veel
vrienden, die allemaal iets van je willen, maar die ook best iets willen vertellen. Wij hoorden tijdens ons
eerste verblijf al dat de president niet helemaal goed bij zijn hoofd was. Hij beweerde ziektes te genezen met
handoplegging. Voor de mensen die wij spraken was hij vooral een schertsfiguur. Niemand nam hem serieus.
Ik kan mij niet voorstellen dat hij veel steun krijgt in de laatste uren van zijn leiderschap.

Yahya Jammeh was via een staatsgreep aan de macht gekomen. Dat ging zonder bloedvergieten. Ik herinner
hoe één van onze “vrienden” vertelde dat ze hem de sleutel hadden gegeven van het presidentieel onderkomen
en hadden gezegd dat ze hem zouden gedogen zolang niemand om kwam van de honger. Iedereen verzekerde
ons dat niemand honger leed en iedereen naar school kon.

De Gambianen bleven ondertussen lachen, ze spreken niet voor niks over the smiling coast. Ze vertelden
optimistische verhalen en vroegen ondertussen geld voor hun zieke oma die opgenomen was in het ziekenhuis.
Als je in zo’n land vol aardige mensen op vakantie bent heb je nauwelijks in de gaten dat de poppenkast een
dictatuur is. Internationale media schreven zelden over Gambia.

Pas vorig jaar toen wij in Europa plotseling een vluchtelingenprobleem hadden bleek hoeveel Gambianen deze
kant op stroomden en wat een schrikbewind Yahya Jammeh voerde.

Op het strand van Kaapverdië spraken we vorige week een Gambiaan die zijn vaderland was ontvlucht. “Zelfs hier”,
zei hij,  “kan mij nog iets gebeuren en ben ik niet veilig”.

Hopelijk kan de nieuwe president Adama Barrow het land op de rails krijgen en keren de toebabs (toevallig de naam
voor “blanke”  en “zak met geld”) terug.

 

 

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.