Een fenomeen uit mijn jeugd heeft sinds deze week
een naam. De blokjesverjaardag. Ik hoorde het voor het
eerst uit de mond van premier Rutte die op televisie vertelde
dat de blokjesverjaardag niet meer mag om verspreiding
van het virus te voorkomen.

De blokjesverjaardag betekent dat je verspreid over de
dag groepjes mensen ontvangt in plaats van de hele bubs
in een keer.

Mijn ouders deden vroeger niet anders. `Het was toen juist
een beproefde methode om verspreiding van een heel ander
virus te voorkomen.  Namelijk dat van familiehaat.

Mijn familie was tamelijk gebrouilleerd.  Ik ben opgevoed
met het idee dat er altijd wel een oom of tante was die niet
met een andere oom of tante sprak. Zelfs niet met hun
eigen ouders, mijn opa en oma. Zelf sprak ik mijn grootouders
van vaders zijde voor het eerst toen ik een jaar of acht was.
Ik zag ze vaak want ze woonden om de hoek waar ze een
melkwinkeltje hadden. Maar spreken was taboe want er was
iets voorgevallen en dan praatte je niet meer met elkaar.

Wat er precies was voorgevallen bleef voor mij als kind
verborgen. Ik vroeg er ook niet naar, zo normaal vond ik
het dat familieleden elkaar straal negeerden, ook als ze
elkaar op straat tegen kwamen.

Dat leidde dus tot de blokjesverjaardag. De ene groep
familieleden kwam direct na het eten om zeven uur en
vertrok een uurtje later, want dan kwam er een andere groep
die de eerste niet wilde ontmoeten. Althans de familieleden
waarmee wij dan wel contact hadden. Op andere
verjaardagsfeestjes waren de samenstellingen weer heel anders.

Ik heb geen idee hoe ze bij gebrek aan een familie-app
van elkaar wisten wie wanneer waar op bezoek ging,
maar verhalen over bloedvergieten zijn mij niet bekend
dus er zal wel een deugdelijk systeem aan ten grondslag
hebben gelegen.  Als je het had moeten plannen had een ervaren
planner er waarschijnlijk een burn-out van opgelopen.

Dat waren dus de blokjesverjaardagen die nu niet meer mogen.
Dat betekent dus voor families die in hetzelfde schuitje zitten
als wij vroegen dagenlang feest. Mooi man . . . . .

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.