Sinds ons contact met de Italiaanse buren blijkt hoe ingewikkeld onze taal is.
Hoe zullen buitenlanders ooit onze specifieke uitdrukkingen kunnen begrijpen
Wat bedoelen wij met de uitdrukking: wat heb ik nou aan mijn fiets hangen?

Maar er zijn ook Nederlanders voor wie niet elke uitdrukking direct duidelijk is.
Deze week werd ik geïnterviewd door een dame van de Barneveldse Krant waar
ik in 1972 mijn eerste schreden op het pad van de media zette. Ze is bezig met
een verhaal over een markante persoonlijkheid die in die periode nationaal nieuws
werd omdat zijn bandenberg in brand stond en de rookwolken tot in Utrecht te
zien waren. Als jongste verslaggever heb ik daar over geschreven.

Mijn Barneveldse college wilde van mij een typering van de bandenkoning bij
wie ik een aantal keren op bezoek was geweest in zijn woonwagen te midden
van misschien wel honderdduizenden banden. “Het was een man die zijn eigen
naad naaide”,  zei ik. In Brabant toch een vrij normale uitdrukking. Die kende
ze niet. “Het was iemand die zich van God noch gebod iets aantrok”,  zei ik
opeens beseffend dat ze in de biblebelt hun eigen woorden hebben om aan te
duiden dat iemand zijn eigen gang ging.

Er zijn altijd geruchten geweest over de oorzaak van die brand. De journaliste
vroeg mij wat ik dacht van het gerucht dat de brand was aangestoken door
iemand van de gemeente om maar van die bandenberg af te zijn. Ik zei dat ik
dat van alle geruchten de meest onwaarschijnlijke vond. “Iemand zei: in de
brand uit de brand”,  zei de interviewster. Om er aan toe te voegen dat zij niet
begreep wat daarmee bedoeld werd. Dat heb ik uitgelegd.

Deze week antwoordde ik een jonge collega van Omroep Meierij op een vraag
dat er “niks op de rol stond”.  Ik kreeg een mail terug met de vraag waar hij
die rol kon bekijken. Toen ik hem vertelde dat ik dat overdrachtelijk bedoelde
bekende hij dat hij die uitdrukking niet kende.

Tja, en leg dat allemaal maar eens uit aan een Italiaanse.

,

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.