Belofte maakt schuld: hier is het volgende stukkie over zingen in de praktijk. En ook dit keer zullen we (nog) niet aan zingen toekomen. Ik kon niet controleren hoor, dus ga toch gerust u gang als u de neiging niet kunt onderdrukken. De neiging tegenhouden is al helemaal niet goed voor u en ik wil niks ernstigs op mijn geweten hebben.
Dit keer gaat het over ademhaling. Ik heb er al eens eerder in stukkies losse opmerkingen over gemaakt, hier volgt een beknopte beschrijving van een paar ademoefeningen. Ik beoog andermaal geen volledigheid.
Er zijn wel eens mensen die opmerkten als ze bij me les hadden: het lijkt wel Yoga, of in geval van vrouwen die ooit kinderen hadden gehad: het lijkt wel zwangerschapsgym. Nou dat lijkt er hier en daar sterk op. En let op: het is mijn interpretatie van een goede ademhaling, er zijn er talloze meer die het ook goed doen. Allemaal met voor en nadelen; een nadeel is in dit geval dat uw buikspieren wat lui worden als u niet naast mijn oefeningen ook versterkende oefeningen doet die speciaal op uw buikspieren toegesneden zijn. Beste bewijs daarvan is dat ik een beetje een ballon-buikje heb: ik heb namelijk niet genoeg discipline om die spieren separaat onder handen te nemen.
Weer geldt als basisregel: u hebt uw eigen lichaam als instrument: ga er goed mee om. Rook bij voorkeur niet, drink met mate (niet ‘met maten…’), eet gezond en niet te veel, zorg voor 8 uur slaap per nacht en beweeg veel. Met uw geest bemoei ik me niet… veel te complex…
Grofweg zou je je lijf in tweeën kunnen verdelen: de grens ligt in dit geval bij uw middenrif. Alle buikorganen liggen daaronder, uw hart, longen en hersens erboven. Uw middenrifspier is een buitengemeen sterke en grote spier (vandaar dat het zo’n pijn kan doen als je als getrainde zanger de hik krijgt: die spier keert zich dan even tegen je. Na enige training heb je zo’n hikaanval er trouwens gauw onder hoor).
Dat middenrif is cruciaal in mijn theorie: door goed te ademen trekt het de longen mee open, zodat u tot onderaan door kunt ademen (als daar geen teer of andere luie rommel zit tenminste). En het helpt, door het wijd te houden, de tonen rustig te laten klinken, zonder ruis en rare trillingen (ook wel tremolo’s genaamd). Bovendien loopt er door uw middenrif een ader, die later slagader rond uw hart wordt. Als die in een rustig tempo al wat massage krijgt door het kalm afplatten en weer terugveren van het middenrif, krijgt-ie wat training om hoger, rond uw hart, zijn werk beter te kunnen doen. Zangers en blazers worden in de regel oud, omdat hun hart het lang volhoudt.
Nou is het zaak een beetje contact met dat middenrif te krijgen. Moeders weten hoe dat is, dat contact: bij het persen moeten ze namelijk hun middenrif ook afplatten en rustig houden. Maar als u net als ik nooit gebaard hebt, dient u op een andere manier dat contact te zoeken. Als je de hik hebt doet je middenrif raar, een orgasme schijnt via je middenrif te lopen en hevig schokkend verdriet en schrik ook. Nogal een centrale rol dus, voor dat middenrif.
Daar gaat-ie:
1.
Ga op een harde ondergrond liggen en probeer zoveel mogelijk uw rug contact met de grond te laten hebben.
Leg een stevig boek op het onderste gedeelte van uw buik (vanaf uw navel naar beneden). Verleg uw aandacht naar het boek. Adem het boek omhoog (u kunt ook met spierkracht het boek omhoog duwen, maar dat is niet de bedoeling). Doe dat in 3 seconden inademend en 3 seconden uitademend, vervolgens 4 seconden in en 4 seconden uit en zo verder tot 8 seconden in en 8 uit. Het vereist wat training om de uitademing rustig over de seconden te verspreiden, zonder schokjes. Hou vol!
2.
Ga staan (of rechtop op een stoel zitten, met uw zitbeenderen stevig tegen de zitting). Leg één hand met gespreide vingers op uw onderbuik (juist, daar waar in oefening 1 dat boek lag) en de andere stevig in uw zij. Adem naar uw handen toe, voel hoe uw onderbuik zich als het ware vult met lucht (da’s natuurlijk niet waar, want in feite is het zo dat uw middenrif afplat en de organen in uw onderbuik samendrukt, al weer zo’n prettig ritme…). Hou contact met uw handen, hou uw buik zo lang mogelijk wijd. Sis op een scherpe ‘s’ de zojuist ingeademde lucht uit. Hou de ‘s’ scherp, als u lucht langs de zijkanten meeblaast, gaat de ‘s’ slissen (zoals tegenwoordig mode is bij sommige radio- en tv-presentatoren: laat u niks wijsmaken, dat is niet goed!) dan ‘verspeelt’u onnodig lucht. Als u de ‘s’ scherp houdt en uw buik zo lang mogelijk wijd, moet het u algauw lukken een ‘s’ van 30 seconden te sissen. Truuc: trek op het allerlaatst uw buik in, dat levert u nog wat extra lucht op. Uw eerste reactie na de oefening moet zijn: inademen, als u nog lucht uitblaast had u die allemaal mooi in ‘s’s om kunnen zetten, alleen hield uw middenrif de spanning niet vol. Dat vereist dus een beetje training, maar er is snel resultaat. Ik heb leerlingen gehad die al na een paar dagen oefenen een ‘s’ konden sissen van zo’n 60 seconden.
3.
Als oefening 2, maar nu gaat u ineens uw buik ‘los’ laten vallen (hij valt er niet af hoor). Dan zou de ‘s’ moeten stoppen. Het is maar dat u de controle houdt…
4.
Als oefening 2, maar nu gaat u steeds kort uw buikspieren ‘laten vallen’ en weer aantrekken, zodat je een korte stotende ‘s’ krijgt. Misschien ontdekt u dat er dan steeds een beetje nieuwe lucht binnenvalt, waardoor u deze oefening eindeloos zou kunnen volhouden. Feitelijk doet u het hijgen van een hond na.
Hou uw omgeving eens een tijdje in de gaten. Wellicht merkt u dat:
- de meeste dieren mooi laag ademen, zodat hun buik op en neer gaat bij het in- en uitademen.
- baby’tjes die nog niet aangeraakt zijn door onze stressvolle maatschappij (en hun stressvolle ouders…) mooi laag ademen. Als ze verschoond worden en plat op hun rug liggen, zie je hun buikje op en neer gaan en niet hun schouders optrekken.
- als mensen hoog gesticuleren, hun adem ook (te) hoog zit.
- tijdens momenten van grote stress of groot verdriet het moeilijk is de adem laag te houden.
- vlak voor het inslapen je ademtempo steeds lager wordt en je niet in slaap kunt vallen als de adem (nog) te hoog zit. Je valt meestal in slaap tussen twee ademhalingen in. Die pauzes kunnen wel oplopen tot 8 à 9 seconden.
- de toonhoogte van de spreekstem daalt als je laag adem haalt. Er wordt namelijk druk vlak onder de stembanden weggenomen. De kunst is die adem laag te houden als je luider gaat spreken en tenslotte…. gaat zingen….
Volgende week over Falstaff en de week erna gaan we lekker verder. Adem ze!
Klassieke Kwoot (5)
De Klassieke Kwoot was een beetje in de versukkeling geraakt. Maar nu kreeg ik me toch een leuke nieuwe impuls! Kijk maar naar Amber's dochtertje Noa: die trapt een paar geheel open deuren binnen de klassieke muziek op geheel eigen wijze in! Het beste bewijs dat je kinderen zo jong mogelijk in aanraking moet brengen met klassieke muziek.
Weet u een originele kwoot? Mail 'm en wie weet plaats ik 'm!
De Kernproef
Er is een nieuwe aflevering van Vocalies, de 28ste alweer!!!
Medio vorige week, ik lees mijn mail… en val bijna van mijn stoel. Verdulleme, en ik maar mopperen dat er nooit een hond op mijn website komt. Nu is er iemand geweest. Iemand van het Festival Classique in Den Haag. Ze hebben daar zondag (14 juni) een concert met het Matangi Kwartet en ze willen daar een proefje mee doen en naderhand over dat proefje napraten en debatteren met een panel van ‘deskundologen’ (zoals mijn echtgenoot ze licht smalend altijd noemt in zijn schrijfsels) en één van die deskundologen zou ik moeten zijn. Ze hadden mijn weblog geplunderd, op zoek naar vragen over klassieke muziek voor een kwisje en toen dachten ze: kom laten we die dame maar eens in dat panel uitnodigen, die vindt wel wat en die roept wel wat. Ik was tot in het diepst van mijn ziel vereerd, dat begrijpt u (!). Iets vinden van klassieke muziek is één ding, maar dat mensen dat dan ook nog willen horen is een tweede.
Affijn, lang verhaal kort: ik zondagmmiddag naar Den Haag. Hartelijk ontvangen in de Haagse Schouwburg. Via de krochten van het gebouw in de artiestenfoyer beland (jawel!) en daar kennis gemaakt met de andere leden van het panel: econoom/socioloog/kunstenaar Hans Abbing, schrijver Christiaan Weijts en pianist Christiaan Kuijvenhoven. Niet het minste gezelschap dus, maar uw stukkies-schrijfster hield zich dapper staande. Pieter Jan Hagens, bekend van AVRO radio en tv zou de discussie leiden.
Om vier uur begint het concert: Haydn in jacket, in een uiterst klassiek zaaltje, stoelen op een rij, allemaal bezet met de echte kamermuzieknarren: grijs, rollator (eentje maar hoor…), stokken en de wat jongeren uit de gegoede klasse. Ik grinnik en voeg mij anoniem tussen het publiek, mag naast de knappe jonge pianist zitten (alleen jammer dattie dat zelf ook vond, van dat knap bedoel ik…). Ze spelen prachtig, zeggen verder niets en na het verdiende applaus kondigt Pieter Jan aan dat we onderdeel zijn van een experiment; we gaan voor het tweede deel van het concert naar een andere zaal, alwaar er koffie en thee uitgedeeld wordt, de kwartetleden helpen mee, nu gekleed in leuke, nette kleren en niet meer in dat strenge jacquet. Nu staat Schubert op het programma, dit keer met korte toelichting. En ja hoor, het derde deel is in een popzaaltje, sta-tafels, wijntje, stuk van Turina. Ze spelen de sterren van de hemel, de Matangi’s, mensen nippen wat onwennig aan een wijntje. De socioloog/econoom/kunstenaar van het panel gaat op de grond zitten, al snel gevolgd door nog een paar durfals.
Na de staande ovatie (snapt u de woordspeling?) neemt Pieter Jan het woord en er volgt een levendige discussie. Wie vond welke setting het leukste en waarom en in vervolg daarop: wat moet er veranderen in de concert-praktijk om te zorgen dat ons publiek kan verjongen zonder de ouderen tekort te doen? En hoe beleeft men een concert? Affijn: my finest moment kwam toen het Matangi-meisje vertelde dat ze in het concertgebouw niks tegen het publiek mocht zeggen over het programma. Het stond immers allemaal in het boekje en ze zou met praatsels het publiek beledigen. Ik heb hard ‘schandalig!’ geroepen. Dat u dat maar even weet.
Er was toch een half uurtje lang levendige discussie. Uiteraard wat aan de keurige kant en een beetje een ieder vanuit zijn eigen ikje geredeneerd. Je lost zoiets natuurlijk ook niet op in een achternamiddag in de Haagse Schouwburg, dat snap zelfs ik. Mijn conclusies wil ik u graag vertellen en als u suggesties hebt hoor ik ze ook graag (mits u zich niet voorstelt dat het daarna zo gaat als u zou willen…).
1.
Alle muziektempels open: voor iedereen; ook voor amateurs van enig niveau: exploiteren die gebouwen tot ze bulken van het geluid: in de grote zaal een concert, in de kleine repeteert het plaatselijke koor, in de kelder de popband. En samen projecten doen: classic meets pop. Jippie!!!
2.
Aankomende musici moeten les in hoe ze zich het beste presenteren en hoe ze hun muziekpraktijkje het beste aan de man kunnen brengen.
3.
Concerten presenteren en toegankelijk maken voor ieder publiek, ook voor de muzikaal minder geletterden. De muziek is niet van een elitair groepje, ze is van ons allemaal en heel veel mensen kunnen het mooi vinden, als het maar dichterbij hen gebracht wordt. We moeten van ons eiland af…
Het Matangi Kwartet speelde dus de sterren van de hemel. Googel ze maar eens, ze hebben een eigen website en daar staat alles op wat u weten wilt. Het is echt top tien van Europa hoor, jong als ze zijn. Ik sluit een linkje in van een eerder Festival Classique, waar ze ook al optraden.