Er is weer een aflevering beschikbaar! Nummer 44! Zie de blauwe icoon hiernaast.
De Wereld Draait Door heeft het vaak over klassieke muziek en dat vind ik te waarderen. Wat ze aan popmuziek hebben (u weet wel die geweldige, in de vaart der volkeren opgestuwde groepjes die net (of net niet) uit de jeugdpuisten zijn en die nu een cd in de winkel hebben die u en ik vooral onmiddellijk moeten gaan kopen) daar word ik niet warm of koud van. Soms herken ik de kwaliteit, al is het niet mijn genre, maar meestal kijken mijn echtgenoot en ik elkaar eens aan en halen er onze schouders over op. Zelfs wij worden oud….
Ik heb al eens geprobeerd mijn site aan Matthijs te slijten, maar mijn mail verdween in de enorme bak e-mail die DWDD dagelijks over zich uitgestort krijgt en daar heb ik begrip voor. Ik mag Matthijs wel: snelle interviewer met een tamelijk open mind, die iets kinderlijks (dat bedoel ik positief) en iets edels over zich heeft; iets wat je tegenwoordig in het Hilversumse zelden tegenkomt.
Afgelopen week zat Daan Smid er weer eens. Hij is er nogal eens als er iets over klassieke muziek in DWDD zit. Onze nationale knuffelbariton had iets nieuws bedacht, nou ja, nieuws, analoog aan de Brtise tv dan: ‘Popstar to operastar’. Dat programma schijnt daar als een dolle te scoren en dan moeten wij het ook, met onze Nederlandse popartiesten.
Daan en ik hebben iets gemeen, dat schreef ik al eens eerder: we vinden beiden dat (bijna) alle middelen geheiligd zijn om het doel te bereiken: meer ‘gewone’ mensen binnen hengelen in en voor de klassieke muziek. Dat zei Daan ook en ik veerde hoopvol op, om een paar minuten later knarsetandend weer terug te zakken op mijn chaise longue. Poes en Broer waren verschrikt weggestoven en kwamen weer proberen of ze zich dit keer voor langere tijd konden installeren. Het vrouwtje kan ook zo ongedurig zijn…
Daan had twee doorgewinterde pop-artiesten gevonden die bereid waren een ‘ochtendje’ met hem te zingen en vervolgens een (piepklein) stukje uit een aria met piano-begeleiding te zingen. Martin Buitenhuis (Van Dik Hout) en Sanne Hans (Miss Montreal) waren het slachtoffer. Mijn tenen krulden ervan. De dame (nou ja dame) is een fenomenale pop-zangeres, met een heel eigen geluid. Ik hoorde haar haar eigen repertoire zingen en dacht: ja meid, ik hou er niet van, maar het heeft iets.
Opera-zangeres wordt je niet zomaar: ik kan een beetje zingen en mocht er destijds nog 5 jaar over doen om het conservatorium te doorlopen; er werd toen al gemopperd dat dat te kort was en toen ik afstudeerde kon ik nog nauwelijks zingen: de jaren daarna deden de stem op zijn plaats zakken en rijpen. Sanne was verre van nuchter en stelde zich nogal aan; ze bakte bijna niks van het deeltje uit ‘Le nozze di Figaro’, behalve de uitspraak, die was redelijk. Ernst heeft er blijkbaar erg aan getrokken, of ze heeft een flair voor Italiaans. Martin Buitenhuis moet nog minstens tot en met vandaag last hebben gehad van zijn stem, want de hoge noten klonken alsof ze zeer deden in zijn keel en hij keek ook zo…. Maar goed dat de warme bariton van Daan over het gekraak heenrolde anders had u ook last van uw oren gehad.
Wat de amusementswaarde moet worden voor dit programma (daar had Daan het over: amusementswaarde) is me niet helemaal duidelijk. Dat grote sterren als Rolando Villazon (voor wie ik een boon heb en houd) en Meatloaf (een dronken Narcist , die zonder drugs en erg veel aandacht voor zijn pijntjes zijn kunstje niet kan doen) hun naam eraan willen verbinden snap ik niet goed. Goed opera zingen vereist talent, tijd, intellect, een warme invoelende persoonlijkheid, ijzeren zelfdiscipline, doorzettingsvermogen en noem zo nog maar wat eigenschappen op. Ik zeg niet dat popsterren die eigenschappen niet hebben, maar waarom laten ze ons niet gewoon opera zingen en de popsterren doen waar zij goed in zijn: popmuziek zingen? Ieder in zijn waarde. En als je zo nodig wil ‘cross-overen’ (vreselijk woord): haal elkaar in elkaars concerten, maar met het eigen genre. Prachtig concert met De Dijk en Ernst Daniel Smid, of Bløf met Cecilia Bartoli, om maar eens twee volstrekt willekeurige dwarsstraten te noemen. Of haal er ballet bij, poppenspelers (dat ga ik doen met de voorstelling Carmen over Carmen, gauw effe reclame maken), mime-kunstenaars, buiksprekers, wat kan mij het schelen, maar ga niet je stem naar de gallemiesen schreeuwen om slechts ergernis te oogsten, waar je binnen je eigen genre zo (terecht) wel waardering oogst.
Klassieke Actualiteiten
Er zijn weer een hoop los-vaste berichten uit de ‘wereld van de klassieke muziek’(wat klinkt dat oubollig hè?). Meer dan genoeg om er een paar uit te pikken en op u los te laten, in volstrekt willekeurige volgorde van belangrijkheid (want belangrijk in deze turbulente tijden is dit logje natuurlijk niet, wat ben ik gemeten naar de eeuwigheid, niks toch…).
Het laatste leuke krantenbericht van het vorige jaar dat mijn echtgenoot /hoofdreacteur oppikte (hij waakt voor en over zijn redacteuren als een havik over de in het veld losrennende muizen, excusez de vergelijking) was dat de stadsmerel harder (mijn hoofdvakdocent zou zeggen ‘luider’) zingt dan zijn soortgenoten in bos en veld. Brutale rakkers zijn het geworden die collega’s van me. Door het voortdurende lawaai in steden moesten ze wel anders zou het merelvrouwtje verderop hun gekwinkeleer niet kunnen horen boven het getoeter en geronk van het vrachtverkeer dat altijd midden door een stad schijnt te moeten als was het daartoe voorbestemd. Ik ben een stadsmerel geworden en ik kan net zoveel (maar niet zo mooi) lawaai maken als de in het knappe zwarte pak gestoken collega’s, dat u dat maar even weet….
Radio 4 heeft zijn forum gesloten, na ‘nare en beledigende berichten’ aan het adres van medewerkers van Radio 4. Ja zo doe je dat: als de goegemeente niet meer zegt wat je eigenlijk wilde horen, dan doe je de deur gewoon dicht, struisvogelpolitiek bedrijven houdt je lang op je plek, maar niet altijd…. Nou weet ik als geen ander dat de luisteraars naar Radio 4 een bont en soms gemeen-elitair zootje kunnen zijn (ik bedoel dat zowel positief als negatief). U mag op mijn site wel reageren hoor en zolang u niet scheldt of beledigt plaats ik uw berichten. En ik blijf lekker de baas over mijn eigen Vocalies, dat moet u wel weten. Van het feit dat Ad ’s Gravesande (ooit directeur van de AVRO die er daar een zootje van maakte) zijn oud-collega’s (de AVRO heeft een zeer belangrijk aandeel in Radio 4) in de rug wilde steken met het plaatsen op het forum van ‘drieduizend handtekeningen en klachten’ (merkt u hoe er gesuggereerd wordt dat er drieduizend handtekeningen én drieduizend klachten zouden zijn; het tekstje is niet van mij) ben ik niet onder de indruk. Die ’s Gravesande denkt in een bijzonder klein kader en heeft, behalve een prachtige spreekstem, niet zoveel origineels te melden.
Passie! is het thema van de Operadagen Rotterdam, die van 28 mei tot en met 6 juni worden gehouden. De vijfde editie van de Operadagen opent met de festivalproductie De Cornet van regisseur Sjaron Minailo. Die liet zich inspireren door de tekst van het lied Jan Klaassen de trompetter van Rob de Nijs, geschreven door Lennaert Nijgh. Kijk da’s nou een voorbeeld van niet-elitair: ik heb wel wat met dat lied. Ik hoop alleen dat ze Rob de Nijs thuislaten…
Tot slot: in New York (een van mijn favoriete steden sinds ik er in mei vorig jaar was) loopt een opera-project: in supermarkten en bakkerijen en zelfs bij McDonalds beginnen zangstudenten ineens spontaan te zingen en brengen zo de klassieke muziek letterlijk dicht bij de mensen. Wie regelmatig deze rubrieken leest weet dat dat een van mijn grootste credo’s is: muziek dichter bij de mensen. Ik keek naar een van de filmpjes en vond het hilarisch en lang niet onverdienstelijk gezongen ook: ook hier zingen de stadsmerels behoorlijk luid. Dat was wat voor de Albert Heijn in Amsterdam: de verslaafden en hangjongeren gaan in de regel sjouwen van klassieke muziek en dan kan het ‘gewone’ publiek even lekker genieten, terwijl ze de groente voor de komende maaltijd uitzoeken. Prachtig!
Het filmpje spreekt voor zich!
Beppe en Vivaldi
Aflevering 43 van Vocalies staat erop... gauw luisteren...
Beppe Costa gezien in de documentaire over Vivaldi, afgelopen zondag bij de NPS? (Dit is weer een van mijn befaamde retorische vragen, let er maar niet op…).
Ikke wel en gesmuld heb ik. Acuut verliefd geworden op Beppe, niet om zijn atletische bouw, maar om zijn bevlogenheid, zijn mooie Italiaans en zijn humor. En een beetje omdat ik mijn lievelingsstad in de volle zomer kon aanschouwen, terwijl we hier in de donkere nadagen van de winter zitten. Ik knapte er helemaal van op, van Beppe.
Beppe was op zoek naar sporen van Vivaldi in diens geboortestad, Venetie. Beppe’s hamvraag: hoe kan het toch dat Wenen Mozart ademt en dat je van Vivaldi, die de grootste componist van zijn tijd was, niks terugvindt in Venetië? Het antwoord werd trouwens in hetzelfde uur nog gegeven: Vivaldi heeft op stoffige planken gelegen en kwam pas begin twintigste eeuw onder dat stof te voorschijn. Afgestoft en wel bleken er pareltjes in die bibliotheek in Turijn te liggen.
Een van de pareltjes, het oratorium Judith Triumphans was de rode draad van de uitzending. Het is een ‘all-female product’, dat oratorium: Vivaldi gaf les aan de Ospedale della Pietà, een weeshuis voor meisjes. Hij deed dat met zoveel overgave dat de meisjes niet alleen instrumentaal en vocaal grote hoogten bereikten, maar ook dat er speciaal voor hun geschreven werd. Schrijf maar eens voor vier-stemmig vrouwenkoor, zonder saai te worden, dat valt nog niet mee.
Hij schijnt een luizige priester te zijn geweest onze Toon Vivaldi, (hij claimde de mis niet op te kunnen dragen vanwege astma en hij schijnt ook wel eens ontslagen te zijn geweest omdat hij zijn handen niet heel goed van die meisjes af kon houden, zo beweren boze tongen) maar wat een componist was-ie. Ik heb ademloos zitten kijken en ik zit (nu mét u) te hopen dat er in Turijn nog meer van die mooi pareltjes tevoorschijn komen.
Voor de volledigheid even door het leven van Vivaldi:
Hij werd geboren in Venetië in 1678. Volgens Beppe was hij zo zwak dat de vroedvrouw hem gedoopt heeft en dattie later, regulier, in de kerk nog eens gedoopt werd. Tsja dan moet je wel priester worden, toch? Zijn vader was zelf een virtuoos violist en het verhaal gaat dat als pa niet kon spelen in het orkest van de San Marco, hij zoonlief stuurde en dat dat verder nauwelijks opviel.
In 1703 werd hij priester, men noemde hem il prete rosso (de rode priester),waarschijnlijk vanwege zijn rode haar. Vivaldi werd dus muziekleraar aan het Ospedale della Pietà. De musicerende wezen stegen snel in aanzien, ook in het buitenland; men stuurde schijnbaar muzikanten vanuit allerlei Europese uithoeken naar Venetië om daar hun kwaliteiten een extra boost te laten geven.
Omdat meisjes eigenlijk geen muziek mochten spelen, gaven zij concerten van achter een doek. Voor hen schreef Vivaldi de meeste van zijn concerten, cantates en gewijde muziek. In 1705 werd de eerste verzameling (raccolta) van zijn werk gepubliceerd en er zouden er nog vele volgen. In 1713 kreeg hij de verantwoordelijkheid voor álle muzikale activiteiten in het instituut. Hij stierf op 28 juli 1741.
En omdat ik nog een beetje ruimte over heb nog gauw effe het verhaal van Juditha Triumphans. De Joodse Judith weet de Assyrische veldheer Holofernes te onthoofden (ze zorgt er eerst voor dat hij verliefd op haar wordt, voert hem dronken, om hem vervolgens in zijn slaap (!) te onthoofden). Die gebeurtenis zorgt ervoor dat de veldslag vervolgens door de Israelieten gewonnen wordt. Judith triomfeert! Van die onthoofding heeft een aantal schilders bijzonder bloederige schilderijen gemaakt (met lekker veel rode verf). Ik zag er een paar versies van en ze bleven me mij en nu kan ik ze koppelen aan een muziekstuk.
In het filmpje een deel van het concert dat de aanleiding was voor de documentaire van Beppe Costa. Ik hoor dattie nog veel meer van die leuke dingen gaat maken: