Eindhoven . . . en wel hierom 22 oktober 2019

We hebben een vriendenclub van zeven en we brengen een deel van onze tijd door met
stevige wandelingen, bier en bitterballen onderweg en een eenvoudige doch voedzame
maaltijd thuis, bereid door één van ons.

Tijdens het bier en de bitterballen is er altijd iemand die een gewetensvraag stelt waarmee
we iets van onszelf moeten blootgeven. Dit keer gaf mijn vrouw de aftrap. Zouden we hetzelfde
beroep kiezen als we ons leven over mochten doen?

De huisarts in ons gezelschap was zeker van zijn zaak: hij zou opnieuw huisarts worden.
De schrijfster/presentatrice was ook duidelijk. Zij zou boerin worden en minimaal vijf
kinderen willen.

Onze vriend met een economisch achtergrond wijdde uit over de kracht en de stilte van de
zee waar hij als kind van een tropisch eiland mee was opgegroeid. Hij zou naar de
zeevaartschool gaan als hij opnieuw mocht beginnen.

Mijn vrouw zou voor een carrière van dierenarts kiezen in plaats van zangeres. Onze
vriendin de historica/universiteitswoordvoerster droomde als kind van een baan als
archeologe maar neigde nu naar een roep waarbij ze in de grond plant dan er uit opgraaft.
De vriendin die werkt als receptioniste zou een studie antropologie gaan doen en daarna
exotische volken gaan bestuderen.

En ik? Ik zou  stedenbouwkundige worden. Tijdens het rondje waarin we onze keuze nader
verklaarden vertelde ik dat ik dat wilde om mensen een fijne woonomgeving te bieden.
Ongeveer vanuit hetzelfde veel te hoog gegrepen verheffingsideaal waarmee ik 43 jaar
geleden de journalistiek binnen sloop.

Welke stad ik als voorbeeld zag, wilden mijn vrienden weten. Nou ja zeg . . .  Eindhoven
natuurlijk. Zes van de zeven wonen in Eindhoven, maar dat bracht niet automatisch alle
handen direct op elkaar. Ik legde het uit. Ik hou van Eindhoven met z’n Philipswijken met
huisjes met rode daken, de stad met z’n naar Rotterdam hunkerende hoogbouw, de stad
met zijn omgebouwde industriecomplexen zoals Strijp-S, de stad met zijn kleurrijke huisjes
in voormalig achterstandsgebied Woensel-West, maar vooral vanwege al het groen. Mijn
stadsie heeft veel parken, kleine en grote bossen op loopafstand en is daarmee de ideale
“grote stad”. Eén van ons bevestigde dat, hij wist zelfs te vertellen dat Eindhoven de
grootste verscheidenheid aan bomen heeft van alle Nederlandse steden.

We dronken onze glazen leeg en vervolgden de wandeling door de stad. Na een half uurtje
liepen we door een klein bosgebied waar het verkeer op 50 meter langs raasde. Daar zag
ik de mooiste collectie paddenstoelen die ik de laatste weken heb gezien.
Midden in de stad.  Eindhoven dus, dacht ik.

 

 

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.