Emma Morano-Martinuzzi 16 april 2017

Vanmorgen las ik dat  Emma Morano-Martinuzzi is overleden. Zij was de
laatst nog levende mens die in de negentiende eeuw was geboren. In 1899
om precies te zijn.

Zo’n bericht doet mij beseffen dat de tijd vliegt. Ik heb de grootouders van
moeders kant goed gekend, ik was al een tiener toen ze overleden. Mijn
grootouders werden allebei in de negentiende eeuw geboren, opa in 1888 en
oma – naar ik meen – een jaar later. Tien jaar eerder dus  dan Emma Morano,
die nu wereldnieuws is.

Mijn opa heb ik het best gekend, mijn oma dementeerde al vroeg. Ik heb mij
in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw nooit gerealiseerd dat zij uit
een vorige eeuw stamden. 1888 was ook nog maar dik tachtig jaar geleden.
Wij dachten meer aan het jaar 2000 omdat de wereld er dan opeens heel
anders uit zou zien.

Dat laatste bleek niet zo te zijn. Zelfs de aangekondigde millenniumbug bleef uit.
De ontwikkelingen voltrokken zich min of meer logisch. Ik vraag me af hoe mijn
grootouders dat beleefden. Die hebben de opkomst meegemaakt van de auto,
de trein en het vliegtuig waardoor mensen zich sneller over de aardbol konden
verplaatsen. Ze waren getuige van de industriële revolutie, ze maakten oorlogen
mee. Ze konden niet geloven dat er mensen op de maan liepen.

Wij zitten in het digitale tijdperk en denken dat we heel wat mee maken, maar
eigenlijk is datgene wat zich nu voltrekt niet veel meer dan fine-tunen van
ontwikkelingen die het leven van mijn grootouders totaal op de kop zetten.

Ik zou willen dat mijn opa en oma spraakzamer waren geweest en dat ik wat
ouder was geweest, zodat ik de loop van de geschiedenis uit de eerste hand
had gehad. Volgens mij wordt je leven rijker als je niet alleen een stamboom
voor je ziet, maar als je ook de persoonlijke verhalen kent.

Ik lees nu her en der verhaaltjes over wat Emma Morano-Martinuzzi allemaal
heeft meegemaakt. Allemaal dingen die u en ik uit de geschiedenisboeken
kunnen halen. Ik  zou wel eens willen weten wat Emma Morano-
Martinuzzi daarbij dacht en wat dat voor invloed had op haar persoonlijke
leven.

We staan in de wereld weer eens op een kantelpunt met de opkomst van
populisme, onberekenbare wereldleiders, een klimaat dat onze wereld op vreet.
Misschien moeten we allemaal beginnen met een dagboek op Facebook
waarin we niet alleen maar schrijven wat we die dag gegeten hebben, maar wat we
voelen bij alles wat er om ons heen gebeurt en wat dat voor gevolgen heeft
op ons persoonlijke kleine leven.  Zo kan er een groot persoonlijk
geschiedenisboek ontstaan en hoeven twee generaties na ons zich niet af te
vragen: hoe zouden opa en oma dat beleefd hebben. Misschien komen die
generaties er dan wel achter dat het leven, ondanks alle ophef in de media,
gewoon z’n gangetje ging.

  1. Karin (reply)

    16 april 2017 at 18:49

    Mooi geschreven. Ook ik ben veel te laat begonnen met het uitzoeken wie mijn voorouders waren. Elke poging om iets van hun karakter te ontdekken schiet tekort. Wij zijn al bezig met het documenteren van onze levens. Meer dan ooit, zie alle blogs.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Egards 7 april 2017

Ik was gisteren op de televisie. Nee, op de radio. Of toch televisie? Het is verwarrend.
Mijn omroeppie heeft de hele programmering omgegooid. Wij maken nu elke ochtend
radio op televisie of andersom. Het is maar net via welk apparaat je ons volgt.

In ieder geval is het niet zo’n programma met een lullig webcammetje dat op
de radiopresentator gericht staat en dat via internet wordt uitgezonden. Nee, de
twee presentatoren staan in een volwaardige gelikte TV-studio waar je u tegen zegt.

Als je naar onze TV-zender kijkt dan zie dus een prachtig beeld dat met filmpjes, live-
verslaggevers en foto’s veel weg heeft van een TV-uitzending. Op de radio hoor je dan
hetzelfde maar zonder plaatjes. Het heet cross-platform. Ik heb begrepen dat we er
in Brabant mee vooroplopen. Omroep Brabant loopt wel vaker voorop, dat maakt het
werken hier spannend.

Op donderdag hebben ze een rubriek over politiek. Er is een poultje van vijf mensen die
om de beurt op die dag de actuele politiek beschouwen. Ik ben er daar eentje van.

Dat is mooi man. Collega’s die normaal alleen mogguh roepen haalden mij nu als
een vorst binnen. Ik werd meegenomen naar de grime die voor mij normaal verboden
gebied is. Daar werd ik met aandacht en liefde door een charmante collega ondergekwast
tegen de glim. Er werd mij een glaasje water gebracht. Twee keer werd mij gewezen op
een opstapje. Opeens was ik niet meer de collega maar de studiogast en vielen mij alle
egards ten deel die horen bij een TV-gast. Dat deden mijn collega’s heel professioneel.

Na afloop waren er complimenten. Iemand had met plezier naar mijn verhaal
geluisterd, die luisterde radio dus die werd niet afgeleid. Er was er één die vond dat ik
een goed plaatje maakte. Dat betekent zoveel als dat ik er goed uit zag.  Die wist dan
weer niet wat ik had gezegd.

Eéntje vond dat het kraagje van mijn colbert eigenlijk tevoren even gestreken had
moeten worden. Dat is voor de nabespreking aan de keukentafel thuis.

En ikzelf? Ik heb gedaan wat de eindredactrice riep toen ik naar de studio ging:
geniet er van!

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Bladel 7 april 2017

(Door Ab Klaassens)

De oorspronkelijk plattelandsgemeente Bladel, onder de rook van Eindhoven
heeft de aandacht van de landelijke pers en politiek getrokken door een
bestuurlijk conflict over de intensieve veeteelt.

Een wethouder is opgestapt omdat ze geen steun kreeg van de
raadsmeerderheid bij haar verzet tegen nog meer stallen voor de productie
van vlees of eieren.

Boerendorpen hebben niet alleen voor hun eigen groei huizen gebouwd, maar
ook stedelingen gelokt met beloften over rust, ruimte en frisse lucht. Hoewel
er van die frisse lucht weinig terecht kwam zijn die ex-stedelingen nog steeds
de aanvoerders in  het verzet tegen een grotere invloed van de stad – minstens
drie Eindhovense burgemeesters hebben daar wakker van gelegen.

Samen met de boeren trouwens, maar om heel andere redenen. Zij hebben
zich door de Rabobank, de veevoederfabrikanten en hun eigen organisaties
laten verleiden tot grootschalige Investeringen, zodat ze wel in massa moeten
produceren om uit de schulden te geraken.

Het stinkt op het Brabantse platteland. En niet alleen naar stront.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Brainport 6 april 2017

Ik hou van Eindhoven. Het is een lelijke stad, maar het is wel mijn lelijke stad. Het is net als de meeste
steden een groot dorp, maar het is wel een dynamisch dorp.

Dan hebben we ook nog Brainport. Dat is een vrij abstract begrip maar het is een soort motor die er voor
zorgt dat Eindhoven en wijde omgeving welvarend blijven en dat de regio een steentje bijdraagt aan de
nationale economie.

Het tweede doel is binnen bereik. De regio is samen met de luchthaven Schiphol en de Rotterdamse haven
mainport. Dat wil zeggen dat hier een groot deel van de centen die Nederland nodig heeft wordt verdiend.
En dat we nog meer geld van het rijk gaan krijgen.

Gisteren is de Brainportagenda gepresenteerd aan “Den Haag”. Brainport wil de komende jaren tien
miljard euro van het rijk om zich verder te ontwikkelen. Die agenda verdient alle lof.

Toch heb ik zorgen. In die agenda staan heel veel plannen. Bijvoorbeeld om het bedrijfsleven in z’n volle
breedte te stimuleren. De infrastructuur in de regio kan met dat geld worden verbeterd en het culturele leven
kan worden opgekrikt zodat al die Aziaten naar Brainport willen in plaats van naar Londen of Silicon Valley.

Er moet een fotonicafabriek komen. Dat is een techniek om data te verplaatsen met licht in plaats van
elektriciteit. Een vinding van “onze” universiteit die de wereld kan veranderen. En dan beginnen mijn
zorgen. Want waar moet die fabriek komen?  Ik vraag het omdat mijn ervaring is dat de diverse gemeenten
in deze regio elkaar soms het licht in de ogen niet gunnen.

Er moet geld komen voor infrastructuur, zeg maar nieuwe wegen en fietspaden. Als die expats  straks hier
naar toe komen moeten ze ergens wonen. Welke wegen moeten verbeterd of aangelegd worden? Waar moeten
al die nieuwe huizen gebouwd worden? Waar moeten welke culturele voorzieningen komen?

Ik hoop echt dat de alom geprezen Brainportagenda niet verzandt in eindeloze vergaderingen waar honderden
lokale raadsleden er een plasje over moeten doen. Ik heb wel eens gezegd: de ontwikkeling van de
regio tot een volwaardige mainport is zo sterk als de zwakste lokale bestuurder.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Voorbeeldfunctie 5 april 2017

Ik heb ooit een aanvaring gehad met een stagiaire met Turkse roots. Aan de
koffietafel spraken we over haar ambities als journalist. Ze was ambitieus en
ze had potentie om die ambities waar te maken.

Het ging mis toen ik zei dat ze een voorbeeldfunctie had voor andere
allochtone jongeren die het vak van journalist wilden uitoefenen. Ik bedoelde
het goed, er zijn immers veel te weinig allochtone journalisten.

De stagiaire ontplofte na mijn opmerking. Zij was, zei ze, wie ze was en ze
wilde niet in een hokje geduwd worden en al helemaal niet als voorbeeld
gesteld worden voor al die andere mensen die in hokjes werden geduwd.
Ik diende haar als mens te zien en niet als derde generatie Turkse.

Nou ben ik iemand die een ander als persoon beoordeelt in plaats van als
Nederlander, Amsterdammer, Turk of Marokkaan, maar sinds die dag
ben ik extra alert.

Vanmorgen stond in het Eindhovens Dagblad een interview met de
Eindhovense wethouder Yasin Torunoglu. Ook derde generatie Turk.
In het verhaal legt de verslaggeefster hem voor dat hij een geslaagd man is
en dus een voorbeeldfunctie heeft. In de verhitte debatten over vóór of tegen
Erdogan zou hij volgens de schrijfster rust en kalmte moeten brengen.
Yasin denkt daar anders over. Hij is wethouder voor alle Eindhovenaren,
zegt hij, niet alleen voor de Turken.

Yasin is in de eerste plaats een mens, in de tweede plaats een bestuurder.
Net als onze stagiaire in de eerste plaats mens was en in de tweede plaats
een ambitieuze jonge vrouw met veel potentie. Eigenlijk zou elke journalist
– mijzelf incluis hoor – zich eens moeten afvragen of hij of zij zelf een
voorbeeldfunctie zou kunnen hebben in een mediawereld die steeds meer
in de greep van infotainment komt in plaats van Turken de maat de nemen.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Pasen 4 april 2017

(Door Ab Klaassens)

Bij de Albert Heijn staat een stapel paasbroden. Ze zijn ‘met de hand
gevouwen’ lees ik op het bord van aanbeveling. Uit de tekst op datzelfde bord
blijkt dat ik me heb vergist.

Het is feestbrood, geen paasbrood. Kan wel kloppen, want in al die jaren dat
ik paasbrood kocht heb ik nooit mogen vernemen dat het ‘met de hand
gevouwen’ was.

Vermoedelijk mag feestbrood geen paasbrood heten omdat meneer Heijn z’n
moslimklanten niet voor het hoofd wil stoten, alsof die zitten te wachten op
z’n bekakte krentenbrood.

Op zich valt het te prijzen dat meneer Heijn rekening houdt met
gevoeligheden van gelovigen. Maar wat doet AH als christelijke gelovigen
bezwaar maken tegen winkelen op zondag?

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Live 4 april 2017

De meest vervelende journalistieke klus is de live-verslaggeving vanachter
een bureau. Wie niet in het vak zit zal zich nu afvragen: kan dat dan? Ja,
dat kan. Sterker nog, het gebeurt dagelijks.

In mijn wereld komt het vaak voor dat er ergens een incident is (klein of
groot) en dat er direct een begin van een nieuwsbericht wordt geschreven
voor de internetpagina. Je wilt mensen tenslotte zo snel mogelijk informeren.

Voordat er een verslaggever ter plekke is moet je het qua informatie doen
met  social media. Dan kom je in een grijs gebied, want je weet niet
of de mensen die iets roepen betrouwbaar zijn.

Ondertussen wil je je publiek informeren, enerzijds omdat je dat echt wil,
anderzijds omdat datzelfde publiek anders naar een andere website gaat.
Dat laatste wil je in ieder geval niet. Heel vaak gebeurt het dan ook dat je
onzin van Twitter overschrijft met Twitter als bron. Daarmee probeer je
jezelf in te dekken.

Om die reden lees ik zelf bijna nooit live-blogs van gebeurtenissen in de
wereld, ik weet hoe het gaat. Ik wacht wel tot collega’s de feiten hebben
verzameld, dat bespaart me een hoop onzin.

Ik moest hier gisteravond aan denken toen ik De Wereld Draait Door zag.
Matthijs van Nieuwkerk speculeerde met Derk Sauer lustig over de aanslag
in Sint-Petersburg. Waren het de Tsjetsjtenen, was het IS of waren het
stromannetjes van Poetin?

“We mogen alles denken want we weten nog niks”,  hoorde ik Van Nieuwkerk
zeggen. Dan denk ik: je mag wel alles denken, maar als presentator van zo’n
invloedrijk programma op de publieke omroep zou je je misschien moeten
afvragen of je ook alles moet zeggen.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Makelaars 31 maart 2017

Droogkoken, het overkomt me wel eens als ik er in de keuken even
de aandacht niet bij heb en de geur van aangebrande piepers mij
er ongenadig op wijst dat multitasking iets voor vrouwen is.

Ik kwam het woord droogkoken vandaag tegen in het Eindhovens
Dagblad. Makelaars blijken droog te koken. Daar had ik nog nooit van
gehoord. Dat is ook niet gek, want het is voor het eerst dat het
gebeurt.

Het is een bijzonder fenomeen. Het woningaanbod is zo krap dat er
niet genoeg huizen zijn om alle makelaars een boterham te laten
verdienen.

Ik heb in mijn leven al enkele malen een huis gekocht en verkocht. Dat
is waarschijnlijk de reden waarom ik het niet zo op makelaars heb. Ik
vind het de autoverkopers onder de witte boorden-sjoemelaars. Hoe
de omstandigheden ook waren, altijd hadden ze wel een verhaal klaar
waarom een huis moeilijk te verkopen was, zelfs toen wij een huis
binnen drie dagen over de kop van de hand deden.

Ik ken ze vooral ook van de gladde praatjes, de gelikte foto’s en de
extra kosten voor elke inspanning die er buiten de kleine lettertjes van de
overeenkomst moet worden verricht.

De oplossing voor het droogkoken is volgens de makelaars meer bouwen.
Als ik zie hoeveel makelaarskantoren er zijn dan denk ik eerder aan
afbouwen. Dat zeg ik niet zo maar, want in hetzelfde artikel zegt een
eindbaas van de makelaars dat in de crisistijd veel makelaarskantoren
moesten inkrimpen. Mensen die in dat vak wegbezuinigd werden gingen
niet omscholen, nee, die begonnen allemaal een eigen kantoortje.

Daar zijn er nu dus heel veel van en die koken allemaal droog.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

ING 24 maart 2017

In onze jonge jaren droomden we wel eens dat onze ouders de
honderdduizend zouden winnen. Wij spreken dan over guldens.
Als je bij de loterij de honderdduizend won dan hoefden onze vaders
nooit meer te werken en kwam ook onze generatie opeens in een
gespreid bedje. Op zo’n bedrag kreeg je toen namelijk tien procent
rente. Dat was dus tienduizend gulden per jaar. Daar kon een gezin
tot in lengte van jaren van leven. Die honderdduizend bleef
onaangeroerd op de bank staan, wachtend op de kinderen die er
verder op konden teren. Dat was in de jaren zestig.

Eén van onze buurkinderen had het loonstrookje van haar vader
gezien. Vader was iets hoogs bij jamfabriek de Betuwe. Althans dat
veronderstelden wij, want hij droeg elke dag een net pak in plaats
van de bij ons in de buurt gebruikelijke overall.

Op dat strookje had ze het bedrag 1100 zien staan. Wij fantaseerden
er op los. Zou die vader elfhonderd gulden per maand verdienen?
Of zou dat per jaar zijn? Per maand kon bijna niet, dat was meer dan
250 gulden per week. Wij hebben dat raadsel nooit opgelost.

Nu lees ik dat ING een deel van haar bazen toch weer perverse
bonussen wil geven. Om te kunnen concurreren met het buitenland.
Dat betekent dat ING fors wil belonen om te voorkomen dat goede
bankiers naar buitenlandse banken gaan die veel meer willen betalen.
Vergelijk het gerust met de parallelle wereld die voetbal heet.

Een van de topmannen van ING verdient nu 1,6 miljoen euro per jaar en
krijgt daarenboven een bonus van 360.000 euro per jaar. Dat is ongeveer
130duizend euro per maand. Omgerekend naar mijn maatstaven zou
ik na twee maanden sparen mijn hypotheek kunnen afbetalen.

Hoe krijg je in hemelsnaam 130duizend euro per maand op, zelfs als
daar nog meer dan de helft belasting af zou gaan? Hoe groot
moet je huis dan zijn? Hoeveel auto’s moet je dan kopen? Hoe vaak
per week moet mevrouw dan naar de PC Hooftstraat? Hoeveel
kinderen in Afrika kun je daarmee van de hongerdood redden?

Als kind konden wij ons al niks voorstellen bij elfhonderd gulden
of de honderdduizend. Laat staan dat ik mij iets kan voorstellen bij
130duizend euro per maand. Wat zijn het voor mensen die naar de
concurrent overstappen als ze nog een miljoentje per jaar meer
kunnen verdienen? Misschien zijn het hele goede ouders die er voor zorgen
dat hun kinderen in een gespreid bedje komen. Dan hoeven die kinderen
daar niet van te dromen.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Vocalies (440) ZingNL 22 maart 2017

(Door Marlies)

Hulde voor Hannah Bossers! Ze heeft het initiatief genomen tot ZingNL.
En dan gaat het niet over ‘Nederlands eerst’ noch over ‘Nederlanders eerst’
(let op het subtiele verschil tussen de woorden!). Nee het gaat over het
zingen van liedjes, in het Nederlands, voor… buitenlanders…!!!

In het persbericht dat onder mijn ogen kwam worden ze ‘Eindhovenaren
met een migratieachtergrond’ genoemd… Weer zo’n term, maar alla, ik
moet er ook wel om grinniken.

Wat zingen ze daar dan zoal? ‘Dan denk ik aan Brabant’, ‘Tulpen uit Amsterdam’
‘Klaar voor de start’ (zegt mij niks, maar schijnt door ‘Kindejen voor kindejen’
vaak gezongen te worden), ‘Zon kom op’ en ‘15 miljoen mensen’ (ijzersterke
tekst!).

De schrijver van het berichtje verwondert zich erover dat muziek en samen
zingen mensen in beweging zet en plezier geeft. Dat verwondert mij helemaal
niks. Da’s namelijk één van de functies van muziek en met name van samen
zingen. Niks zo heerlijk; of het nou in een stadion is, bij een huwelijksdienst,
samen rond het kampvuur of bij een koorrepetitie. Of het repertoire
volksliedjes behelst, of een moeilijke cantate, of een protestlied of een
stadionlied: iedereen gaat altijd – de ene keer georganiseerd, de andere keer
wat minder – uit zijn dak.

Eigenlijk zou iedere flinke stad zo’n initiatief uit de grond moeten stampen.
Moet je eens kijken hoe vlug het afgelopen is met die schreeuwers van ‘Eruit!’.
Die gaan namelijk mee-zingen. Inzingen is geen probleem, dat doe je op
ocalen en op skat-teksten, die zijn zo internationaal dat ze er zelfs in China
geen moeite mee hebben.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *