Vocalies: the little drummerboy 15 december 2019

(Door Marlies)

Op zoek naar een versie van The Little Drummerboy zag ik een filmpje op YouTube en
toen wist ik ineens wat mijn kerstwens voor u dit jaar moest zijn.

Ik ben niet zo van Kerstmis, het opgelegd pandoer dat ‘de feestdagen’ met zich mee brengt
maakt mij jaar na jaar meer wrevelig. Het gaat steeds minder om wat er met kerst
herdacht wordt en steeds meer om grote cadeaus (die ik iedereen gun, daar niet van . .) en
duur eten (en de goedkope pot kan zo heerlijk zijn, als je ‘m maar samen klaarmaakt en
opeet) en dure kleding (terwijl die zelf gebreide Ierse trui ook heel mooi kan zijn).

De laatste jaren, dit jaar voor de zevende keer, brengen mijn lief en ik Kerstmis gescheiden
door, omdat ik op pad ben met Musico en hij thuis blijft en meestal werkt. Oud en nieuw
zijn we weer samen en gedenken we ieder jaar dat het goed is dat we elkaar hebben; door
die gescheiden kerst is oud en nieuw waardevoller geworden.

Ik geloof niet in een god en nog minder in de kerk, die maakt me ook jaar na jaar meer wrevelig
(over opgelegd pandoer gesproken!), maar het is goed een moment te hebben, rond het einde
van het jaar, als het licht keert en de zon weer aan zijn opmars begint (aan onze kant van de
wereld dan, hè, aan de andere kant marcheert hij langzaam af . . .), als de dagen weer gaan lengen,
een moment waarop wij allemaal even pas op de plaats maken om te zien waar we staan in
het leven en met elkaar.

Ik vond op YouTube een ontroerend filmpje met een piep-jonge David Bowie en een oude,
sterk vermagerde Bing Crosby, opgenomen in 1977, vlak voor de dood van Bing, die de
uitzending niet meer mee heeft kunnen maken.

De heren brengen een boodschap met de combinatie van ‘The Little Drummerboy’ en
‘Peace on earth’ die onvergankelijk is. Ze zingen bovendien spatzuiver en met respect voor
elkaars melodie. Wat een vakmanschap. De dialoog vóórdat ze gaan zingen is trouwens ook
heel grappig: beiden kunnen ze elkaar relativeren en hun tongue in cheek-dialoog deed mij grinniken.

Peace on earth was er in 1977 allerminst en nu, in 2019 lijken we er verder van vandaan dan
ooit te voren.

2019 leek een tamelijk gelijkmatig jaar te worden, totdat op 22 november de telefoon ging:
mijn vader was onwel geworden. Hij overleed, zelf beslist dat hij geen zware operatie en revalidatie
meer wilde, nog geen 48 uur later in het ziekenhuis. We hadden er vrede mee dat het zo ging:
88 worden en de avond voor je omkiept nog even kegelkampioen bij de competitie voor de
ouderen worden, doe het hem maar na . . . Bovendien zong hij tot dat moment ook nog als een
jonge god, met een mooie, gladde bariton, die que timbre erg leek op het geluid van Bing,
realiseer ik me nu . . . Achteraf dendert zijn dood op onverwachte momenten nog wel effe na…

Goed, terug naar mijn boodschap voor u: Peace on earth wens ik u en de uwen. Vrede op aarde,
en in uw families en vriendenkringen. En kleine, fijne ontmoetingen, zoals die van Bing en David,
waarin je eens kunt grinniken om elkaars relativering en samen perfect unisono kunt zingen . . . dát wens ik u!

 

 

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

De rokende puinhoop in Brabant 14 december 2019

Onderstaand stuk schreef ik voor de website van Omroep Brabant

Provinciale Staten van Brabant hebben vrijdag geen knopen kunnen doorhakken om de
stikstofproblemen in Nederland op te lossen. Na weer tien uur debat stond er onder de
streep een negatief saldo. Er waren alleen verliezers.

Het CDA stapte uit de coalitie. Eerder sneuvelden al twee gedeputeerden van het CDA

vanwege de stikstofcrisis en het gestuntel van hun partij. Met het vertrek van het CDA
verliezen de boeren hun belangrijkste bondgenoot in het machtscentrum. De deadline
waarop boeren hun stal milieuvriendelijk moeten hebben, werd niet uitgesteld.

Omdat de gedeputeerden niet het gevraagde steuntje in de rug kregen om de nieuwe
stikstofregels al in beleid om te zetten wordt de natuur er voorlopig niet beter van.
Gedeputeerde Rik Grashoff (GroenLinks) die zich de blaren op de tong praatte om
de regels te verdedigen, zag zijn inspanningen vooralsnog niet beloond.

VVD-voorman Christophe van der Maat gaat een heel vervelende kerst tegemoet, want
hij moet bedenken hoe hij Brabant op de rails houdt met een minderheidskabinet.

Vorige week leek het er even op dat Brabant hét voorbeeld van Nederland zou worden.
Politiek en boeren spraken over een eigen deltaplan om de stikstofproblemen op te lossen.
In de loop van de week haakte boerenorganisatie ZLTO af. Dat was deels voor de vorm
omdat ze druk op de ketel willen houden, maar ook omdat de ZLTO hevige concurrentie
heeft van de radicale Farmers Defence Force die harde actie niet schuwt en de
stikstofmaatregelen vergelijkt met Jodenvervolging. Terugkijkend op de afgelopen
maanden zien we eigenlijk een rokende puinhoop.

Het probleem is ook ongekend groot. De mensheid heeft ontdekt dat hij de natuur om
zeep aan het helpen is. Behalve de klimaatontkenners van PVV en Forum voor Democratie
is iedereen het erover eens dat dit moet stoppen. Als dan de vraag wordt voorgelegd hoe
dat moet gebeuren, ontstaan de problemen. Zoveel hoofden zoveel zinnen. Er spelen ook
zoveel belangen mee. Niet in de laatste plaats politieke belangen, aangewakkerd door
achterbannen die ook allemaal weer hun eigen deelbelang hebben.


Het begint er zo langzamerhand op te lijken dat het probleem eigenlijk te groot is om in
de Statenzaal van Brabant door politici te laten oplossen. Al het gezwoeg en gesleur in Den
Bosch ten spijt. De oplossing van het probleem moet naar een hoger level. Dat weet het
kabinet ook wel.

Het gaat alleen heel langzaam. Zo lang dat zo is, gaan Brabanders zelf oplossingen bedenken.
Dat is prijzenswaardig maar dat heeft wel tot een slagveld geleid. Bovendien kan alles wat
Brabant bedenkt zo weer veranderen door landelijke regels die ooit eens zullen komen.
Dat bevordert de daadkracht niet.

In Brabant hielden ze het desondanks even dapper vol. De noordelijke provincies vielen al
om toen de eerste tractor de hoek om kwam.

Het wordt tijd dat het kabinet snel, heel snel met duidelijk beleid komt en een eind maakt
aan het goedbedoelde gemodder in de provincies.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Meierijstad als middelpunt van de blauwe banaan 12 december 2019

Ooit gehoord van de blauwe banaan oftewel de blue banana? Ik tot voor kort ook niet.
Maar de gemeente Meierijstad waar ik werk, blijkt daar het epicentrum van te zijn.

Ik hoorde dat van de voorzitter van de lokale omroep waar ik gedetacheerd ben.
Hij is oud-wethouder en een trotste Schijndelaar en q,q, nu een trotse inwoner van Meierijstad.

Het is volgens de man die mij het fenomeen verklaarde een gebied dat loopt van ongeveer
Manchester naar Milaan. Vanuit het heelal zie je een blauwe gloed in de vorm van een banaan.
Die gloed wordt veroorzaakt door verlichting van bedrijven. Het is dus een bedrijvig en
economisch belangrijk gebied. En precies in het midden, u raadt het al, ligt Meierijstad.
Mijn Schijndelse zegsman moest wel toegeven dat het meeste licht in Veghel brandt,
maar laten we dat maar even laten voor wat het is.

Na deze exposé, schudde ik mijn hoofd. De blauwe banaan met Meierijstad als
middelpunt. Ja, ja.

Nieuwsgierig als ik was liet ik Google even los op blauwe bananen. Die blijken er
dus ook in vruchtvorm te bestaan. Daar zijn plaatjes van. Maar, eerlijk is eerlijk,
de allereerste tref op blauwe banaan bevestigt wel degelijk de kennis waarmee de
voorzitter mij heeft verrijkt.

Lees even mee:  De Blauwe Banaan is een ruimtelijk concept dat zijn oorsprong vond
in 1989 en ontwikkeld is door onder andere Roger Brunet van het Franse instituut
RECLUS. Het schetst een multinationale Europese megalopolis, die verschillende
metropolen uit verschillende Europese staten omvat.

Het wordt nog spannender: De gang begint vanuit Noordwest-Engeland, strekt zich
uit tot groter Londen, Zuid-Duitsland, het Duitse Rijnland, de Elzas, Frankrijk en
Zwitserland en eindigt in Noord-Italië. Enkele van de belangrijkste steden in de
corridor zijn Londen, Manchester, Rotterdam, Birmingham, Den Haag, Amsterdam,
Gent, Brussel, Antwerpen, Düsseldorf, Dortmund, Stuttgart, Frankfurt, Genua, Zwitserland,
Turijn en Milaan.

Jammer dat Meierijstad daar niet tussen staat, dat hoort natuurlijk wel als je precies in
het midden van de blauwe banaan ligt. Meierijstad maakt dus gewoon deel uit van een
megalopolis. Kijk, daar kan ik mee aankomen bij mijn vrouw die bij de Metropoolregio
Eindhoven werkt met plaatsen als Gemert, Asten en Bergeijk.

  1. Bart Eijkemans (reply)

    13 december 2019 at 16:13

    Sterker nog, het geografische centrum ligt precies waar nu de fontein op de Markt staat. Deze fontein heeft de naam Genesis, wat verwijst naar de oorsprong van de schepping. Het zou te mooi zijn om hier de oorsprong van de economische activiteit van de blauwe banaan in te zien, maar het is toch wel iets om bij weg te dromen. Zeker voor die toch al, ten onrechte, bescheiden Brabanders.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Supporters -Van Bommel 1-0 9 december 2019

PSV-trainer Van Bommel is gered met de 5-0 op Fortuna Sittard, dat zo onthutsend zwak speelde
dat je met een ouderwetse gevangeniskogel om één been moest spelen, wilde je daar van verliezen.

Maar volgens mij leed de trainer desondanks een grote persoonlijke nederlaag. Hij wisselde
eindelijk Pablo Rosario, niet omdat hij dat zelf wilde maar omdat de supporters deze
onfortuinlijke voetballer in de eerste helft tot de grond hadden afgebroken met een fluitconcert.
Die jongen zou voor eeuwig beschadigd zijn geworden als hij was blijven staan. Zo dwongen de
supporters Van Bommel tot een keuze die hij met zijn eigenwijze hoofd al maanden niet wilde maken.

In de tweede helft dwongen de spreekkoren Van Bommel ertoe om Ibrahim Affelay op te stellen.
Deze volksheld liep warm waarna ook de supporters hun stembanden warmdraaiden. Daarna
ging hij weer zitten en brak de verbale hel los. Het legioen gilde over Van Bommel: hij luistert
wel, hij luistert niet, hij luistert wel, hij luistert niet.

Opnieuw werd Affelay van de reservebank geplukt. Ondertussen bleef het stadion schreeuwen.
Uiteindelijk mocht de 34-jarige voetballer zijn rentree maken. Het volk zong Van Bommel
luidkeels toe. Het cynisme golfde door het stadion.

Het kan niet anders of het moet voor een trainer die zo ongelofelijk eigenwijs is als een nederlaag
voelen dat de supporters hem uiteindelijk op de knieën dwongen. Dat is misschien nog wel erger
dan een wedstrijd verliezen. Het betekent namelijk dat de tienduizenden in ieder geval voor één
keer jouw macht hebben gebroken.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

De Lift der Zuchten 6 december 2019

In Venetië heb je de Brug der Zuchten. Daaronder werden mensen gevangengehouden en
die kreunden en steunden dat het een oordeel was.

Wij hebben de Lift der Zuchten. De afgelopen twee weken is het me drie keer overkomen
dat er dame instapte die een diepe zucht slaakte. Zo vaak en zo diep dat ik er onzeker van
werd. Waarom slaken vrouwen een diepe zucht als ze in de lift stappen waar ik in sta?

Daarom vraag ik direct of er iets aan de hand is. Gewoon, om illusies en
schuldgevoelens uit te sluiten.

De eerste dame was veel ouder dan ik, dus tamelijk bejaard. “Wat een zucht”, zei ik. Ze was
moe, zei ze. Doodmoe. Een ritje met een lift is leuk om jezelf in recordtijd te pitchen als de
ideale sollicitant, het is te kort om het leed van oudere dames over te nemen. “Veel rusten”,
was dan ook het enige dat ik kon uitbrengen tussen het moment dat de liftdeuren zich sloten
en het moment dat we op de bestemde vloer aankwamen. “Dat ga ik nu doen”, zei ze.

De tweede keer was de zuchtende vrouw een jonge moeder. “Wat een zucht”, zei ik. “Druk,
druk druk”, antwoorde ze. Ze moest de kinderen van school halen en dan nog met die twee
naar de tandarts. Daarna boodschappen doen en eten koken. Ze rende voor me uit door de
parkeergarage.

De derde zuchtende dame was een moeder met een kindje van drie turven hoog. “Wat een
zucht”, zei ik. Ze vertelde dat de kleine jengelig was omdat die wilde gaan slapen. Ze had zelf,
vertelde ze, ook wel behoefte aan een dutje want zo’n kleine meid was doodvermoeiend.

Had ik niet dezelfde ervaring vroeger, wilde ze weten. Nee, zei ik, de moeder van mijn
kinderen was veertig jaar geleden, toen ze voor de eerste keer zwanger was, meteen gestopt
met werken. Zij zorgde daarna voor de kinderen, ik voor inkomsten en een beetje voor
de kinderen.

“Zo ging dat bij ons vroeger ook”, zei ze. “Mijn moeder was altijd thuis. Vreselijk vond
ik dat. Soms dacht ik: mens ga weg, laat me met rust”.

Ik had willen vragen of haar moeder dan niet vreselijk moe van haar werd, maar toen
gingen de liftdeuren alweer open.

  1. Laurent (reply)

    7 december 2019 at 22:05

    Hahaha, die laatste wending 😀

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gelukkig hebben we de voetbalhumor nog 4 december 2019

Wat moet je ervan zeggen? Je kunt er veel over zeggen, je kunt er helemaal niks over zeggen.
Heel even dan. Het gaat niet goed met mijn kluppie PSV en dat is balen. Je rijdt door weer en
wind op je fietsje naar het stadion om daar het voetbalhart te laten verwarmen. Dat gebeurt niet.
Teleurstelling stapelt zich op teleurstelling.

Thuis voor de buis naar uitwedstrijden kijken is helemaal geen onverdeeld genoegen. De laatste
weken heb ik halverwege de wedstrijd de TV uitgezet en toen ik drie kwartier later naar de uitslag
keek bleek dat ik mijzelf had getrakteerd op een halve minuut ergernis in plaats van nog eens 45.

In het stadion loop je niet weg, want dan word je uitgejouwd met teksten als Ajax-publiek,
Ajax-publiek . . . .  Of: Laat je club maar in de steek . . . .  Zoveel aandacht wil je niet als je in
je eentje de trappen af sjokt.  Het is maar goed dat dat gebeurt want ik denk dat het
voorkomt dat na een uur het stadion halfleeg is.

Is er dan helemaal niks om je vrolijk over te maken? Een beetje. Ik zit in een appgroep met
diehard supporters. Het cynisme druipt nu uit mijn smartphone. Maar dat niet alleen, ook
de typische voetbalhumor stroomt als diarree over mijn scherm.

Het is ongelofelijk hoe snel er gephotoshopt wordt en hoe snel grappen ontstaan. Ze zijn
niet altijd even leuk, maar er zijn er ook waar ik ontzettend om moet lachen.

Sowieso kan voetbalhumor mij wel bekoren. Dan bedoel ik de humor van al die gewone
jongens die zich door de week bij hun baas een slag in de rondte werken en dan op zaterdag
samen een spandoek maken waarmee wij zondags verrast worden. Er zijn veel creatieve
gasten bij. Dan heb ik het nog niet over de eenlingen die in hun vrije tijd grappen bedenken,
fotocollages maken en die dan rondsturen.

Geloof me, als de spelers op het veld maar de helft van die creatieve invallen zouden hebben,
dan zouden we er nu heel veel beter voor staan.

De leukste:

Black Friday bij PSV, bij aankoop van 1 trainer een gratis TD. Twee linksbacks voor de prijs
van één (weinig gelopen, altijd binnen gestaan). Handjevol oud-internationals (opknappertjes)
tegen elk aannemelijk bod. Voormalig wonderkinderen, setje van 3, nu voor de helft.
Uruguayaanse topspeler, licht beschadigd maar erg goed uitgerust, over 4 maanden gratis
af te halen. En nog een restpartij aanvoerders, 1 kapot, 1 loopt niet lekker, voor de hobby. Op = Op.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Onze gemêleerde wijk 30 november 2019

Wij wonen in een Eindhovense wijk die diep in de vorige eeuw begon als arbeiderswijk. Langzaam
gleed de wijk af naar een achterbuurt. De straatnamen gaven de wijk de naam kruidenbuurt.
Jarenlang was alleen al het uitspreken van die naam genoeg om andere Eindhovenaren te doen
huiveren.

Begin jaren negentig woonden wij er een aantal jaren. Aan de goede kant, in de huizen waar vroeger
de chefs van Philips en DAF woonden. Wij vonden het een fijne volkswijk met rauw volk waarvan
je wist wat je eraan had.

Na een aantal jaren bracht het werk van mijn vrouw ons naar een aantal andere plaatsen.
Ondertussen ging het arbeidersgedeelte van de kruidenbuurt op de schop. Nou ja, op de schop.
Je kent het niet meer terug.

De gemeente besloot dat er in de wijk een mix van bewoners moest komen. De oorspronkelijke
bewoners keerden terug in mooie nieuwe sociale huurwoningen, maar er werd ook gebouwd voor
mensen van buiten de wijk die zich een eigen huis konden veroorloven. De gemeente vond dat een
gemêleerde wijk beter was. Ik denk dat de gemeente dacht dat de wat beter gesitueerden dan wel op
die arbeiders zouden passen of zoiets.

Aan de rand van de wijk kwam in 2008 een appartementencomplex. Een landmark, want dat wilde
elke gemeente toen. Vijf jaar geleden streken wij daar neer. Het complex bestaat uit twee gedeelten:
de hoogbouw en de laagbouw. De hoogbouw is waar wij wonen. Een deel van die appartementen is
eigendom, een deel wordt verhuurd voor exorbitant hoge prijzen. Daar wonen dus expats uit de hele
wereld in waardoor wij samen met een deel van onze buren een internationale mix vormen en ik in
de openbare ruimtes meer Engels dan Nederlands praat. Ik vind het leuk.

Het andere gedeelte is de laagbouw. Die appartementen zijn verhuurd aan de mensen die vroeger in
die kleine maar o zo gezellige woninkjes in de kruidenbuurt woonden. Ook dat is een internationale
mix, zij het iets minder gevarieerd.

Wij vormen dus onder die aan elkaar grenzende daken een gemeenschap zoals de gemeente zich dat
ooit voorstelde. In de hoogbouw de middenklasse die een huis kan betalen en goedverdienende expats,
die (al dan niet met hulp van hun werkgever) voor hetzelfde vloeroppervlak twee of drie keer zoveel
betalen en in de laagbouw de mensen die afhankelijk zijn van sociale woningbouw.

Beide complexen hebben een ingang aan dezelfde kant. Telkens als ik door ons straatje loop valt me
iets op. Bij ons voor de deur ziet het er altijd keurig is. Bij de laagbouw is vaak de ruit van de voordeur
gebarsten en ligt er voor de ingang altijd rotzooi.

De afstand tussen die twee werelden is pak ‘m beet dertig meter. De kloof onmetelijk. Ik denk dat ik
dit weekend het vuistdikke reglement van onze VVE eens napluis om te kijken of daar iets in staat
over wat de gemeente nou voor had met de gemêleerde wijk en of ik andermans stoepje moet
gaan vegen.

 

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

‘Ongehoord Nederland’: de gotspe van het jaar 27 november 2019

Ongehoord Nederland. Dat is de naam van een nieuwe aspirant omroep onder leiding van de
bekende en gerespecteerde journalist Arnold Karskens. Die omroep wil Nederlanders die nu
niet gehoord worden een stem geven.

ON moet er komen voor mensen die het opnemen voor de Nederlandse cultuur, kritisch zijn
op de EU, immigratie en de huidige plannen om klimaatverandering tegen te gaan.

Nou werk ik al sinds 1974 als journalist. We waren elitair. Wij zonden, het volk ontving.
Nog voor de eeuwwisseling vond er een ommekeer plaats. Wij spraken toen in termen als:
journalisten komen uit hun ivoren toren.

Wij trokken zonder enig plan de wijken in om te luisteren naar wat wij toen ‘het volk’ noemden.
Internet nam een grote vlucht. Mensen konden zelf hun boodschap de wereld in sturen.
Facebook, Twitter en noem maar op werden de platforms waarop dat allemaal werd gestructureerd.

Het liep uit de hand. Het bleek dat mensen massaal gebruik maakten van de mogelijkheid
anoniem, achter de computer, vuil te spuien, te beledigen, te kwetsen en te bedreigen.
Kranten sloten de reactiemogelijkheid omdat het geen doen meer was al die reacties te fatsoeneren.

In de media kwamen Powned en WNL die al die bagger in beeld brachten zodat zo
langzamerhand iedereen met een mening en die daar wel voor durfde uitkomen een gezicht kreeg.

De politiek nam de taal van de straat over. Het werd in de Tweede Kamer een
pandemonium van gelukszoekers die meenden op te moeten vallen met taal die wij aan de
keukentafel niet eens gebruiken. Journalisten schreven dat gretig op omdat ze al lang
waren opgeschoven van informeren naar infotainment naar entertainment. Bovendien
was die parlementaire vuilbekkerij goed voor de kijkcijfers.

Het opvallende was dat vooral de mensen met de grootste bek de meeste aandacht kregen.
Dat zijn niet altijd de mensen met de grootste geest. Klimaatontkenners, racisten, vuilbekkers,
ze pakken allemaal hun kans en sneeuwen iedereen onder die nadenkt en dan met een
genuanceerde mening komt.

Ik vind het prima een nieuwe zender te beginnen.  Maar om een zender te beginnen voor
mensen die het opnemen voor de Nederlandse cultuur, kritisch zijn op de EU, immigratie en
de huidige plannen om klimaatverandering tegen te gaan, Ongehoord Nederland te noemen,
dat vind ik de gotspe van het jaar.

  1. Irene (reply)

    27 november 2019 at 12:17

    Het is de omroep voor de verongelijkten. Die vinden het fijn om zich ‘ongehoord’ te voelen, dan kunnen ze zich daarover ook lekker verongelijkt voelen. Bodemloze put hoor, daar komt nooit iets positiefs uit.

  2. Laurent (reply)

    27 november 2019 at 23:21

    Ja precies, dat soort rechts-populistische bagger horen we als sinds Pim Fortuyn.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Wim Geurts 1931-2019 25 november 2019

Wim Geurts is overleden. Ons pap voor mijn vrouw, schoonvader Wim voor mij. Hij is 88 geworden.
Hij was vitaal, scherp van geest. Nog nooit een dag noemenswaardig ziek geweest. Tot afgelopen vrijdag.

Toen kreeg ik een telefoontje van mijn vrouw, terwijl ik bij de vergadering van Provinciale Staten was.
Ons pap was met spoed naar het ziekenhuis gebracht. Ze was gebeld door de politie die hem in huis
had gevonden nadat hij tegen de grond was gegaan. Met vereende krachten had hij zelf 112 gebeld.
Het klonk niet best.

In het ziekenhuis in Weert troffen we een lijkbleke man, maar geestelijk nog even helder als altijd.
Na een uur bracht dokter Astrid de moeilijke boodschap. Een ader was gescheurd. Levensbedreigend.
Mijn schoonvader kon naar het ziekenhuis in Eindhoven voor een operatie. Als hij dat wilde.

“Hoeveel kans heb ik?” vroeg hij aan Astrid. Ze schetste hem een eerlijk maar weinig hoopgevend beeld.
“En als u het overleeft zult u vermoedelijk niet meer mobiel zijn en waarschijnlijk ook niet meer terug
naar huis kunnen”, zei ze.

Mijn schoonvader dacht kort na. Keek haar aan, keek naar ons en zei: “Dan is 88 jaar mooi geweest.
Et erit in pace memoria eius”.  (En in vrede zal zijn nagedachtenis zijn). Ik schoot vol. Ik vond het moedig
en heftig tegelijk iemand met zoveel nuchterheid over zijn eigen lot te horen beslissen.

“Het was vreselijk toen ik vanmiddag thuis op de grond lag en niet meer overeind kon. Vreselijk”, zei
hij later toen we alleen waren. De uren daarna zou hij dat nog enkele keren herhalen. Hij was tot de
laatste dag gewend lopend, fietsend of met de auto overal naar toe te gaan. De dag ervoor had hij nog
een kegelwedstrijd voor ouderen gewonnen. Het verlies van zijn mobiliteit en dus zijn zelfstandigheid
was voor hem een groter doembeeld dan te sterven.

Ons pap was een man van veel woorden. Voor sommige mensen te veel woorden. Hij was de man die
tijdens ouderenbijeenkomsten, bejaardenuitstapjes, jubilea en feesten speechte. De spotlights trokken
hem aan als een motvlinder.

Hij was geestig, soms met gedachtenkronkels die niet voor iedereen te volgen waren. Hij kon ook met
een paar welgekozen woorden messcherp zijn. Zijn gevoel voor rechtvaardigheid bracht hem meermaals
in problemen omdat hij niet wilde begrijpen dat gelijk hebben en gelijk krijgen niet altijd hetzelfde is.

Dat leidde ertoe dat sommige mensen hem vilein en sarcastisch vonden. Hij liep keihard aan tegen de
hiërarchie van defensie, waar hij tientallen jaren als burger werkte op de Legerplaats Budel. Uiteindelijk
won hij een arbeidsconflict, maar stond hij wel met lege handen. Na jaren bundelde hij de verhalen die
hij daarover voortdurend over ons uitstrooide in een boek. Een hilarisch boek, dat dan weer wel.

Mijn schoonmoeder begreep hem niet en hij begreep haar niet. Na veertig jaar huwelijk besloot ze de
toorn van God, die hen had verbonden, te trotseren en ging ze haar eigen weg.  Eénmaal los van de
huwelijkse staat stortte mijn schoonvader zich in het vrijwilligerswerk en dat viel zelfs de Majesteit op
die hem koninklijk onderscheidde.

Waar anderen soms zuchten om de verplichting van Kerstmis bij de ouders liet hij ons altijd ruim
tevoren weten dat wij niet konden komen omdat hij een volle kooragenda had.

Zijn grote passie was het gregoriaans koor waar hij nog als een jonge god zong. Zijn tweede grote
interessegebied was de Tweede Oorlog. “Don’t mention the war” was onze running gag onderweg
naar ons pap. Dat hoefde ook niet. Hij noemde hem zelf wel.

De laatste tijd was er op dat front een kleine verschuiving gaande. Niet langer stonden zijn eigen
kleine oorlogservaringen als jongeman centraal. Hij had zich verdiept in de doodsstrijd van Polen.
Dat had hem naar de strot gegrepen. Een land dat door de Duitsers én de Russen was vermorzeld.
Vreselijk vond hij dat. Hij vertelde ons waar de boeken over dat onderwerp in de boekenkast stonden.
We hebben ze gevonden, Wie ze hebben wil mag ze komen halen, wij kennen de inhoud.

Zijn laatste verhaal voordat de dormicum zijn geest in nevelen hulde ging over de oorlog in Polen.
Sterker nog zijn laatste woorden waren: tja, Polen.

 

 

  1. Carin (reply)

    25 november 2019 at 10:39

    Prachtig monument voor jullie pap..🌹

  2. josé van Boxmeer (reply)

    25 november 2019 at 12:26

    Jouw stroomopwaarts beschrijft de boekdelen! Zo`n doorleefd leven van een bijzondere man. R.i.p.

  3. Irene (reply)

    25 november 2019 at 17:14

    Je hebt hem mooi uitgeluid.

  4. maria (reply)

    25 november 2019 at 20:37

    mooi gedaan.
    Sterkte

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Als eenzaamheid een naam heeft is het Hermen 22 november 2019

Ik volg vandaag voor Omroep Brabant Provinciale Staten. Niet al mijn verhalen komen
op de website van mijn omroep omdat ze als te weinig concreet worden beoordeeld. Zo’n
beslissing respecteer ik. Politiek is soms niet zo concreet, maar meer beschouwend en daar
zit niet iedereen die zich informeert via een massamedium niet op te wachten.

Onderstaand verhaal blijft dus beperkt tot mijn blog.

 

Als eenzaamheid een gezicht heeft dan was dat vrijdag het gezicht van Hermen Vreugdenhil.
Deze CU/SGP politicus in Provinciale Staten riep Gedeputeerde Staten ter verantwoording omdat,
volgens hem, Brabantse industriële bedrijven werken zonder een natuurbeschermingsvergunning.

Volgens Vreugdenhil stoten ze vieze stoffen uit en is er niemand die dat controleert.
Bovendien zou de provincie industriële bedrijven bevoordelen boven boeren. Na een potje
armdrukken werd de christelijke politicus door vrijwel het hele Brabantse parlement in de hoek gezet.

Namens GS diende gedeputeerde Rik Grashoff (GroenLinks) Vreugdenhil van repliek. Aan het
eind van het door Vreugdenhil aangevraagde interpellatiedebat stond hij met lege handen en
een oproep om op te houden “met uw hardnekkige poging het college van GS in diskrediet te
brengen”, zoals Tom Ludwig (GroenLinks) de menig van een groot aantal Statenleden verwoordde.

Een aantal Statenleden en Grashoff vielen Vreugdenhil aan op zijn Twittergedrag. Grashoff:
“Elke vergunning wordt naar eer en geweten verleend. Je kunt er over discussieren of die
vergunning te ruim zijn. Wat u doet is ons in een kwaadlicht stellen. U twittert dat de uitstoot
van de Amercentrale de laatste jaren veel meer uitstoot, terwijl dat juist minder is. U suggereert
dat wij een onbetrouwbare overheid zijn. Dat werp ik verre van mij. Ik vind dat zelfs laakbaar”.

Vreugdenhil voert al weken strijd. Het begon op Twitter, het landelijke TV-programma
EénVandaag pikte het op en daarna volgden meer media.

Heel kort door de bocht komt het erop neer dat grote bedrijven als de Amercentrale, bierbrouwer
InBEV in Valkenswaard en Verbrandingsoven ATM in Moerdijk hun gang kunnen gaan terwijl
een boer tonnen moet investeren om uitstoot te voorkomen. Aldus de versie van Vreugdenhil.

De christelijke politicus merkte op dat enkele grote industriële bedrijven een vergunning kregen,
een week voordat de Raad van State de PAS-wetgeving in de prullenbak gooide. Vreugdenhil vond
dat verdacht. Dat viel bij Grashoff verkeerd. Hij vond dat een insinuatie die nergens op slaat omdat
niemand kon weten wat die uitspraak zou worden.  “Ik constateer dat het stemvolume van de heer
Vreugdenhil oploopt. Dat gebeurt meestal als hij zijn verhaal kwijt is”, aldus Grashoff.

Daar waar Vreugdenhil suggereerde dat de provincie met twee maten meet, weerlegde Grashoff
voor de andere partijen voldoende dat dat niet zo is. De gedeputeerde gaf toe dat er nog stappen
gemaakt moeten worden als het gaat om vergunningen aan industriële bedrijven. “Daar wordt
keihard aan gewerkt. Hopelijk is vandaag duidelijk dat er in Brabant niet met twee maten wordt gemeten”.

VVD-politica Wilma Dirken steunde Grashoff met haar opmerking dat uit de reportage van
EénVandaag (waarin Hermen Vreugdenhil een prominente rol speelde) bleek dat Brabant
in Nederland vooroploopt als het gaat om vergunningverlening.

In zijn slotwoord beloofde Vreugdenhil zeker terug te komen op de hele kwestie. Dan zal hij
niet meer insinueren, beloofde hij, want dat was nooit zijn bedoeling geweest. Zijn Twittergedrag
zal hij niet aanpassen, verzekerde hij zijn collega-Statenleden.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *