Rotterdam

Een paar weken geleden ben ik op een mooie maar erg winderige dag met mijn zoon foto's gaan maken in Rotterdam. Ik begrijp niet dat mensen dat geen mooie stad vinden.

Er was de laatste weken zoveel andere stof voor dit weblog dat ik er pas vandaag aan toe kom ze te plaatsen.














Vocalies (25)

Er is een nieuwe podcast

vocalies Podplaza banner

(Door Marlies)

He, he, het seizoen is weer begonnen. Gisteren tenminste de eerste repetitie gehad met een nieuw projectkoor. Vriend en begeleidend pianist Carl van Kuyck studeerde afgelopen juni af als koordirigent. Ik mocht het laatste stuk van het afstudeerconcert meezingen bij de sopranen. Vooral om de hoge A aan het einde extra kracht bij te zetten. Lawaai maken heb ik altijd goed gekund . . .

Carl kreeg een dikke, vette, verdiende 8. Hij wordt door zijn koren op handen gedragen. Hij ging meteen met zijn talenten aan het woekeren. Samen met zijn vrouw runt hij al jaren een muziekschool in Tilburg. Kom daar maar eens om in deze zware tijden. Als je als volwassene les wil aan een van de ‘staatsmuziekscholen’ betaal je je scheel en heb je misschien één keer per twee weken twintig minuten les, van een teleurgestelde en gesjeesde solis . . . Ik zou er mijn kind niet aan toevertrouwen, gesteld dat het muziekles zou willen (de meeste kinderen zitten liever op voetballen of streetdance).

Goed Carl dus: hij geeft pianoles en dirigeert koren en begeleidt gesjeesde solisten zoals ik . . . Zijn vrouw geeft vioolles aan vooral jonge kinderen en behaalt daarmee verbluffende resultaten. Het duurt even hoor, voordat uw kind zodanige geluiden uit een viool weet te toveren dat u niet de vullingen uit uw kiezen steeds weer bij elkaar moet gaan zoeken.

Affijn Carl dus (wat dwaal ik toch af in dit logje…). Carl heeft behalve zijn muziekschool ook nog een ‘orkest in een kaartenbak’. Daarmee kan hij allerlei samenstellingen maken om projecten te kunnen begeleiden. Hij kent zijn kaartenbak door en door en weet altijd precies het goeie orkest bij het goeie koor of project samen te stellen, ook een kwaliteit.

Ik mocht er vaak mee zingen en voelde me altijd goed begeleid en thuis bij deze zonderlinge club. Nu wil Carl hetzelfde gaan doen met een ‘koor in een kaartenbak’. Het eerste project is het Gloria van Vivaldi en ‘The company of heaven’ van Benjamin Britten. Hij heeft me overgehaald om minstens het eerste project mee te gaan doen. Allee dan maar. Ik wil het Brabantkoor niet ontrouw worden, dus het betekent in september een paar weekenden echt kachelen, want dan begint het Brabantkoor ook weer met een nieuw project.

Wat ik met dit verhaal wil zeggen? Ga in een koor zingen. Het heeft iets ontroerends: om vijf vóór zeven staat een groep mensen die elkaar vreemd zijn te wachten bij de ingang van een lokaal in het Tilburgs Conservatorium. Om vijf óver zeven is het een koor. Ik hoorde tijdens het inzingen de koorklank opknappen en de stemmen elkaar zoeken. Ik weet niet eens hoe mijn buurvrouw heet (onthou maar eens dertig gezichten in combinatie met hun namen in tien minuten tijd), maar we hebben samen gezongen en dan bedoel ik sámen gezongen.

Carl glom zichtbaar vergenoegd vanachter de vleugel, (niet alleen van het zweet, de temperatuur in die conservatoriumlokalen zou de leiding haar zingende leerlingen niet aan moeten doen) en werkte zich het schompes. Het rammelde en kraakte, maar het machien kwam in beweging en de koorklank kwam op gang. En we haalden het eind, ongeveer gelijk Het was nergens lang vals, iets waar amateurkoren wel eens last van kunnen hebben. Dit was een gezelschap, samengesteld uit de beste koorzangers uit amateurkoren en een paar profs die het niet beneden hun stand vinden om in een koor te zingen (in tegendeel). Ik moest hard werken, want had geen tijd gehad er thuis iets aan te doen. Ik heb een heerlijke avond gehad en die gun ik u ook . . .

Zoek een leuk koor (niet die druilen van slechte amateurkoren die slecht geleid worden en alleen maar roddelkuilen zijn) en leef u uit. Maak er een project van en laat iedereen aan het einde van de rit weer los en stel voor het volgende project de club opnieuw samen. Heus, je komt leuke en interessante mensen tegen (die in hun eigentijd vaak aparte dingen doen, of directeur blijken te zijn van een multinational). En laat je leiden door iemand als Carl!

We zingen de stukken op 19 september in de Waalse kerk in Breda en op 27 september in de Broekhovense Kerk in Tilburg. Kaarten bestellen? mobiusmuziekschool@planet.nl of 06 20017871 (krijg je Carl zelf aan de lijn...)



In de link een koor dat het Gloria van Vivaldi bijna net zo goed zingt als wij het straks zullen doen…

.








Tweede update Piet

Het onderwerp begint toch al lekker te leven. Het Van Abbemuseum heeft een Persstatement uitgegeven. Lees een stukje mee:

Als museum zijn we zeer geschokt door het extreme negativisme en dreigend geweld in de reacties die het gevolg zijn van de aankondiging van deze mars. Het is voor ons een teken aan de wand dat in ons huidige culturele klimaat een onderwerp dat al zo vaak bediscussieerd is zulke extreme emoties teweeg brengt Wij staan volledig achter de kunstenaars. De afgelasting is in het belang van de kunstenaars en de kunst in het algemeen. Kunst kan een grote bijdrage leveren aan het overdenken van actuele thema’s, mits zij als kunst wordt herkend. De grote aantallen extreme reacties die wij de afgelopen dagen hebben ontvangen maken duidelijk dat dit hier niet het geval is. Wij realiseerden ons dat wij met Zwarte Piet een gevoelig thema raakten, maar hadden niet verwacht dat de context – een tentoonstelling – waarbinnen wij dit thema aanspreken dermate uit het zicht zou geraken. Op dit moment heeft het door laten gaan van de mars in onze ogen geen toegevoegde waarde, omdat de kans op een genuanceerde uitwisseling van ideeën minimaal is geworden

Stom zeg, dat al die mensen die zo dreigend reageren niet door hadden dat die protestmars tegen Zwarte Piet kunst is. In wat voor cultuurbarbarij leven we . . .?








Update Piet

Zojuist bereikte ons het onderstaande bericht.

EINDHOVEN (ANP) - De protestmars van twee kunstenaars tegen zwarte piet, zaterdag in Eindhoven, gaat niet door. De gemeente liet
vrijdag weten dat het Van Abbemuseum de vergunningaanvraag heeft ingetrokken, zei een woordvoerder van de gemeente vrijdag.
De protestmars was onderdeel van een tentoonstelling in het museum. Het Van Abbemuseum wil, zo zegt de gemeente, wel een
demonstratie maar geen confrontatie. Het museum kreeg veel reacties naar aanleiding van de geplande mars.


Kijk, daar heb ik wel een mening over. Dit is een domme 21ste eeuwse manier om een kunstvorm uit de jaren tachtig van de vorige eeuw om zeep te helpen. Niets is meer heilig. Ik ben het eens met de PVV: stop de subsidie aan het Van Abbe-museum.








Piet

Ik verbaasde me er zelf over dat ik na al die dagen nog niks over Zwarte Piet had geschreven. De kunstredacteur en de politiek redacteur verbaasden zich daar ook over.

“Het onderwerp leeft niet,” zei ik.

“O nee!” riepen zij in koor. “O nee? Heb je het aantal reacties gezien op GeenStijl en de Telegraaf?’

Waar zijn de tijden dat een kunstredacteur en een politiek redacteur mij om de oren sloegen met NRC Handelsblad?

“Dat bedoel ik,” zei ik. “Het leeft alleen bij een handvol schreeuwers. Niet bij nette mensen.”

Je zag ze denken: omhooggevallen kwast. Ze suggereerden min of meer dat ik niet weet wat er onder de mensen leeft. Dat is mijn eer te na.

Zwarte Piet dus.

Voor wie het niet weet. In het Van Abbe-museum in Eindhoven is een expositie aan de gang met als titel Be(com)ing Dutch. Daarin geven binnenlandse- en buitenlandse kunstenaars hun visie op de Nederlandse identiteit.

Twee van de deelnemende kunstenaars, Anette Kraus uit Duitsland en Petra Bauer uit Zweden, hebben voor zaterdag een demonstratie door de Eindhovense binnenstad georganiseerd tegen de discriminatie van Zwarte Piet.

En daar is nu dus heel veel commotie over, want we mogen dan de laatste tien jaar wat minder knuffelig zijn geworden als het om kleurlingen gaat, je blijft met je poten van onze Zwarte Piet af.

De protestdemonstratie is performance. Jezus, wat fout. Wat jaren tachtig. Overigens heb ik niks tegen mensen die voor lul door de stad willen lopen om Zwarte Piet uit zijn rol van slaaf van een katholieke bisschop te bevrijden. Ontknechting van de Zwarte Piet is goed. Ik ben er zelfs voor om Zwarte Piet geheel zelfstandig en vrijwillig zijn werk te laten uitvoeren. Ik heb er al een term voor bedacht: de ZZP’er. De Zelfstandige Zwarte Piet.

Piet als vrije ondernemer, geheel volgens het nieuwe beginselprogramma van de VVD, waarin ik trouwens best sympathieke dingen las totdat ik Rutte hoorde zeggen dat een Ferrari best op een elektromotor kan rijden met het typische vroemgeluid uit een cassettebandje. Geen wonder dat hij nog geen meisje heeft. Dat is geen vent. Bovendien, wie heeft er nog een cassettespeler in zijn auto?

Ik dwaal af. Terug naar Zwarte Piet. De PVV heeft zelfs vragen gesteld over de kwestie. De rabiaat rechtsen willen niet dat iemand een aanval doet op het oerhollandse Sinterklaasfeest. Wilders als beschermschijnheilige van Zwarte Piet. Ik moest er bijna van huilen.

Maar goed, ik blijf het marginaal geneuzel vinden dat gezeur over Zwarte Piet. Ik heb er niks mee. Eerlijk gezegd schrijf ik er alleen maar over om aan het verwachtingspatroon van twee collega’s te voldoen. Ja, ja, ik weet dat dat zwak is. Maar ook ik ben wel eens een slaaf . . .








Excuses

De eerste keer dat iemand mij er op attendeerde dat ik mijn rijbewijs moest verlengen was een half jaar geleden. Het was op het Romeinse vliegveld Ciampino. De man van het autoverhuurbedrijf wees mij er op.

Een paar maanden geleden kreeg ik een brief van de Rijksdienst voor het Wegverkeer om mij er aan te herinneren dat ik rond deze tijd mijn rijbewijs moet verlengen. Ik stond verbaasd over zoveel service.

Iemand vertelde me dat je via internet een afspraak op het stadhuis kunt maken. Daar moest ik om lachen, want ik denk nog in lange wachtrijen en luie ambtenaren.

Toen mijn tipgever uit het zicht verdwenen was heb ik stiekem op internet gekeken. En verdomd, ik kon binnen een minuut een afspraak maken. Makkelijk zat.

48 uur voor die afspraak kreeg ik een email van de gemeente om mij daar aan te herinneren. 24 uur tevoren kreeg ik een sms van de gemeente opdat ik de afspraak niet zou vergeten.
Gistermiddag stipt op het afgesproken tijdstip was ik aan de beurt. Niks wachtrij.

Ik distantieer mij bij deze van alles wat ik in de jaren tachtig heb gezegd over ambtenaren. En mijn oprechte excuses.








Lieve schat

Er lag een reclameenveloppe op de mat. Hij was gericht "Aan mijn lieve schat" en daaronder stond mijn adres. Dat was duidelijk voorgedrukt.

In die enveloppe zat een ansichtkaart, waarschijnlijk gemaakt op de Keukenhof. Op de achterkant stond ook een duidelijk voorgedrukte tekst. En er zat een quasi uitgeknipte advertentie bij. ik laat het u even zien.






Lieve schatten van Tele2,

mijn moeder is dood.








Ja, hallo . . .

Op de bank achter mij in de treincoupe ging de telefoon. Eerst zachtjes daarna steeds harder en irritanter.

“Ja hallo . . .” hoorde ik een man zeggen.

. . .

“Nee die hoef je niet te wassen, die heb ik maar een paar uurtjes aan gehad.”

. . . .

“Nee, die ook niet, die kan ik morgen best nog een keer aan.”

Daarna was het gesprek afgelopen.

Op de dag dat ik mij er niet meer over verbaas dat mensen niet zelfstandig kunnen beslissen of iets in de was moet en daarover dus mobiel moeten bellen, stop ik met schrijven.








Carpe Diem

Als alles gegaan zou zijn zoals ik het in 1978 had gepland dan zou ik gisteren mijn dertigjarig huwelijksfeest hebben gevierd. Ik was 22 en droomde van huisje, boompje, beestje.

Dat huwelijk kwam er en al die andere dingen ook, maar uiteindelijk strandde het net zo stormachtig als het was begonnen. Dus gisteren was 25 augustus een gewone dag. Ik heb er natuurlijk wel aan gedacht anders zou ik dit niet hebben geschreven.

Ik heb er ondanks alles van geleerd. Bijvoorbeeld dat je op je 22ste geen beslissingen moet nemen die bepalend zijn voor de rest van je leven. Sterker nog: inmiddels heb ik geleerd dat je nooit te ver vooruit moet denken. Carpe diem.








Voorbij

Ik geef niet zo veel om Olympische Spelen, maar ik heb wel veel sport gezien. Dat komt omdat ik in een sportgekke omgeving werk. Ik bedoel dat positief, want wat kun je voor negatiefs verzinnen over mensen met wie ik samen heb gejuicht voor een dansend paard en warterpoloënde dames.

We hadden drie eigen verslaggevers in Beijing die elke dag samen met de bureauredactie een geweldige prestatie hebben geleverd. Tel daar nog eens bij dat het weer de Brabanders waren die de meeste medailles haalden en u begrijpt dat je niet om de Spelen heen kunt als je bij de regionale omroep werkt.

Ik heb me wel beperkt tot de sport zelve, al het gelul er omheen heb ik overgeslagen. Dat doe ik trouwens altijd. Ik vind voor-, tussen- en nabeschouwingen vreselijk.

Eerlijk gezegd heb ik bij vlagen best genoten van al die sporters. Al die mensen die jaren lang een Spartaans leven hebben geleid voor een kort moment van glorie of intens verdriet. Ik zou het niet kunnen opbrengen.

Als je louter naar de sport hebt gekeken dan is het moeilijk te begrijpen dat iemand vanmorgen in de krant zegt dat het één grote reclamespot was voor China. Dat was cynisch bedoeld, begreep ik.

Zoals was te verwachten kwamen alle analyses vanmorgen op hetzelfde neer (bij wijze van uitzondering heb ik de nabeschouwing bekeken). Mooie Spelen, maar China deugt niet. Ik geloof het meteen.

Hebben we ons laten misbruiken voor een reclamespot? Hadden we niet moeten gaan? Volgens mij is het goed dat we gegaan zijn. Die zou er anders niet geweest zijn. China is een land in ontwikkeling, zoiets doet zeer. Anderhalve eeuw geleden leden Nederlandse arbeiders ook pijn tijdens de industriële revolutie. Gun iedereen z’n eigen middeleeuwen.

Dus ik heb niet het gevoel dat ik naar een reclamespot voor China heb zitten kijken. Ik heb vooral naar een reclamespot voor waterpolo zitten kijken . . .








Namen

Ik heb de laatste tijd weer behoorlijk wat nieuwe namen voor mijn collectie gekregen. Laurent (die ik hierbij het predikaat hofleverancier geef) mailde me dat hij in militaire dienst in een compagnie van morsepecialisten zat, en in zijn peloton zaten twee soldaten met de respectievelijke namen Pieper en Toeters. Hij stuurde zelfs een foto die hij in Neuenkirchen heeft maakt. Kijk, dat zijn de ware meedenkers. Ik hou me aanbevolen voor meer foto’s!



Niet alleen dierenplaatjes zijn leuk, ook dierennamen doen het goed. Martin Vink is vogelwachter in Gemert. Peter de Koeijer is bestuurslid van de Zuidelijke Land- en Tuinbouw Organisatie.

De Olympische Spelen leverden ook weer twee leuke op. De eerste Chinese Schutter die een medaille won heet Pang. Hij zal er zelf de grap niet van in zien. Dan hebben wij ook nog Yvonne Hijgenaar, sprintster op de fiets.

Menno den Drijver, is gespeciali¬seerd in schade- expertise op nau¬tisch gebied en tevens bevoegd tot het uitvoeren van recherchewerk.De voorzitter van de Raad van Bestuur van het Jeroen Bosch Ziekenhuis hier ter plaatse heet Drs. M.P.M. de Raad. De plaatsvervangend voorlichter van het Bisdom Den Bosch noemt zich Broeders. Ik denk dat dat zijn echte naam is. In Zwolle was een paar jaar geleden een groente- en fruitwinkel van J. aan het Rot.

Ook Harry Perton stuurde een foto die voor zichzelf spreekt.



Ik kwam ook nog twee berichten tegen die over namen gaan. Ze zijn al wat ouder dus misschien heeft u ze al eens ergens gelezen. Zo niet, bij deze:

ANTWERPEN – Een Antwerps ouder¬paar heeft al hun zestien kinderen een naam gegeven die op een y eindigt. Maandag is het zestiende kind geboren, dat de naam Lovely kreeg. Het oudste kind heet Wen¬dy (23). Ze werd gevolgd door Cin¬dy, Jimmy, Brendy, Sonny, Sandy, Purdy, Chardy, Yorry, Yony, Brit¬ney, Yenty, Ruaby, Xanty, Pearly en sinds maandag dus Lovely.

„Qua inspiratie voor y-namen zit¬ten we nog niet aan het einde van ons Latijn”, zegt moeder Brigitte Driessens (38) in Gazet van Ant¬werpen. Ze wil evenwel geen ze-ventiende kind meer. „We stop¬pen ermee, want over enkele jaren wil ik klaarstaan om kleinkinde¬ren op te vangen.”
België kent nog een groot gezin met bijzondere na¬men. In de zogeheten Presley-fami¬lie in Gent heeft vader Jean-Pierre Antheunis negentien kinderen ver¬noemd naar zanger Elvis Presley. Zo is Shelby vernoemd naar Shel¬by County, waar Elvis’ huis Grace¬land staat.


WELLINGTON - Een rechter in de Nieuw-Zeelandse stad Wellington heeft besloten dat een 9-jarig meisje niet langer Talula Does The Hula From Hawaiï (Talula doet de Hula van Hawaiï) mag heten.
Het kind schaamde zich daar zó voor dat ze zichzelf 'K' noemde. Haar nieuwe naam is niet bekend gemaakt.

De rechter uitte zijn bezorgdheid over de vreemde namen die kinderen uit de regio Taranaki de laatste tijd meekrijgen.

Zo is er een tweeling die Fish en Chips (Vis en Patat) is genoemd. Ook kreeg een kind de naam Number 16 Bus Shelter (Bushokje bij Lijn 16) mee, een ander kreeg de naam Fat Boy (Dikke Jongen). Verder duiken plots namen in sms-taal op, zoals O.crnia, wat voluit Oceanië zou zijn.

De rechter noemde de namen Violence (Geweld), Keenan Got Lucky (Keenan Had Mazzel), Sex Fruit (Seks Fruit) en zelfs Hitler.

Volgens de rechter maken de ouders met deze namen hun kinderen belachelijk, waardoor die een sociale handicap hebben. Talula durfde haar naam tegen niemand te zeggen, omdat ze bang was gepest te worden. ,,Ze toont daarmee meer inzicht dan elk van haar ouders'', oordeelde de rechter.


Het heeft niks met mijn namencollectie te maken, maar ik heb erg moeten lachen om de tafeltennisters: de Nederlandse Li Jie, de Oostenrijkse Liu Jia en de Luxemburgse Ni Xia Lian.








Vocalies (24)

(Door Marlies)

Op Stroomopwaarts.com kwam een reactie op een stukje dat ik schreef (hoera!). Het was ook een verzoek om iets te schrijven over Cathy Berberian en voila, een onderwerp voor een volgend weblog over klassieke muziek. Eerst maar iets over haarzelf.

Catherine Anahid Berberian werd geboren in Attleboro, Massachusetts op 4 juli 1925. Ze stierf in Rome in 1983, veel te vroeg, want ze had nog van alles moeten en kunnen zingen . Eigenlijk was ze geen zangeres, maar vocalist, want ze kon heel veel met haar stem, zo niet alles wat een stem redelijkerwijs aankan.

Ze was een tijdje getrouwd met componist Luciano Berio, die stukken voor haar schreef, net als andere avantgarde-componisten: Sylvano Bussotti, John Cage (die trouwens prachtige liederen schreef, zeer zingbaar), Hans Werner Henze en Igor Stravinsky. Toch niet de minste jongens, zou je zeggen.

Toen ik in 2004 een programma mocht samenstellen met als thema De menselijke stem moest Cathy van de partij zijn. We draaiden toen, als ik me goed herinner ‘Stripsody’, waarmee ze bij het grote publiek bekend werd. In Nederland hebben we ook zo’n stemkunstenares, Greetje Bijma. Die kan ook (bijna) alles met haar stem.

Grote delen van de kundigheden van Berberian en Bijma snap ik en waardeer ik. Ik heb, ik denk net als zij en net als iedere geboren zanger (let op niet ik zeg niet : ‘iedere goeie zanger’), een niet te stuiten drang om te proberen accenten te imiteren, geluiden na te doen, in discussie te raken met vogels (wat met merels soms lukt!) terug te mauwen tegen mijn poezen (vreselijke kletsmeiers, maar waar ze het over hebben?), uit een hondenjank af te leiden wat de hond bezighoudt, aan ’s mensens stem hun psychische nood of pijn te horen en alle akoestieken uit te proberen.

Dat komt niet voort uit geldingsdrang en zelfs niet uit ijdelheid, maar uit een belangstelling voor wat die stem kan en teweeg kan brengen en de fascinatie voor het menselijk geluid. Die drang moet Berberian gehad hebben en uit Greetje Bijma’s performances valt af te leiden dat zij die drang ook heeft (je denkt soms als je haar bezig ziet en bezig hoort dat ze knettergek is . . en dat zullen mensen soms van mij ook wel denken; overigens houd ik het liever op prettig gestoord . . ).

Ik ben geen avant-garde zangeres, Peter (die reageerde op Stroomopwaarts). Ik kan het niet zingen, omdat ik te ‘tonaal’ opgevoed ben , een luie lezer ben en aartsconservatief van geest. Maar er valt vast veel moois te beleven bij de hedendaags klassieken. Ik beleef klassieke muziek uitsluitend voor mijn lol (vooral nu ik er niet meer mijn brood mee hoef te verdienen en niet meer politiek correct hoef te zeggen dat hedendaags klassiek ‘best interessant’ is). Die lol wil ik delen, van de daken schreeuwen en er mensen mee binnen hengelen, binnen de klassieke muziek bedoel ik dan.

Maar respect heb ik wel voor ze: voor die medestudent die moeiteloos kon treffen en waanzinnig snel van toonsoort naar toonsoort kon schakelen, voor de Cathy Berberian’s van onze tijd, voor iedereen die componeert of pogingen daartoe doet, zelfs al ontaardt het vaak in klereherrie. Daarom hier een linkje naar Cathy: Sequenza III, geschreven door Luciano Berio.








Kadootje

We hadden nog niet eens verkering, mijn vrouw en ik, toen zij mij na afloop van een feestje bij haar thuis een pakketje in mijn hand duwde. Ik was de laatste gast die vertrok (mijzelf kennende heb ik geholpen met de afwas, maar dat weet ik niet zeker meer). We kusten voorzichtig bij het afscheid en op dat moment kreeg ik dat pakje.

Het was een doosje met daarin de sleutel van haar huis. Voor als ik even genoeg had van de dominante hospita waar ik na mijn echtscheiding onderdak had gevonden. Ik vond het een ontroerend kadootje. Als ik een romanticus zou zijn zou ik schrijven dat zij mij op dat moment de sleutel tot haar hart gaf.

Vorige week, we zijn een jaar of zestien verder, kondigde mijn vrouw aan dat ze een kadootje voor me had besteld. Ik krijg het pas vanavond maar mijn vrouw is niet het type om dat lang geheim te houden. Ik moest raden. Dat doe ik nooit want ik ben geen romanticus en voor je het weet raad je iets wat boven de begroting uit stijgt en dat kan tot wederzijdse teleurstelling leiden.

Ze vertelde me wat ik vrijdag krijg. Als ik een echte vent zou zijn dan zou een natte droom in vervulling gaan. Nu ben ik gewoon blij en dankbaar.

U moet weten dat wij maar één auto hebben. Dat klinkt zielig voor tweeverdieners van wie de kinderen de deur uit zijn, maar dat is het niet. Wat moeten binnenstadsbewoners met twee auto’s als er een treinstation naast de deur is en nauwelijks parkeerplaats?

Mijn vrouw is eigenaresse van de auto. Ze heeft een aantal weken geleden een nieuwe gekocht. Haar zesde Ford Ka. Dit keer een bijzondere: de 12th Edition. Kijk hier maar eens.

Bij die auto horen een gewone sleutel en sleutel waarmee je de portieren en de achterklep al van kilometers afstand kunt bedienen. Hoewel ik het meest rij, heeft mijn vrouw die magische sleutel waar elke rechtgeaarde man zijn mannelijkheid mee bevestigt.

En wat heeft mijn schat nu gedaan? Ze heeft op eigen kosten voor mij ook zo’n speeltje laten maken. Dat is dus de tweede keer dat zij mij een cruciale sleutel geeft. Ik denk overigens dat die eerste keer mijn mannelijkheid meer werd geactiveerd dan deze keer. Maar goed, ik ben dankbaar want het heeft natuurlijk wel iets stoers: een forse vent van middelbare leeftijd die op afstand de lichten van een Ford Ka laat knipperen.








Chauvinisme

Nog nooit had iemand van ons een waterpolowedstrijd tot het einde gezien. Maar vandaag stonden wij te juichen toen op vijf televisieschermen ter redactie onze meiden Olympisch kampioen werden.

“En weer succes voor Brabant!” gilde iemand.

“Zitten daar ook al Brabanders bij?” vroeg ik. Ik had nog nooit van een Brabantse waterpolo-vrouw gehoord.

“We hebben het hier over Groot-Brabant,” riep een ander.

Het chauvinisme kende geen grenzen hier ten burelen. Dankzij waterpolo.

Toen vlug overgeschakeld naar het mannenhockey. Daar zijn er wel van ons bij. Ik had u daar ook verslag van willen doen, maar we hebben de handen vol om sommige collega’s te beademen.

Eén van de vrouwelijke collega’s merkte op: “Het zijn toch weer de vrouwen hè . . .” . Er was er maar eentje die er om kon lachen. Ook een vrouw.








Exclusief

In mijn krantentijd, jongelui, was journalistiek topsport. Het ging om winnen en verliezen. Winnaars waren die journalisten die het nieuws als eersten meldden. De verliezers waren zij die er pas de volgende dag mee kwamen. Het jachtseizoen op primeurs kende geen broedtijden en er werd met scherp geschoten.

Ik werk al langer bij radio en TV dan ik bij een krant heb gewekt. Dus ik kan niet beoordelen hoe het er nu op krantenredacties aan toe gaat. Wat ik wel weet is dat bij radio en TV andere wetten gelden. Wie daar de mooiste quotes en spectaculairste beelden heeft is spekkoper. Het moment waarop die worden uitgezonden is van ondergeschikt belang.

Ik veroordeel die werkwijze niet, want ik ben de eerste om toe te geven dat primeurs een journalistending is. Het zal het publiek een worst wezen. Zeker nu iedereen via de mobiele telefoon zelf nieuwsbeelden op internet kan knallen, is die journalistieke competitie verworden tot een kortstondige persoonlijke kick die je in stilte ondergaat.

Toch zie je af en toe een collega glimmen als hij of zij exclusiviteit heeft bereikt want dat betekent dat al die anderen het nieuws niet hebben. Lekker puh . . .

Zo kwam ik deze week een mailtje tegen over de manier waarop de media de uitvaart van de omgekomen cameraman Stan Storimans mogen verslaan. Dat was exclusief gegund aan ons, de NOS, RTL, het ANP en de regionale krant.

Ik heb eens nagedacht over deze exclusiviteit. Wij leveren onze items aan alle andere regionale omroepen. De NOS en RTL hebben een landelijke dekking en leveren beelden aan alle Europese TV-stations. Het ANP werkt voorvrijwel alle Nederlandse media en alle buitenlandse persbureaus. De regionale krant deelt z’n verhalen met alle andere regionale dagbladen in Nederland.

In tegenstelling tot enkele van mijn collega’s heb ik Stan Storimans niet persoonlijk gekend. Maar ik denk dat deze nieuwsman pur sang zou glimlachen om deze exclusieve verslaggeving van zijn uitvaart.








Mens

Soms kom je als journalist in een spagaat terecht. Bijvoorbeeld als er onderwerpen langs komen waar je als privépersoon belang bij hebt.

Vandaag bereikte ons het nieuws dat de gemeente Den Bosch de coffeeshop bij ons om de hoek voor drie maanden wil sluiten. De eigenaar had twee kilootjes meer handelsvoorraad in huis dan is toegestaan. Typisch Hollandse boekhouderij: wel coffeeshops gedogen maar zeiken over een beetje handelsvoorraad.

Die sluiting zou mij wel goed uitkomen. Drie maanden geen jongetjes met petjes in Golfjes met ronkende motor en stampende bassen voor de deur. Drie maanden niet voortdurend illegale parkeerders, die de plekken bezet houden waar wij voor betalen. Drie maanden geen frietzakken, bierblikjes en sigarettenpeuken in de straat. Drie maanden geen kleine Marokkaanse jongetjes tegen de voorpui die wachten op hun oudere vriendjes die hun wiet kopen omdat ze zelf niet binnen mogen (waarom mogen zij eigenlijk geen alcohol maar wel andere genotsmiddelen?)

Aan de andere kant heb ik wel een boon voor de bedrijfsleider van de coffeeshop. Het is een aardige vent die alles doet wat in zijn vermogen ligt om de overlast tegen te gaan. Drie keer in de week laat hij de wijk schoonmaken en potige bewakers moeten de irritante foutparkeerders tot de orde te roepen. Dat laatste werkt niet echt want de veiligheidsmensen hangen liever tegen de pui dan dat ze op de omgeving letten. Maar de goede wil is er. En dat vind ik te prijzen, hoewel het vertrek van zo’n voorziening die vooral veel slecht volk aanzuigt, mij een lief ding waard is.

In het ochtendoverleg werd mijn mening gevraagd over dit onderwerp. Ik schetste de twee kanten omdat ik zo objectief mogelijk wil zijn. Dat zou er toe kunnen leiden dat het item van mijn collega vanavond journalistiek objectief is, maar dat het mij als buurtbewoner slecht uit komt. Een mens kan zo van die dilemma’s hebben. Misschien ben ik toch meer journalist dan mens . . .








Anoniem

In het kielzog van Wijnand Duyvendak is ook Rikus Spithorst gesneuveld. Spithorst was woordvoerder van ROVER, de belangenorganisatie van reizigers in het openbaar vervoer.

Rikus meende anoniem op Fok.nl een oproep te kunnen doen het huis van Femke Halsema in brand te steken. ’t Was satire zei Rikus, maar niemand anders dan hijzelf kon er om lachen. Alweer zo’n groepsvertegenwoordiger die de tijdgeest niet aanvoelt. Zouden die mensen wel eens iets anders lezen dan hun clubblaadjes?

Ik hou niet van anonimiteit. En al helemaal niet van mensen die in het geniep oproepen tot geweld. Ook niet als dat grappig bedoeld is.

Ik heb af en toe zakelijk telefonisch contact met woordvoerders van ROVER. Ik vind het opmerkelijke types. Het zijn hardwerkende mensen die opkomen voor de belangen van reizigers. In mijn verbeelding zijn het op publiciteit en macht beluste mannen (ik heb nog nooit een vrouwelijke ROVER gesproken) van middelbare leeftijd, die geen vrouw hebben zodat ze niet afgeleid worden en alle energie kunnen steken in de goede zaak. Als ze naar vergaderingen gaan dragen ze hun spullen in tasjes van Dirk van den Broek, denk ik.

Ik heb geen idee hoe ze aan die baantjes zijn gekomen. Democratisch kan het niet gegaan zijn want mij is nooit iets gevraagd terwijl ik toch elke dag met de trein reis. Nou meneer Spithorst, u wordt bedankt! U heeft mijn belangen goed behartigd!

De pijlen richten zich nu op Rikus. Wat mij betreft mogen die ook op Fok.nl worden gericht. Waarom laten de mensen achter deze site in hemelsnaam toe dat er oproepen tot fysiek geweld tegen politici worden geplaatst? Is er daar dan helemaal niemand die in de gaten houdt wat de bezoekers uitkramen? Media met een beetje gevoel voor verantwoordelijkheid nemen types als Spithorst tegen zichzelf in bescherming.

Aan de andere kant: zulke sites kanaliseren ook de woede van mensen die misschien anders getooid met een bivakmuts brandende lappen in brievenbussen stoppen. Nu kunnen ze actie voeren zonder dat ze hun luie reet hoeven te verheffen. Lekker vanuit de bureaustoel een beetje schelden. Het zijn actievoerders van niks natuurlijk en met een podium als Fok.nl blijven ze dat ook. Zolang wij dat achterlijke gebral niet al te serieus nemen is er weinig aan de hand. Alleen moet dat soort types niet namens mij onderhandelen met NS. Dus het is goed dat Spithorst nu letterlijk is beland daar waar hij hoort: in de anonimiteit.








Dierenplaatje (slot)

Morgen beginnen in Brabant de meeste scholen weer. Dat betekent dat de vaders en moeders ook weer aan de slag gaan en dat de nieuwsstroom langzaam op gang komt

Het is het einde van de komkommertijd. Daarmee komt ook een einde aan de dierenplaatjes waarmee ik mezelf door deze periode heb gesleept. Ik heb er nog een paar. Vandaag gaan ze in de uitverkoop.

Eigenlijk had ik ze niet echt nodig om mijn weblog te vullen. Wat dat betreft is het net als het echte leven. Elk jaar vragen wij journalisten aan het begin van de komkommertijd ons vertwijfeld af: hoe komen we die tijd door? En elk jaar zeggen we wel een paar keer tegen elkaar: ’t valt eigenlijk best mee. We zijn er qua nieuws aardig doorheen gerold.

Ik weet nu al dat we elkaar volgend jaar juni weer zorgelijk aankijken. Het hoort bij ons vak. Journalisten zijn doodsbang voor lege agenda's.















Vocalies (23)

Er is een nieuwe aflevering van Vocalies-podcast.

vocalies Podplaza banner


(Door Marlies)

Het is zomer, dus we worden weer om onze oren geslagen met Festivals. In Salzburg, het Holland Festival zal een dezer dagen wel weer de kop op steken (of is het al geweest?), de Uitmarkt in Amsterdam, Lowlands (gun die pop-jongens nou ook eens wat) de Boulevard in Den Bosch (waar ik zelf ooit eens hoop te staan, tegen die tijd zal ik u waarschuwen . . .).

Mijn echtgenoot en ik stropen de Boulevard in Den Bosch elk jaar met toenemend plezier af. Ik mis er altijd de klassieke muziek, maar ik kan gelukkig ook gegrepen worden door andere kunstvormen, dus ik geniet toch wel. Mijn echtgenoot ontwikkelde een neus voor leuke voorstellingen en ik laat mij ieder jaar verrassen.

Afgelopen donderdag bijvoorbeeld, kwam ik toch nog een beetje aan mijn (muziek)trekken met de voorstelling ‘Tsjechov bij de bushalte’. Mijn ouwe grote baas bij de AVRO zat naast me en was geloof ik ook geamuseerd (als AVRO-baas sla je je nou eenmaal niet op de knieën van plezier . . .).

Aan het einde van het stuk trok een carnavalesk uitgedoste koperblaasband door het veld en luidde zo hilarisch het einde van het stuk in. De blazers zaten bij ons in de pendelbus terug en ze wisten de overvolle bus nog aan het zingen te krijgen ook. Op zulke moment voel ik mij bevoorrecht in Den Bosch te wonen: wie zegt het me na: op een mooie zomeravond met een bus vol leuke mensen en je arm om je lief heen door het buitengebied van Den Bosch rijden en met de band meebrullen: ‘Tanze mit mir in den Morgen’. Goed, klassiek is het niet, maar leuk wel . . .

In de Volkskrant van deze week een uitgebreid verslag van de Festspiele in Salzburg, waar mijn idool Rolando Villazon de sterren van de hemel zingt. Ze mauwen daar nu weer dat ze Gerard Mortier, de vorige intendant, missen, die in het verleden altijd voor polemiek zorgde. Meer bepaald mauwde de recensent in de Volkskrant daarover. Ik las het stuk nog eens en dacht: wat zijn jullie toch verwend: gaat het eindelijk eens goed (‘Meer dood dan liefde in Salzburg’) verlangen jullie terug naar de tijd dat Mortier iedereen woest wist te krijgen. Mocht ik er maar eens een paar jaar intendant zijn.

Samenvattend: er is veel leuks te beleven op al die festivals. En het leukste is het als je je er volledig in onder kunt dompelen. Volgend jaar proberen we een paar dagen vrij te nemen en gaan we gewoon hele avonden in het theater hangen.

En ooit, als ik nog es rijk word . . . ga ik met mijn lief naar zo’n sjiek festival als Salzburg, of Bregenz of Bayreuth. Strak pak aan (ik ben geen type voor avondjurken), hoge hakken. Mijn lief op zijn best aangekleed en dan op de mooiste plaatsen in het theater zitten en naderhand intelligent verkondigen dat je toch meer van polemiek houdt . . .

Geniet er nog maar even van, vóór u het weet moet u weer in het gareel en klopt de herfst aan.

En in het linkje: Gerhard Wendland met ‘Tanze mit mir in den Morgen’, kunt u ook lekker effe ongegeneerd meebrullen . . . (het is wel heel erg…, ik heb u gewaarschuwd!)








Overmoedig

Wijnand Duyvendak treedt terug. Ik pleitte daar al eerder voor, net als veel andere meer gezaghebbende mensen. Het gaat om het resultaat.

Wat mij nu bezig houdt is de vraag waarom Wijnand Duyvendak dacht dat hij straffeloos zijn misdrijf kon opbiechten. ’t Lijkt mij een intelligente man die toch beter had moeten weten.

Een parlementariër bovendien van wie je mag verwachten dat hij de tijdgeest aanvoelt. Dat deed hij niet dus is het terecht dat hij de Tweede Kamer heeft verlaten.

Ik schreef het al eerder: in de jaren tachtig konden mensen die burgerlijk ongehoorzaam waren op een zeker respect rekenen. Het was de tijd dat politiek correct links een religie was met de Volkskrant en Vrij Nederland als richtsnoer. In dat klimaat pasten de onparlementaire acties van Duyvendak en deed niemand daar echt moeilijk over. Alles voor de goede linkse zaak.

Mensen die in die kringen verkeerden versterkten elkaar voortdurend in hun gelijk, zoals dat in alle kringen gebeurt. Zolang de aksies zich beperkten tot inbraken om stukken openbaar te maken was er weinig aan de hand.

De sympathie sloeg om naarmate de actievoerders zich – overmoedig als ze waren geworden – te buiten gingen aan bedreigingen en brandstichtingen. Op dat moment waren ze al zo overtuigd van hun eigen gelijk en was hun referentiekader al zo geslonken dat ze er zelf geen kwaad in zagen.

Het afgelopen decennium is Nederland veranderd. We zijn minder tolerant geworden. Niet alleen ten aanzien van knuffelbuitenlanders maar ook ten aanzien van knuffelactivisten. Op hoeveel sympathie konden dierenactivisten niet rekenen tot Folkert van der G. meende het land een dienst te bewijzen door een rechtse politicus om het leven te brengen?

Er is al jaren geen begrip meer voor mensen die geweld gebruiken of gebruikten. Zerotolerance is nu het parool. Met terugwerkende kracht. Het grootste verwijt dat Duyvendak zichzelf op dit moment kan maken is dat hij dat niet heeft begrepen. Hij is overmoedig gebleven. Misschien komt het omdat hij in het verkeerde referentiekader zit.








Koppen

U, die mij kent als geen ander, weet dat ik mij af en toe erger aan "wetenschappelijke" en andere onderzoeken. Vanmorgen kwam ik een bericht tegen dat mij, als journalist, mijn bek zover deed open vallen dat er een zekere verkramping van de kaakspieren plaats vond.

Een collega van mij, die de spraak niet was ontnomen, zei: je hebt open deuren en open gevels.

Wij denken dat Joke Lange een glanzende toekomst voor zich heeft. (Ik weet wel dat ze De Lange heet, maar . . .)

En tegen mevrouw Lange zou ik willen zeggen: we laten die lidwoorden weg omdat we moeten woekeren met de ruimte. Muts!


De kop die u nu leest komt zelden in de krant

UTRECHT (ANP) - De kop boven dit artikel komt zelden in de krant,
omdat er twee lidwoorden instaan. Volgens Joke de Lange van de
Universiteit Utrecht laten Nederlandse journalisten en redacteuren
opvallend vaak lidwoorden weg in krantenkoppen. De Lange promoveert begin september op dit onderwerp in de geesteswetenschappen.
Net als kleine kinderen laten journalisten vaak lidwoorden weg.
Volgens De Lange doen beide groepen dit uit pure noodzaak. Een
redacteur die een krantenkop schrijft, blijkt te worden beïnvloed
door vergelijkbare subtiele mechanismen als een kind dat een taal
leert, vertelt De Lange. ,,In principe worden elementen weggelaten
die geen informatie bieden.''








Troost

Er heerst een lichte mineurstemming op de redactieburelen van de Brabantse omroep. Gewend als we zijn aan de successen van onze sporters, moeten we nu constateren dat we de komkommertijd niet kunnen afsluiten met een reeks huldigingen, bij voorkeur in landauers.

Ons Pieter is uitgezwommen. Ons Imke deed het in de paardenbak niet overtuigend. Onze beachvolleyballers komen voortijdig naar huis. Ons Marianne fietste als een natte krant. Nee, het is allemaal stukken minder dan andere jaren.

Gelukkig hield één van onze sportredacteuren er de moed goed in. “Op de Olympische Spelen zijn nu eenmaal meer verliezers dan winnaars.” We waren getroost.








Dierenplaatje (22)








Zog

"Meneer . . . ." zei de hoogbejaarde mevrouw in de supermarkt. Ze had het tegen mij.

"Ik wit ut zelf wel," zei haar oude man.

"Meneer," ging ze onverstoorbaar verder. "Weet u welke het donker bier is."

"Ik denk dit," zei haar man. Hij wees op Heineken Oud Bruin.

"Ik denk het ook," zei ik, "maar u bedoelde natuurlijk dat ouderwetse bier . . . "

". . . van vruuger," vulde hij aan. Hij keek met een blik van verstandhouding.

"Das allemaal vernieuwd, denk ik," antwoorde ik. "Dat bier was . . . ."

. . . . goed voor uuuhh zwangere vrouwen," zei de man.

"Goed vur 't zog, zeje vruuger," zei ik.

"Precies," zei de man opgelucht. Ik zag dat hij dat zelf had willen zeggen, maar dat hij niet kon inschatten of ik dat dan wel begrepen zou hebben.

"Dan vatte we di," zei hij tegen zijn vrouw.

"Goed voor zwangere vrouwen," grapte ik want ik voelde dat dat kon.

"Dan zak ut wel kunne hebbe," lachte de vrouw.








Dierenplaatje (21)








Mode

We liepen door een bijna verlaten winkelstraat. Het was al laat. Elke etaleur had op z’n eigen creatieve manier hard gewerkt om de komende wintermode onder onze aandacht te brengen. Van oktober tot eind april zal het straatbeeld bepaald worden door drie kleuren: paars, paars en paars.

Ik merkte op dat ik het gek vond dat elke winkel dezelfde kleuren aanprees. Ik wilde zeggen: wij mannen kopen toch ook niet allemaal dezelfde auto, maar ik bedacht me plotseling dat degene die in onze relatie de auto koopt dezelfde is als degene die zojuist had gezegd dat ze nog hele oude paarse laarsjes had die nu weer goed van pas komen. Mijn opmerking zou nergens op geslagen hebben.

“Het is nog veel gekker,” zei mijn vrouw, “drie jaar geleden hebben de ontwerpers al vastgesteld dat paars de komende winter de modekleur is."

“Dat is kartelvorming,” zei ik. “Dat mag niet van Neelie Smit.” Of Kroes, ik ben even kwijt hoe ze in het echt heet.

Mijn vrouw haalde haar schouders op. We liepen verder langs nog meer etalages met paarse jasjes, truien of hoe al die kledingstukken ook mogen heten. Ik vroeg me af of mevrouw Neelie komende winter ook in het paars zal gaan.








Laag

Het is nog een hele kunst: laag roken. Voor je het weet brand je een gat in je broek. Of erger nog: brand je je vingers. Los daarvan heeft het iets belachelijks.

In onze stamkroeg wordt nog stiekem gerookt. De eigenaar is verslaafd en hij staat toe dat klanten mondjesmaat een sigaret opsteken. Mits ze laag roken. Dat wil zeggen dat je, gezeten op de barkruk, je peuk tussen je knieën verbergt en de rook naar de vloer blaast.

Het heeft iets jaren zestig toen wij op school stiekem achter het fietsenhok rookten. Het heeft het ook iets samenzweerderigs en dat is spannend. Ik schat nog een week of drie en dan wordt ook in onze stamkroeg de laatste peuk voorgoed gedoofd. Uiteindelijk zullen we niet zo voor lul willen zitten.

Natuurlijk hebben wij eens op een rijtje gezet wat de nadelige gevolgen van het rookverbod zijn. Dat is best aanzienlijk. Nog niet zo lang geleden klaagde de korpschef der politie hier ter stede over het rookbeleid ten aanzien van coffeeshops. Daar mag ook geen tabak meer gerookt worden, wel pure wiet. Dat schijnt, zo werd ons verzekerd, tot veel meer agressie te leiden.

Ander punt. Rokers gaan nu buiten op stoep staan. Mensen met een borrel op die jolig willen doen richten zich op toevallige passanten die broodnuchter zijn. Volgens de deskundigen in onze stamkroeg, die het kunnen weten, leidt dat ook tot meer vechtpartijen, want niet iedereen is van die joligheid gediend.

Diezelfde buitenrokers veroorzaken geluidsoverlast die ook weer tot problemen leidt met de buren van de kroeg die in hun nachtrust gestoord worden.

En er is nog iets anders. Portiers van discotheken schijnen er een probleem bij te hebben. Tot voor kort viel het op als iemand voortdurend d’r in en d’r uit liep. Portiers wisten dan zeker dat het hier een drugsdealertje betrof en ze konden maatregelen nemen. Nu iedereen voortdurend naar buiten gaat om te roken zijn ze de controle kwijt.

En dan nog het grootste probleem. Elke keer als in onze kroeg de WC-deur open zwaait komt er een walm goedkope toiletverfrisser binnen waaien. Vroeger viel die in de rook niet op. De uitbater heeft ons beloofd dat hij een subtieler geurtje in de pot zal hangen.








Dierenplaatje (20)








Vocalies (22)

vocalies Podplaza banner

(Door Marlies)

Vandaag, maar dan in 1919 overleed Ruggiero Leoncavallo. Operacomponist. Niet zo heel bekend en niet bepaald een veelschrijver, maar wel de schrijver van de opera die vooral bij leken heel bekend is: I Pagliacci, oftewel De Clowns (De Paljassen, maar da’s zo’n lelijk Nederlands). Vooral de aria Vesti la giubba is bekend, u weet wel, met die snik erin (nou ja snik, eigenlijk snikken).

Eigenlijk is het nogal een larmoyante aria. Ik heb er amateurs en professionals bij horen schmieren dat het een aard had, maar iets heeft-ie, die aria. Meestal raakt-ie me, hoe schmierderig ook. Eigenlijk is het gewoon een in Italiaans opera-sausje verpakte smartlap. Ik heb zitten piekeren over die titel ‘Vesti la giubba’. Er is slechts een vrije vertaling van te geven: doe je kostuum aan, zet je masker op . . .

Hieronder even iets over Leoncavallo en over de opera I Pagliacci. Ruggero Leoncavallo werd geboren in Napels en studeerde daar ook aan het conservatorium. Zijn eerste pogingen als operacomponist hadden geen succes. Hij zwierf een tijdje door Frankrijk, Egypte, Engeland en Duitsland. Pas in 1892 had hij succes met de korte opera I Pagliacci. De première ervan vond plaats in Milaan, onder Toscanini, en was een doorslaand succes. De Italianen zijn gek op de opera.

Leoncavallo moet een beminnelijk persoon geweest zijn; ik las ergens dat Puccini van hem gezegd heeft dat hij het hoofd van een leeuw en het hart van een kind had.

Na I Pagliacci volgden nog een paar opera’s, maar die hielden geen repertoire. Ik ken ze ook niet (alsof dat wat zegt…): La Bohème, Zaza, Roland en Maia. Leoncavollo schreef ook operettes (Malbrule en Are you there), orkest-, piano- en koorwerken en liederen. Hij overleed in 1919 in Montecatini.

De plot van I Pagliacci . . . Nou ja plot . . . Veel jaloezie, haat, liefde, kortom: alles wat de veristische opera in die tijd had. Het ging gelukkig over ‘gewone’ mensen. Aan het einde, na slechts twee actes en ongeveer een uur, heeft Canio het laatste, dramatische woord: "La commedia è finita!" Onduidelijk blijft - en dat vind ik nou juist zo interessant - of hij het tegen het publiek heeft, tegen zijn vrouw die hem bedrogen heeft en die hij vermoord heeft, of in het algemeen . . .

Ik vond een behoorlijke vertaling op internet, bij onze vrienden van Wikipedia…

Acteren! Terwijl ik buiten zinnen ben, Ik weet niet meer wat ik zeg, of wat ik doe!
En toch is het nodig... om het werk te doen. Bah! Ben je dan geen man? Je bent Pagliaccio!
Doe je kostuum aan, poeder je gezicht. De mensen betalen om hier te zijn en ze willen lachen.
En als Harlequin je Colombina zal stelen, lach dan, Pagliaccio, zodat het volk zal juichen!
Zet je nood en tranen om in humor, je pijn en tobben in grappige gezichten - Ah!
Lach, Pagliaccio, met je gebroken liefde! Lach met de zorgen die je hart vergiftigen!



En natuurlijk twee linkjes op YouTube. Er zijn pagina’s en pagina’s vol met allerlei interpretaties. Luister er maar niet al te lang naar, want je wordt er volgens mij wat baldadig van . . . dat gejaaank . . .

Mario del Monaco (vond ik de mooiste)



Van Placido Domingo staat er een heel stel filmpjes op. De filmpjes bestrijken zijn hele carrière en dat levert weer prachtig vergelijkend warenonderzoek op: hoe ontwikkelt de snik zich?

Placido Domingo in 1998








Zegeningen

Dit wordt zo’n stukje waarvan u achteraf zegt: hallo . . . waar heb jij de afgelopen jaren gezeten? Het gaat namelijk over de zegeningen van email.

Privé mail ik niet zo veel. Bellen doe ik ook weinig. Ik ben het type man dat zijn sociale contacten laat onderhouden door zijn vrouw. Als zij er niet meer is ga ik dood van eenzaamheid.

Ja, op het werk, daar mailen we ons suf. Vijftig mailtjes op een dag is niks. Maar sinds ik secretaris ben van onze fotoclub mail ik me thuis ook de vingers blauw. En nu pas ontdek ik daar de zegeningen van.

Tot een jaar of vijftien geleden zat ik in allerlei besturen, waaronder een kerkenraad. Ik ben namelijk iemand die graag mee praat en invloed uitoefent, maar dat had u al gemerkt. Uiteindelijk ben ik daar op afgeknapt, mede vanwege al dat werk.

U moet zich voorstellen dat de notulen op de Remmington moesten worden uitgetypt. Daarna moesten ze naar het bestuur voor goedkeuring. Dat ging op de fiets of met de auto. Dan werd er rond gebeld. Er waren geen mobieltjes en antwoordapparaten. Er werd dus veel gebeld tot het moment dat iemand thuis was. En bestuurders zijn vaak niet huis. Dus je belde onder het eten, dan maakte je de meeste kans. En dat viel dan weer slecht.

Daarna moesten die notulen overgetypt worden want er was altijd wel iemand die zichzelf onvoldoende terugvond. Notulen maken is namelijk een andere discipline dan een journalistiek verslag in elkaar draaien En dan weer op de fiets om ze bij iedereen thuis te bezorgen.

Tussen het moment waarop een stukje tekst klaar was en het moment dat het iedereen had bereikt kon goed twee weken liggen. Uren en uren was je daar mee bezig. En maar wachten op antwoord. Allemaal zaken die nu in een poep en een zucht gebeurd zijn. Vandaar anno 2008 nog een stukje over de zegeningen van email.








Wijnand

Wijnand Duyvendak pleegt een aanslag op mijn geweten. Het Tweede Kamerlid voor GroenLinks heeft onthuld dat hij een jaar of twintig geleden heeft ingebroken in het Ministerie van Economische Zaken. Hij en zijn diefjesmaten stalen daar geheime plannen voor een kerncentrale op Moerdijk. Die werden ook nog eens gepubliceerd en dat bracht de toenmalige minister Gijs van Aardenne in problemen.

Al die tijd zweeg Duyvendak. Zijn partij wist het wel, maar die telde er niet zwaar aan. Wat moet je met een volksvertegenwoordiger die op inbrekerspad is geweest? De meningen daarover zijn verdeeld, lees ik her en der. Op GeenCommentaar schrijft Martijn dat Duyvendak ongeloofwaardig is geworden. Wat verzwijgt hij nog meer? vraagt GC zich af. GeenStijl (om maar eens een andere favoriet te noemen) vindt dat Duyvendaks houdbaarheidsdatum is verlopen. De reacties op de Volkskrantsite die de primeur had neigen voornamelijk naar aftreden.

Wat ik in al die verhalen een beetje mis is de context van de daad zelve. Het was 1985 en Nederland was toen politiek correcter links dan nu. Het was de tijd dat we tegen alles waren waar “kern’ voor stond. Niets was te dol om kernwapens en kernenergiecentrales tegen te houden. In die sfeer past zo’n inbraak. Het zou mij niet verbaasd hebben als Wijnand Duyvendak een heldenstatus had gekregen als zijn actie tegen het establishment meteen was uitgekomen.

In dat licht bezien pleegt hij dus een aanslag op mijn geweten. Enerzijds is het natuurlijk not done om in te breken en met je tengels aan overheidsspullen te zitten. Anderzijds was het toen een manier om door dat gesloten bolwerk van christendemocraten en liberalen te breken.

Het is alleen jammer dat Wijnand Duyvendak er ooit tegenover het Parool over heeft gelogen. Liegen vind ik erger dan inbreken in een ministerie.

Wat moet je met zo’n volksvertegenwoordiger? Ik heb getwijfeld en mezelf afgevraagd wat ik zou zeggen als hij lid van de PVV was geweest en indertijd bijvoorbeeld had ingebroken bij de vakbond om bepaalde strategieën te ontdekken. Dan zou ik geroepen hebben dat hij weg moet. Er is voor mij dan ook geen reden om nu anders te reageren. Linkse jeugdzonden zijn anders, maar objectief gezien zijn het ook zonden die een volksvertegenwoordiger onwaardig zijn.








Dierenplaatje (18)

Weet u wat nog stommer is dan dierennieuws in komkommertijd? Slaapverwekkend dierennieuws.

LONDEN (ANP/RTR) - Honden vinden het gapen van mensen aanstekelijk. Dat suggereert dat de viervoeters goed menselijke signalen kunnen lezen en waarschijnlijk zelfs empathie kunnen voelen. Dat meldden Britse wetenschappers woensdag in het vaktijdschrift Biology Letters. Hoewel gapen bij veel dieren voorkomt, was bewijs voor aanstekelijk gapen - een gaap naar aanleiding van het gapen van anderen - vooralsnog alleen bij mensen en chimpansees geconstateerd. Het onderzoek van de wetenschappers wees echter uit dat 72 procent van de 29 geteste honden hier ook vatbaar voor was.










Cultuur

Binnen de journalistieke komkommertijd heb je variaties. Het varieert tussen rustig en volstrekte lamlendigheid. Dat laatste stadium treedt in als het aantal nieuwsberichten tegenovergesteld is aan de buitentemperatuur.

In dat stadium worden er vunzige grappen gemaakt als de bulletinlezer roept dat alles welkom is omdat de lat laag ligt.

Als het moment is aangebroken dat de redactie meer op een mortuarium lijkt dan op een dynamische afdeling waar het bruist en kolkt, danwel het niveau is gedaald tot dat van Theater van de Lach dan grijpen wij ouderen de kans aan om de jonge garde wat cultuur bij te brengen

Tot voor een paar jaar geleden vertelden wij over vroeger, maar daar krijg je tegenwoordig de handen niet meer mee op elkaar. Het moet bewegen. Dat hoeft onder deze omstandigheden niet snel, maar het moet wel bewegen.

Deze week hebben het hoofdstuk muziek uit onze jonge jaren behandeld. Met hulp van YouTube. En verdomd, de guppen waren onder indruk. Ik weet het niet zeker meer, maar ik geloof dat we wijs gemaakt hebben dat we er bij waren. Dat had hun ook wel vet geleken.








Dierenplaatje (17)








Haags

Er moet me iets van het hart. Het gaat over een onderwerp dat u waarschijnlijk helemaal niet interesseert. Maar het moet, zei ik toch.

Er is al een kleine week gezeik over de maximum snelheid van treinen. NS wil de treinen op bepaalde stukken 160 kilometer per uur laten rijden in plaats van 140. De forens wint dan minuten. Ja fijn, eerder op je werk! De Europese commissie wil dat ook wel maar dan volgens zijn eigen regels. Dat kost heel veel meer en duurt veel langer.

Minister Camiel Eurlings roept heel stoer dat hij dat varkentje wel eens even zal wassen. Camiel Eurlings die vooral bezig is van alles op de lange baan te schuiven omdat hij heeft gemerkt dat je nu eenmaal niet met 160 per uur door de Haagse wereld kunt razen.

Voortdurend lees ik dat er een paar trajecten zijn waar de trein 160 mag rijden. Bijvoorbeeld tussen Boxtel en Eindhoven. Hoera, daar reis ik dagelijks en elke seconde is er eentje.

Maar wat heb ik daar aan? Die trein doet er nu 17 minuten over want hij stopt op twee tussengelegen stations. Er stopt namelijk geen sneltrein in Boxtel. En de stoptrein haalt nooit 160.

Stel je voor dat de sneltrein die langs Boxtel raast wel 160 mag rijden in plaats van 140. Dan heb je het dus over de trein die uit Den Bosch of Tilburg vertrekt. Dat is een afstand van pakweg 30 kilometer. Daar doet hij nu ongeveer 20 minuten over. De oplettende lezer weet dan dat zo’n trein geen 140 kilometer per uur rijdt want dan zou hij over zo’n stukje geen 20 minuten doen.

Weet u hoe dat komt? Dat komt omdat op dat traject de tunnelbak van station Best ligt. En voor dat stuk geldt een snelheidsbeperking omdat treinen niet zo hard door zo’n diepliggende tunnel kunnen en mogen. Bovendien hebben we het hier over één van de drukste spoorlijnen van Nederland. Het is daar nu al regelmatig filerijden kan ik u uit ervaring vertellen.

Maar goed, Eurlings gaat er voor zorgen dat de treinen op het traject tussen Boxtel en Eindhoven 160 zullen rijden. Hij wordt sinds vandaag gesteund door de SP. Die wil opheldering van de Europese Commissie over de rem die er op de Nederlandse treinen zit.

Ik vind dit een voorbeeld van politici die volgens mij niet weten waar ze het over hebben. Ze moeten maar eens een keer met mij mee reizen (dat kan voor half geld want ik heb een trajectkaart). Dan zouden ze ontdekken dat het traject waar zij met 160 over willen razen verdomd veel op de Haagse wereld lijkt.








Solzjenitsyn

Aleksander Solzjenitsyn is overleden. In mijn jonge jaren was Solzjenitsyn een begrip. Op de middelbare school leerden wij dat sovchozen en kolchozen prachtige staaltjes van samenwerking waren. Mensen werkten samen op het land en deelden de opbrengst broederlijk. De leraar vertelde het met droge ogen. Solzjenitsyn rekende daar genadeloos mee af.

Ik werkte nog maar net bij de krant toen de Goelagarchipel verscheen. Dat was een must in de kringen waarin ik verkeerde. Ik moet eerlijk bekennen dat ik me er aanvankelijk (ik was een jaar of achttien) op heb stukgebeten. Het was gewoon veel te moeilijk voor mij.

Nadat ik een paar keer opnieuw was begonnen heb ik me er toch doorheen geworsteld. Ik moest wel want je telde echt niet mee als je het niet had gelezen. Hoewel ik me nu afvraag hoeveel van die langharige semi-intellectuelen in mijn omgeving echt van kaft tot kaft zijn gekomen.

Toen ik het eenmaal uit had was mijn wereldbeeld behoorlijk veranderd. Ik had bijvoorbeeld geleerd dat je leraren op school niet op hun woord moet geloven. Ik heb er mijn wantrouwen tegenover hoogwaardigheidsbekleders aan overgehouden. In die zin heeft het boek een zekere invloed op mijn leven gehad.

Bovendien was Solzjenitsyn een dissident en dissidenten waren toen per definitie helden. Ze waren de intellectuele equivalenten van onze Hollandse hemelbestormers die in de nadagen van de sixties nog wat tegensputterden. We waren jong en links en we vroegen ons niet echt af of dissidenten gelijk hadden. Dissident was een geuzennaam.

Later was Gorbatsjov onze nieuwe Russische held. En juist op hem had Aleksander Solzjenitsyn kritiek. Hij vond dat Gorbatsjov zijn land verkwanselde aan het westen. Hij bleek zelfs anti-westers. En zo raakte Aleksander Solzjenitsyn in mijn vergetelheid.

Af en toe dook hij weer op en dan dacht ik: ach ja, da’s waar ook. Vanmorgen zag ik zijn foto’s op de voorpagina’s. De man is dood. Hij heeft mij geleerd dat de waarheid vele gezichten heeft.








Dierenplaatje (16)








Apart

Ik heb vorig weekend gewandeld in Friesland. Heet . . . heet . . . Ik hou van die provincie, maar eerlijk gezegd vind ik het meer een fiets- dan een wandelprovincie. Voor wandelaars zijn sommige stukken best saai.

En nou heb ik toch de hele week nog geen tijd gehad u een paar fotootjes van die tocht te laten zien. Ik was heel druk met andere dingen. Vocalies en ik zitten elkaar de laatste maanden nogal in de weg. Deze week heb ik eens uitgerekend wat het kost als we apart gaan. Dat was best ingewikkeld

Voordat u het nou verkeerd begrijpt of valse hoop gaat koesteren: wij zitten elkaar op de computer in de weg. Verder gaat het goed met ons, dank u. Vroeger was de computer voor mij. Maar sinds onze werkkamer ook de muzikale redactie annex opnamestudio voor Vocalies is, hebben we bijna een roosterplanner nodig.

Daarom hebben we besloten een tweede computer aan te schaffen. Eén voor Vocalies en één voor mijn fotohobby, want die slokt het meeste computertijd op. En omdat we nu toch bezig zijn wil ik meteen een heel goed scherm voor fotobewerking.

Deze week hebben we dus gezocht en gepuzzeld want er is zoveel keus. Mijn zoon heeft meegeholpen want hij gaat de computer bouwen. En dat is er zo eentje van: als Pa toch geld gaat uitgeven kan hij het maar beter goed doen. Zo’n jongens staat helemaal niet stil bij de erfenis.

Inmiddels heb ik een nieuw bureautje getimmerd en een tweede bureaustoel aangeschaft (Leen Bakker heeft leuke aanbiedingen!). Onze werkkamer wordt een echt office. Of zo.

Nou, dat waren de beslommeringen. Dan nu de foto’s (de rest staat op Flickr).




Stavoren




Gaastmar




Tussen Stavoren en Hindeloopen




Tussen Stavoren en Hindeloopen




Nijhuzum




Oudegaasterbrekken








Vocalies (20)

(Door Marlies)

Mag ik u eens lastig vallen met mijn laatste studie? Alweer een retorische vraag, die had ik twee weken geleden ook al een . . . het geeft je vaak een excuus tot het schrijven van een stukje, een retorische vraag. En u kunt lekker toch niet ‘nee’ zeggen.

Ik ben een lied aan het studeren en er tamelijk vol van. Dus in plaats van mijn echtgenoot lastig te vallen aan de keukentafel (die hij altijd het hoofdkwartier van onze relatie noemt) kan ik ook u eens iets vertellen van mijn vorderingen. Niet dat mijn echtgenoot niet geduldig luistert naar mijn soms wat onsamenhangende verhalen hoor.

U kent vast wel de Danse Macabre van Camille Saint Saëns. Zo niet, ga dan eens naar De Efteling en bezoek het spookslot. Daar wordt op de melodie van de Danse Macabre ‘gespookdanst’. Wees niet bang, het is geen moment echt eng. De schokkerigheid waarmee de spoken zich door de ruimte bewegen is eerder aandoenlijk. Zelfs kleine kinderen gaan er niet van bedplassen. Het spookslot van De Efteling is nog van vóór de tijd van de computergestuurde systemen, toen alles nog mechanisch aangestuurd werd. Het is prachtig, niet in de laatste plaats dus vanwege die Danse Macabre.

De dans is gebaseerd op een lied. En aan dat lied ben ik nu aan het studeren. Het is lang geleden dat ik zo gegrepen werd door het studeren van een lied. Of het ooit tot uitvoeren komt, weet ik niet, want het is een verdomd lastig lied. Ik zal u vertellen waarom en om dit verhaal te volgen hebt u een klein beetje kennis van de klassieke zang nodig.

Het gaat om een snelle wals. Zo snel dat je moeite hebt de tekst allemaal uit te spreken in die korte tijd. De tekst is in het Frans en het Frans speelt zich (vooral de r-en) veel achter in de keel af. Voordat zo’n klank naar vóren is is de wals al maten verder. Gaat de wals te langzaam dan is het ondeugende eraf. En de zuiverheid is ook al een probleem.

Saint Saëns begint zijn lied met in het voorspel twee overmatige kwarten, die elkaar steeds sneller afwisselen. Die afstand werd vroeger aangeduid met ‘il diabolo in musica’ (de duivel in de muziek); past dus precies bij de dansende skeletten in de Danse Macabre. Maar blijf maar eens zuiver zingen bij zoveel halve wendingen en zoveel tempo. Ik heb er mijn tanden ingezet en ik ga proberen het lied als toegift te zingen op een klein concertje waarbij het thema vooral is ‘Tussen hemel en aarde’. Past wel vindt u niet?

Ik ga hieronder proberen een poëtische vertaling voor u te maken, zodat u een beetje weet waar het over gaat en wat de grapjes zijn. Alles afgezocht naar een fatsoenlijke opname van het lied; zowat dichtgesneeuwd met orkestraties, gekke varianten, alle mogelijk arrangementen, maar een fatsoenlijke opname met lied, ho maar . . .
Jammer.

Zig et zig et zig; de dood in de maat, die met zijn hiel een graf slaat.
De dood die om middernacht zijn wals speelt, zig et zig et zag; op zijn viool
De winterwind fluistert en de nacht is somber (mooi he?). Kreten komen uit de graven
De witte skeletten gaan door de schaduw, gaand en springend in hun te grote doodshemden
Zig et zig et zag; iemand vergist zich (en botst) je hoort de botten van de dansers kletteren
Een verliefd stel laat zich zakken op het mos, als om oude geneugten te willen proeven
Zig et zig et zag; de dood blijft zijn snerpende instrument raspen.
Een gewaad, valt, de danseres is ineens naakt, haar verliefde partner omhelst haar.
De naakte dame was, zo zegt men, markiezin of barones, en haar groene metgezel slechts een arme wagenmaker.
O vreselijk, hoe zij zich verlaagt, alsof haar lompe partner ooit baron was
Zig et zig et zig; wat een dans, de doden geven elkaar de hand
Ig et zig et zag; men ziet in de groep de koning gelijk op dansen met de schurk

Maar, psst, ineens verlaat men de kring, men duwt, men holt, de haan heeft gekraaid…
Oh wat een prachtige nacht voor de arme wereld…
En leve de dood . . . en de gelijkheid !


Ik vond op internet betere vertalingen, maar deze komt vanuit de bron: de zangeres die bevlogen raakt over het stuk dat zij studeert!

Er is vandaag ook een nieuwe podcast:

vocalies Podplaza banner








IOC

Maxima: Alex, de rode telefoon gaat!!!!

Alex: Ah, dat is mama. Goedemorgen mama. Heeft u goed geslapen?

. . . . . .

A: Mama????

Jan-Peter: Goemorge Hooghd. Met de MP hier

A: Ach, neem me niet kwalijk excellentie. Ik haal die kleuren steeds door elkaar.

JP: Deranje tefoon is Uw Moeder, de rode tefoon ben ik

A: Rood bent U? Ja, dat is eigenlijk niet logisch . . .

JP: Zegtu?

A: Niks excellentie. Wat is er van uw dienst?

JP: Dris weer commotie Hooghd.

A: Staan de Belgen voor Baarle Nassau? Hahahaha.

JP: Eve serieus graag. ‘tIOC heeft goedgekeurd dat in China tijdensslympischespelen de internetsite van Amnsty wordt afgesloten. U bent lid van ‘tIOC. Wistudvan?

A: Ach ja, De Chinees vroeg ons of wij daar bezwaar tegen hadden. Ze zeiden dat ze bang waren dat die site anders overbelast zou raken. Dat wilden wij natuurlijk niet.

JP: Oveblast? Oveblast? Met alle rspet Hoogheid. Maar watis dat vronzin?

A: Dat dacht ik eigenlijk zelf ook, maar die anderen waren bang dat China de Spelen zouden cancelen.

JP: Hoogheid, dat kan toch hemaal niet. Waar zit uw verstand! Neem me niet kwalk, ik wond me op.

A: Ja, het leek mij ook wat onwaarschijnlijk, maar ja, ik dacht: welke sportjournalist kijkt er nou op de site van Amnesty? Dat valt toch helemaal niet op. Die zijn toch allemaal van; ja meneer Van Basten, nee meneer Van Basten.

JP: Met alle rspect Hoogheid. Dat is wel erg naïef. Het kost me weer een week om dat op te lossen.

A: Ja sorry excellentie. Hopelijk presteren onze sporters goed dan is iedereen het zo weer vergeten.

JP: Zucht . . . . Nou, prettige dag verder.

A: U ook excellentie. Goedemorgen.

M: Problemen schat?

A: Ach, het gebruikelijke gedoe. Waren we maar in Afrika. No problems in Africa. It’s nice to be nice. By the way; heb jij al gordijnen uitgezocht voor Mozambique. Ik heb de woninginrichter beloofd dat ik voor het weekend de stalenboeken zou terugbrengen.








Dierenplaatje (15)

Oooohhhh. . . . . Lief . . .





Powered by Pivot - 1.40.7: 'Dreadwind' XML: RSS Feed XML: Atom Feed