Murga Parade

We hebben gisteren gezellig gewinkeld in Antwerpen, ikke, mijn vrouw en een goede vriendin. Terwijl de dames in een moordend tempo probeerden zoveel mogelijk tasjes van Claudia Sträter en zo te verzamelen hing ik wat rond op de Meir want daar was de Murga Parade.














Vocalies (17)

(door Marlies)

Het is een hard vak, de klassieke muziek. Da’s net zo’n dooddoener als de uitspraak ‘het leven is hard’ (ik denk daar dan altijd achteraan, ja, de stoeprand ook… ook zo’n volstrekt niet ter zake doend statement). Maar het is wel waar, toch…..?

Net als: ‘je bent zo goed als je laatste concert’ en ‘voor jou tien anderen’. Dat laatste ondervond sopraan Deborah Voigt die ‘effe’ 51 kilo af moest vallen vóórdat ze weer in genade werd aangenomen bij the London Symphonic om een rol te zingen in Ariadne auf Naxos.

Er is een hilarisch filmpje op You Tube, waarin ze een gesprek heeft met het jurkje, waar ze nu, 51 kilo minder en 4 jaar later wél in past. Hopelijk heeft de stem niet geleden van de afvalrace en kan ze weer lekker verder zingen. Ze is in haar prime voor haar stemvak: 47.

Dat het een hard vak heb ik ook een paar keer ondervonden: kerstavond 1991 ging de telefoon. Een dierbare vriend overleden aan een hersenbloeding. Ik moest anderhalf uur later de nachtmis zingen. Ik weet nog dat ik blij was met mijn eerste relatief grote klus en dat ik het een prachtige mis vond (een van de Mozartmissen, ik zou niet meer weten welke).

Een andere goede vriend, koordirigent, ving en praatte me moed in en om half twaalf ging hij zijn nachtmis dirigeren in de ene parochie en ik mijn nachtmis zingen in de andere parochie. En het ging… het moest.

Zoals ik ook een generale repetitie van een operette zong, nadat die middag mijn herdershond in mijn armen stierf en mijn laatste hondje, een buitengemeen eigenwijze terrier ‘presteerde’ het te sterven in de week dat ik acht uitvoeringen van een komische opera had. Het ging, het moest.

Voor dirigent van het Koninklijk Concertgebouw, Mariss Janssons ‘ging en moest’ het even niet meer Hij moest afgelopen vrijdag ook zo ongeveer van het podium gedragen worden. In het ziekenhuis werden hartritmestoornissen geconstateerd. Hij is voor onbepaalde tijd op non-actief. Ik vond het bij zijn aanstelling vier jaar geleden al zo’n broze man. Een lieverd, leek me en na Chailly een verademing voor het orkest, maar broos, zo broos…. En het is al zo hard werken.

Tot zover de berichten van uw speciale verslaggeefster uit de harde wereld van de klassieke muziek

PS
Niet vergeten: als u in de buurt van Den Bosch woont: aanstaande dinsdag 1 juli, op de Parade, om 20.30 uur: De barbier van Sevilla van Gioacchino Rossini. Genieten, en: gratis!








Subsidie



Jongens en meisjes,

de meester wil graag van jullie weten welke andere beroepen jullie kennen die ook maatschappelijk relevant zijn maar geen rendement hebben.

Als jullie een beroep kennen dat maatschappelijk relevant noch rendabel is dan wordt het antwoord goed gerekend en meegeteld bij de eindtoets.

Niet allemaal tegelijk graag.








Ann

Ik hoorde het nieuws gisteren op de radio. Wereldleider George W. Bush heeft besloten Noord-Korea van de lijst met schurkenstaten te schrappen. Noord-Korea heeft gezegd dat het haar nucleaire activiteiten openbaar zal maken. George wenst dat te geloven.

Ik heb me het scenario voorgesteld, hoe dat dan gaat, dat schrappen van de lijst.

Bush belt naar zijn secretaresse. Laten we aannemen dat ze Ann heet. Ann is een mooie naam waarbij ik mij een strak geklede accurate secretaresse kan voorstellen. Pamela roept heel andere beelden op, dus dat vind ik voor dit verhaaltje geen goede naam. Bij Julie denk ik meer aan een overspannen moeder. die valt ook af. Ann is goed.

Ze ziet op de display van haar telefoon dat Bush belt. Als ze onder vier ogen zijn noemt ze hem George, maar nu neemt ze op met haar zakelijke stem: Goodmorning mister President, what can I do for you?

De president vertelt haar het goede nieuws en vraagt of zij Noord-Korea op de lijst met schurkenstraten wil doorstrepen.
Ann kijkt verbaasd. Ze kan goed abstract denken, daarom is ze ook secretaresse van een wereldleider. Dus ze heeft wel een beeld van een lijst maar daar kun je in haar beleving niet fysiek in schrappen. Ze laat een beleefde stilte vallen.

“Doe het maar meteen,” zegt Bush, “dan hebben we maar een daad gesteld”.

Ann twijfelt en vraagt dan aarzelend waar Mister President de lijst heeft opgeborgen.

“In de rechterlade van mijn bureau,” zegt hij.

Ann herpakt zich. “Dan loop ik daar nu heen. Ik neem u aan mijn oor mee,” zegt ze.
Bush moet lachen. Zijn abstract denkvermogen gaat minder ver.

Ann opent de rechterlade en ziet allemaal mapjes die ze niet kent. Ze haat het als bazen dingen hebben waar zij geen weet van heeft.
.
“Het is het rode mapje,” klinkt het uit het luidsprekertje van de telefoon.

Ze vindt het rode mapje en opent het. Daarin zit een A-viertje met namen van landen, keurig onder elkaar geschreven. Ann herkent het handschrift van haar baas.

“Moet ik nu gewoon Noord-Korea doorstrepen?” vraagt ze.

“Ja, doe maar,” zegt Bush.

Ann legt de telefoon even op het bureau, pakt een pen en krast Noord-Korea door.

“Klaar,” zegt ze.

“Bedankt,” zegt Bush.

Als hij heeft opgehangen kijkt ze nog eens naar dat lijstje. Het ziet er slordig uit nu ze Noord-Korea heeft doorgekrast. Ann haat het als dingen er slordig uit zien. Ze zal Bush voorstellen voortaan een potlood te gebruiken dan kan ze landen die geen schurkenstaat meer zijn netjes uitgummen.

Dan schudt ze haar hoofd. Nog een paar maanden, ze gaat zich er ook niet druk meer over maken.

Terug op haar werkkamer ziet ze een half uur later Bush op televisie. Hij vertelt dat Noord-Korea van de lijst met schurkenstaten wordt geschrapt. Ann voelt zich heel even een belangrijke schakel in het wereldnieuws.








Brief van Ali (29)

Beste mensen,

Was geen fijn avond gisteravond met voetbal. Was steeds beetje ruzie met mevrouw Yildiz. Zij kijkt nooit voetbal op televisie maar gisteren zij wilde ook kijken tegen Duitsland.

En toen was eerst in twaalfde minuut bal op lat van Kazim Kazim en zei riep: Stom Turk. Is lelijk woord toch? Dus ik was beetje boos. Maar is ook stom hij schiet op lat, zei mevrouw Yildiz. Is niet stom, is bijna goal, zei ik. En jij kan niet zomaar eigen mensen uitschelden. Is best moeilijk voetbal kijken met vrouw.

Toen was pauze en ik wist zeker die Turkij gaat naar finale. Ik vroeg waar is grote vlag. Mijn vrouw zegt is in wasmachien want was nog vies van toeterronde van vrijdag. Ik was weer beetje boos. Hoe kan jij nou vlag wassen als toernooi nog niet is afgelopen? Mijn vrouw wist niks van toernooi. Zij dacht wij waren al klaar met voetbal.

En toen was nog bijna in laatste minuut gelijkspel en ik wist zeker wij worden kampioen. En toen was alles toch nog afgelopen. En toen mevrouw Yildiz zei: het was toch wel spannend. Wil jij nog kopje thee? Altijd thee. Bah . . .

Ik was boos en ook nog verdrietig. Ik heb woorden tegen mevrouw Yildiz gezegd die niet goed waren. Zij ging meteen naar bed en toen ik heb nog even straatje om gelopen. Ik miste alle toeters en ik had veel spijt van mijn woorden tegen mevrouw Yildiz. Vandaag ik ga kopen grote bos bloemen voor haar voor goed te maken. Zij is heel goeie vrouw, maar wij moeten niet samen voetbal kijken.

Op straat was alleen buurman Arie die nog gevaarlijke pitbull uit liet. Hij was ook voor de Turkij en zei dat ene lelijke woord uit oorlog over Duitsers. Maar zo mag jij niet praten over voetbal. Vanmorgen ging wel weer beter. Ik denk vandaag alle jongens op fabriek zullen mij op schouder slaan omdat ons jongens toch goed gevoetbald hebben. Vandaag ben ik weer knuffelturk en vanavond ik ga knuffels doen met mevrouw Yildiz.

Met voetbalgroet,

Ali Yildiz








Kudde

Ik dacht vanmorgen: nu kan ik mijn oranje poloshirt wel weer aantrekken zonder dat mensen denken dat ik bij een kudde hoor.








Waarschuwing

Het is de rechterlijke macht in mijn stadsie eindelijk gelukt. Ze hebben de stadsprediker van Eindhoven veroordeeld tot 150 euro boete wegens geluidsoverlast en omdat hij zonder verzekeringsplaatje op zijn bromscootertje reed. Vorig jaar werd hij nog vrijgesproken, maar nu is de bijl dan toch gevallen.

Het argument is dat Arnol (bekend als de schreeuwjezus) lang op één plek heeft gestaan en dan kun je daar knap last van hebben als dat net toevallig voor jou winkel is. Ik snap dat wel, aan de andere kant is Arnol zo’n markante verschijning in de lichtstad dat veel mensen per definitie achter hem staan. De meningen zijn verdeeld zal ik maar zeggen.

Ik had hem aan de telefoon, want ook journalistiek is het interessant. Hij snapte werkelijk niet dat hem zoveel onrecht wordt aangedaan. In de eerste plaats staat hij de laatste tijd niet meer steeds op één plaats en in de tweede plaats staat hij niet zomaar te schreeuwen.

“Ik sta de mensen te waarschuwen,” vertelde hij, “dat is wat anders. Ik waarschuw de mensen dat ze zich moeten bekeren tot Jezus omdat ze alleen dan gered worden. Stel je voor dat iemand in het water dreigt te lopen dan zeg je toch ook niet heel zachtjes: u moet uitkijken. Dan roep je toch keihard: KIJK UIT!!!!!!. Nou dan.”

Precies: nou dan.








Signaal

Het verbaast mij tot op de dag van vandaag dat islamitische landen zich wel druk maken over de film Fitna van Geert Wilders en dat niemand zich druk maakt over de twee boeken die Kader Abdollah heeft geschreven. Het ene gaat over het leven van de profeet Mohammad, het andere is een vrije vertaling van de Koran.

Ik heb hier al eens geschreven dat ik na het lezen van beide boeken een veel slechter beeld van de profeet en zijn volgelingen heb gekregen dan na het zien van Fitna. Dat komt omdat ik Fitna een slecht samenraapsel vond van oude beelden, waarvan er veel uit hun verband waren gerukt en ik de boeken heel serieus neem.

Bovendien vond ik de film een onnodige provocatie, met de nadruk op onnodig, maar dat weegt niet op tegen de vrijheid van meningsuiting, één van de kenmerken van een land dat zich aan de middeleeuwen heeft ontworsteld.

De boeken zijn geschreven met een heel andere intentie, maar de uitkomst verschilde voor mij niet zo veel. Waarschijnlijk ben ik de enige die dat zo ziet, want ik hoor daar weinig over in de wereld. Bovendien: beeld is nou eenmaal indringender dan letters op papier.

In ieder geval is de Fitna-storm nog niet uitgewoed, zeker niet nu Jordanië tot een boycot van Nederlandse producten heeft opgeroepen. Ik las dat Friesland Foods en Zwanenburg zijn gezwicht en in Jordaanse kranten afstand hebben genomen van de film van Geert Wilders.

Dat mensen en regeringen op basis van zo’n filmpje zulke enorme dreigementen uiten bevestigt in feite het beeld dat mensen als Wilders oproepen. Het doet wat primitief aan. Dat er bedrijven zijn die zich daardoor bang laten maken voedt de gedachte dat er blijkbaar iets is om bang voor te zijn.

Ik vind de beslissing van beide bedrijven een heel slecht signaal.








Vrienden

De man en de vrouw in ons stamcafé waren eensgezind. Ze waren voor Turkije en tegen Kroatie. Zij zong uitbundig een zelfgemaakt lied om de Turken op de televisie een hart onder de riem te steken.

Ik ben voor Turkije omdat ik in Kroatie een keer ben opgelicht.” zei zij. Dat leek ons een goede reden om de mannen in de rode shirts aan te moedigen. Bovendien was het een logica van een Cruyffiaanse schoonheid.

En ik ben voor de Turken,” zei haar corpulente vriend, “omdat ik ooit versierd ben geweest door een Turkse buikdanseres zonder dat ik daar iets aan heb overgehouden. Nou ja . . . behalve de buik dan.” Hugo Borst-humor.

En wij waren ook allemaal voor de Turken omdat het zo gezellig is om op de stoeprand met alle stamgasten uitbundig naar de langsrazende en luid toeterende supporters te zwaaien. Duimen omhoog. Verbroedering met onze Turken. En daarna even kijken naar het volksfeest op plein. Vrolijke jongens en meisjes met fakkels en vlaggen. Uitgelaten zonder dat ze sloten Hollands bier hebben hoeven drinken. Wij hielden van onze Turken.

Toen ik gisteravond om half twaalf Guus Hiddink Marco van Basten een vaderlijk klopje op het achterhoofd zag geven, dacht ik: het is goed zoals het is. Ik moet er niet aan denken dat wij onze Turkse vrienden later in het toernooi pijn hadden moeten doen.








Vocalies (16)

vocalies Podplaza banner

(Door Marlies)

‘Je moet proberen met je stukkies aan te sluiten bij de actualiteit’, zei de hoofdredacteur laatst tegen me, toen ik klaagde omdat ik niet meteen een onderwerp wist voor mijn volgende Vocalies, ‘dan kun je langer mee…’. Begrijp me niet verkeerd hoor, ik heb nog waslijsten met onderwerpen liggen evenals waslijsten met anekdotes uit mijn bescheiden carrière als zangeres (in de eerste divisie gebeuren veel leukere dingen dan in de ere-divisie, geloof me). Maar ik ben van plan nog lang van mij te laten horen op deze website en waak dus soms te fel over mijn plank-items.

Maar ja, vind maar eens iets actueels over klassieke muziek als Europa zo’n beetje collectief mesjogge aan het worden is over het voetbal. Toch zijn er verbanden tussen klassieke muziek en voetbal:

- de scheidsrechter van de wedstrijd Nederland – Frankrijk was een Duitser, genaamd Herbert Fandel…. En wat doet die man in het dagelijks leven: hij is pianoleraar (Evert ten Napel vertelde nog tijdens de wedstrijd dat hij concertpianist was, maar dat is geloof ik een beetje overdreven). Veel meer informatie kan ik u niet geven: hij is uitgesproken muzikaal, volgens een Duitse website. Vader van 2 kinderen, zijn hoofdberoep is pianist; hij is directeur van een (zijn eigen?) muziekschool (ik dacht dat scheidsrechter zijn al roeping genoeg was…). Zijn grootste hobby, zo geeft hij aan, is zijn familie. Uitgesproken muzikaal, ik meende al iets in zijn manier van fluiten te horen dat Beethoven in zich had, of Mozart…, maar misschien was het wishful thinking.

- de wedstrijd Frankrijk-Nederland was de enige van wie ik beide volksliederen mee kon zingen. Alweer een linkje naar klassieke muziek. Waar het Wilhelmus vandaan komt hoort u te weten. De Marseillaise? Is gecomponeerd door Claude Joseph Rouget de Lisle in 1792. De originele naam is ‘Chant de guerre de l'Armee du Rhin’ (oorlogslied van het Rijnleger). En omdat de troepen uit Marseille tijdens de Franse Revolutie het lied zongen bij hun intocht in Parijs is het de Marseillaise gaan heten. In 1830 is de Marseillaise door Hector Berlioz opnieuw gearrangeerd.

Roberto Alagna (ik ben overigens niet zo weg van hem, maar hier zingt-ie gelukkig niet zo ‘week’ als anders) zingt onderstaande versie van de Marseillaise.





- wat te denken van de triomfmars uit Aïda van Giuseppe Verdi? Geen mens kent de tekst maar je moet ze horen brullen! Zelfs de plotselinge modulatie die Verdi erin componeerde lukt redelijk. Een dezer dagen is er trouwens in een van de grotere Nederlandse stadions een meebrul-concert van voetballiederen. Daar zal de triomfmars ongetwijfeld ook meegebruld worden.

Hier is een werkelijk prachtig ge-ensceneerde triomfmars, in zijn geheel. Dan weet u weer eens waar al dat moois dat in het stadion verstuikeld wordt tot meebrullen vandaan komt (wordt daar niet op het einde Pavarotti binnengereden?).




Eindelijk kan ik nog eens roepen dat klassieke muziek eigenlijk de gewoonste zaak van de wereld is. Hè, heerlijk, het EK kan niet meer stuk en niet alleen omdat ‘onze jongens’ zo voortvarend te werk gaan.

En volgende week, als het eind van al die gekte in zicht komt, kunnen we gewoon weer terug naar onze dooie componisten.








Kristel

Weet u het nog, hoe de TV-meiden zich tussen mij en de redactievis hebben gedrongen? En hoe zij na de interne verhuizing de vis van me afgepakt hebben?

In het begin had ik het er moeilijk mee, maar ik moet eerlijk zeggen dat ze goed voor Kristel zorgen.

En kijk hier eens wat ze voor haar gemaakt hebben.








Mug

We spraken over onze komende fotoexpositie. We maken die samen met collega-fotografen uit Leuven (ik kom er nog wel over te spreken).

We mogen de expo inrichten in het Kruithuis in Den Bosch, het voormalige museum voor moderne kunst, nu een vrijplaats voor kunstenaars. Ondanks die vrijgevochten levenshouding van derluiden en soms buitengewoon chaotische tentoonstellingen worden aan ons werk en inrichting hoge eisen gesteld. Niks vrij werk, alles moet thematisch zijn.

Sterker nog wij worden geacht ons te laten inspireren door de thema’s in het werk van Jan Wolkers en Hugo Claus. Dat bleek zo breed dat van enige afbakening geen sprake hoeft te zijn om aan die opdracht te voldoen. Zelf heb ik er niet zo veel mee, dus of ik er werk van mij komt te hangen is nog maar de vraag.

De Belgen hadden ook zo hun bedenkingen. Sommigen willen korte verklarende teksten bij hun foto’s hangen.
Daar ging onze discussie over. Sommigen binnen onze club vinden dat een goede foto geen verklaring nodig heeft.

Een van de clubleden verwoordde het zo: “Als ik naar een kunstwerk kijk dan wil ik graag mijn eigen fantasie laten werken. Het is heel vervelend als ik na een kwartier staren denk dat ik een olifant zie en dat ik dan op een kaartje lees dat de kunstenaar een mug heeft gemaakt . . .”








Positief

Ik las vanmorgen een mooie zin in de Volkskrant. Hij stond in een artikel met als kop: “Nederlander is gelukkig, maar maakt zich zorgen”.

Het was een artikel over een rapport van het Sociaal Cultureel Planbureau dat onderzoek heeft gedaan naar de gemoedsgesteldheid van Nederlanders. (Waarom moeten wij dat eigenlijk weten, vraag ik me nu spontaan af. Maar dat is een andere discussie.)

De zin waar ik op doel is:

“Vooral de combinatie van lage opleiding en het lezen van de Telegraaf en het mijden van de publieke omroep leidt tot negatieve visies op de samenleving en de toekomst”.

Mag ik daar uit concluderen dat mensen die naar de publieke omroep kijken meer kans hebben op een positieve visie dan mensen die daar niet naar kijken.

Als dat zo is dan kun je ook concluderen dat ik dagelijks een bijdrage lever aan een positieve visie op de samenleving en de toekomst.

Ik word er bijna een beetje minder somber van.








Leider

De afgelopen 24 uur heeft menigeen zich uitgeput in superlatieven over Jan Marijnissen. Het zal wel not-done zijn, maar ik ben niet zo’n fan van de man. Er hangt een geur van licht despotisme om hem die mij niet bevalt.

Toen ik gisteren naar de persconferentie keek en de grijns om zijn mond zag in plaats van een door hernia vertrokken grimas, moest ik aan Poetin denken. Die bemoeit zich ook niet met zijn opvolger . . .

Jan Marijnissen heeft een prestatie van jewelste neergezet door een onbeduidende marxistische splintergroep uit te bouwen tot een grote volkspartij. En toch blijft het wringen dat hij nooit is gaan regeren.

De meningen daarover zijn verschillend. De één zegt dat hij niet wilde, anderen zeggen dat de SP buiten de deur werd gehouden. Misschien dat we ooit nog eens de waarheid zullen weten als persoonlijke archieven open gaan.

Ik heb alsmaar het gevoel dat de auto-didactische Jan Marijnissen precies wist tot welk niveau hij nog de eerste onder zijns gelijken was en daar goede sier mee kon maken. En dat hij heel goed weet wat Peter Principle is.

Ik denk dat zomaar hoor, het is niet meer dan een gevoel. Ik wil het feestje niet bederven. En al helemaal niet hier beneden de rivier waar Jan Marijnissen tot de volkshelden behoort. Hij is toch de gewone Brabantse jongen die zich aan de lopende band heeft ontworsteld om Leider te worden. Het wachten is op het moment dat zijn provinciegenoot Albert Verlinden hem gaat eren met “Jan, the Musical” .

Ik zal er niet naar toe gaan. Niet om Jan Marijnissen, ik hou gewoon niet van musicals.








Bakker

Een jaar of acht geleden was ik 45. Er restten mij nog 15 jaar tot het moment dat ik zou kunnen stoppen met werken.

Dat betekende nog 15 keer de Sinterklaasintocht, nog vijftien keer komkommertijd, nog vijftien keer de vraag weet u wat Pinksteren betekent en nog een stuk of vier gemeenteraadsverkiezingen. Dan zou het na 43 actieve jaren afgelopen zijn.

Nu, acht jaar later, mag ik minstens nog 12 jaar werken. Nog twaalf keer: hoe is het nu op de camping na twee dagen regen?; nog twaalf keer de worstenbroodjesverkiezing, nog twaalf keer de eerste schooldag en nog een stuk of vier gemeenteraadsverkiezingen. Maar dan zou het na 48 actieve jaren toch echt afgelopen moeten zijn.

Gisteren sprak de commissie Bakker en bestaat de kans dat ik tot mijn 67ste moet werken. Dat is vanaf nu nog vijftien keer paniek omdat er sneeuw valt; vijftien keer carnaval; vijftien keer oud- en nieuwrellen en een stuk of vier gemeenteraadsverkiezingen. Maar dan moet het na vijftig actieve jaren ook echt afgelopen zijn.

Het leven is een Echternachprocessie.








Muf

Verjonging is het parool van onze omroep. We willen mensen tussen de dertig en de veertig bereiken. Ik heb er geen moeite mee. Als de deskundigen denken dat dat de manier is om je staande te houden in de wereld van de media, wie ben ik dan om daar aan te twijfelen.

Maar vanmorgen schrok ik wel een beetje toen ik een collega hoorde zeggen dat er bij de opnamen van een bepaald festival geen mensen van boven de vijftig in beeld mogen komen. Dat zou het imago dat we willen uitstralen ernstig schaden. Want vijftigplus, hoorde ik, is muf.

Ik mengde me in de discussie omdat ik vijftigplus helemaal niet muf vind. Mijn collega, die ik hogelijk waardeer omdat hij net als ik recht voor z’n raap is,, legde het uit. Vijftigplus is niet per definitie muf, maar wel in verband met dit festival en daarom wil hij alleen maar jonge en fruitige mensen in beeld. En vijftigplus is niet fruitig.

Sterker nog, zei mijn collega, wij beginnen na de zomer met een nieuwe talkshow en dan mag jij niet in het publiek zitten. Want ook daar mogen alleen maar jonge, frisse en fruitige mensen in beeld komen. Want dat is het imago dat we willen uitstralen.

Het schijnt een flitsende talkshow te worden maar wel met diepgang. Gelukkig maar.








Vat

Na ruim een week Europees Kampioenschap Voetbal wordt het tijd voor een tussenbalans.

De mooiste Cruyffiaanse vond ik:

" . . . dan komt er een heel ander vat langs . . .".








Vocalies (15)

(Door Marlies)

Dit weekend is het Festival Classique in Den Haag. Voor de tweede keer. Vorige keer was het geen onverdeeld succes, maar gelukkig hebben de organisatoren besloten het nog een jaar te proberen.

Ze snappen daar ook wel dat een klassiek festival even tijd heeft om te groeien en al helemaal als het in Den Haag gehouden wordt. Prachtige stad hoor, Den Haag. Ik kom er graag. Na Amsterdam is Den Haag een fijne, wat oudere dame die mooi ’opgedroogd’ is. Amsterdam heeft ook mijn hart, maar is ordinairder, bijna hoerig. Nee, doet u mij maar ‘de weduwe van Indië’.

Maar ik dwaal af. Het Festival Klassiek dus. Het is afgelopen donderdag begonnen met het Edison Gala Klassiek. Weliswaar besloten, maar wel op tv. Stijve en elitaire bedoening altijd, maar wel met mooie muziek.

Of Kiri te Kanawa daarbij geweest is weet ik niet, maar ze zingt wel het slotconcert, op zondag de 15de. Het concert is haar afscheid aan Nederland, want ze gaat ermee ophouden, Kiri. Jammer hoor: prachtige vrouw en prachtige stem. Ik was wel eens een beetje jaloers: sommigen hebben het allemaal.

Als u kunt: ga vooral naar Den Haag. Het lijkt me geweldig en vooral als het weer een beetje meewerkt: pilsje, pardon, glaasje witte wijn (een pilsje bestel je in Amsterdam, waarop de ober je prompt vraagt: ‘kom je uit België?’, je kan dus beter om een biertje vragen en dan liefst met de Gooise brouw-‘r’), broodje gerookte zalm en dan strijkorkestjes, of blokfluitende kindertjes op iedere straathoek (brrrrrr…) en overal concerten voor niet al te veel geld (in ieder geval voor minder dan de enorme sommen die je tegenwoordig neer moet tellen om een klassiek concert of een opera te zien).

Hieronder een korte biografie van Dame Kiri te Kanawa en een linkje naar een van mijn lievelingsaria’s: Vissi d’Arte uit Tosca.



Weet u wat trouwens zo leuk (en verslavend) is aan You Tube: je kunt die lievelingsaria laten zingen door allerlei sopranen en dan thuis een beetje leuk jury’tje gaan zitten spelen: wie zingt hem nou het mooist en het lelijkst en waarom kwam Callas weg met gewoon valse noten en een wapperende stem, en moeten anderen ‘m juist spatzuiver zingen om ook maar een beetje waardering te scoren. Leuke discussie-stof!

Kiri Janette Te Kanawa werd geboren in Gisborne, Nieuw-Zeeland op 6 maart 1944. Ze heeft zowel Maori als Europees bloed. Als baby werd ze geadopteerd. Ze leerde opera zingen van Dame Sister Mary Leo, een bekende Nieuw-Zeelandse opera-coach.

Met het Nonnenkoor uit de opera Casanova van Johan Strauss behaalde ze haar eerste (en Nieuw-Zeelands eerste) gouden plaat. Ze begon haar carrière als mezzo-sopraan (ze zeggen wel eens dat mezzo-sopranen, sopranen zijn die te lui zijn om hoog te zingen), maar werd al snel een echte, prachtige lyrische eerste sopraan.

Ze studeerde verder aan het London Opera Centre bij James Robertson en werd al gauw een bekende verschijning op de opera-podia in de wereld.

Wereldberoemd werd ze toen ze zong op de bruiloft van Charles en Diana; jammer dat het niet heeft mogen baten…

Ze zong en zong en zong, tot 2004, toen besloot ze geen zware operarollen meer te zingen. Ze gaf nog wel concerten. Dat is ze nu ook aan het afbouwen en ze neemt van ons land afscheid op 15 juni dus.

Veel plezier bij het Festival Classique, of ‘erbij zijnd’ in Den Haag, of via radio en televisie








Trein

Voor de derde keer in een paar weken tijd raasde de Intercity, met mij aan boord, vanmorgen voorbij station Best. Machinisten van de NS moeten daar sinds een maand of twee stoppen maar dat vergeten ze nogal eens. De mannen op de bok zijn blijkbaar simpele gewoontedieren.

Vervelend voor mij, maar ook vervelend voor de NS, want ik bel dat nieuws meteen door naar de redactie. En als ze bij NS ergens een pestpokkenhekel aan hebben is het aan negatieve publiciteit.

Een paar uur later belde een ANP-collega. Hoe wij aan dat nieuws kwamen, want de NS-voorlichters ontkenden in alle toonaarden dat de machinist vergeten was te stoppen. Ik vertelde hem dat ik zelf de bron ben. Betrouwbaarder kan toch niet?
Dan ging mijn ANP-collega nog eens terugbellen naar NS.

Het verslag van dat gesprekje vertelde hij me later. De betreffende voorlichter wilde het niet bevestigen en draaide zijn bekende riedeltje af, als een simpel gewoontedier.

Geconfronteerd met het feit dat een journalist van Omroep Brabant persoonlijk getuige was, ontlokte de voorlichter de opmerking, dat we niet zo dramatisch moeten doen. Immers, de gedupeerde reizigers zijn vijf minuten later met de stoptrein vanuit Eindhoven alweer terug in Best.

Ik zou daar wel iets over kunnen zeggen, maar ik beheers me en volsta met de opmerking dat het 25 minuten is. En ik ben zo mild omdat een aardige conductrice mij en andere gedupeerde reizigers persoonlijk haar excuses heeft aangeboden.








Personeel

Een tijdje geleden vroeg een collega of de vrijgekomen chef-functie niks voor mij was. Ze vroeg het met zo’n blik dat ik wens te geloven dat ze wilde dat ik solliciteerde. Nee, antwoordde ik resoluut. Dat is niks voor mij.

Ik heb al twee keer een jaar of vijf een chef-functie gehad en ik heb besloten dat ik liever wordt gewaardeerd om wie ik ben dan om wat ik ben. Dat is inderdaad een opmerking om over na te denken.

Ik wil geen chef meer zijn omdat ik niet van personeel hou. Begrijp me niet verkeerd, ik hou wel van mijn collega’s, maar alleen zolang we op voet van gelijkwaardigheid functioneren. Op het moment dat ik hun baas ben, gaan ze me irriteren.

Vooral die mensen die denken dat de enige plicht van een chef er uit bestaat de rechten van zijn/haar personeel te waarborgen. En van die mensen zijn er best veel.

Een paar weken geleden had ik opeens weer een soort personeelslid. Na lang lang nadenken gingen we thuis in zee met een schoonmaakster. Ik vond het eigenlijk maar niks zo’n vreemd mens in mijn huis.

Maar na een paar weken zag ik de twee belangrijkste voordelen: ik hield omgerekend een werkdagdag vrije tijd per maand over en het blonk als nooit tevoren. Zelfs de ramen waren gewassen. Dat viel mij op omdat we niet langer om vier uur ’s middags het licht al aan hoefden doen.

Maar nou heeft die poets toch definitief afgebeld. Ze had iets te veel hooi op haar vork genomen. Personeel kan dat blijkbaar zomaar doen. Vandaar dat ik niet solliciteer op chef-functies want uiteindelijk komen die er op neer dat je voortdurend zelf met een emmer sop loopt te zeulen.








Monument

Ja sorry hoor, dat ik weer een dierenonderwerp heb, maar het is zomer en dan schrijven journalisten traditioneel veel over dieren. Dat zit in onze genen. Wij veranderen in juni in transgenetische komkommers (als dat technisch niet kan beschouw het dan maar als dichterlijke vrijheid).

U heeft het allemaal gelezen: de dreigende massamoord op pitbulls is afgewend. Daar ben ik blij om, want ik denk dat een pitbull van nature geen slechte hond is. Ik denk dat het probleem gezocht moet worden aan de andere kant van de hondenriem, die op dat punt vaak naadloos over gaat in een gespierde en getatoeëerde arm, die dan via een opgepompte schouder eindigt in een hol vat.

Het probleem wil dat er al enkele pitbulls zijn afgemaakt. Onder hen Spiky die mede dankzij onze omroep wereldberoemd is in Brabant. Wij hebben de eigenaresse gebeld voor een reactie. U begrijpt dat dat een tranentrekker werd, want ze was blij met de nieuwe regels, maar voor Spiky komt het te laat.

De betreffende dame ziet wel nieuwe mogelijkheden om de aandacht nog even op zichzelf gevestigd te houden. Ze overweegt een herdenkingsmonument op te richten voor alle pitbulls die hun leven hebben gegeven in de strijd om erkenning. Nee, dat is geen misplaatste dichterlijke vrijheid, dat is serieus.

Ik stel voor dat we dan meteen instellen dat Marianne Thieme jaarlijks op 4 oktober een krans legt bij dat monument.








Dorpspomp

Lokale politiek is dankbaar werk. Het ene moment ben je een backbencher, het andere moment komen er dankzij jouw motie extra prullenbakken in de binnenstad van Den Bosch waar de 15 miljoen toeristen hun frietbakjes (voor Randstedelingen: patatbakjes) in kunnen deponeren zodat de autochtonen die jou gekozen hebben, niet tot hun enkels in het zwerfvuil lopen.

Soms is het ook een onbegrijpelijk spel. De afgelopen weken heeft de raad van mijn stadsie tientallen uren vergaderd over de voorjaarsnota. Een belangrijk stuk waarin burgemeester en wethouders schrijven welke kant de begroting voor volgend jaar op zal gaan. Vooral voor de oppositiepartijen is dat een uitgelezen mogelijkheid invloed uit te oefenen.

Met ruim veertig moties probeerden de raadsleden gisteravond hun zin te krijgen. Maar links en rechts werden slechts marginale succesjes behaald. Nou ja, met uitzondering van die ene klapper dan: meer prullenbakken.

Den Bosch heeft enkele oppositiepartijen die je beschaafd populistisch zou kunnen noemen. Hun woordvoerders, meeslepende doch ietwat voorspelbare rederijckers, voeren het hoogste woord. Ze laten niet na te vertellen dat zij en zij alleen weten wat goed is voor de burgers. Want zij en zij alleen hangen dagelijks rond bij de dorpspomp.

En wat zeggen die oppositiepartijen dan nadat ze burgers uren hebben verveeld met gemierenneuk op de vierkante millimeter: we nemen de Voorjaarsnota voor kennisgeving aan
en strijden de echte strijd bij de begrotingsbehandeling.

Als ik ergens niet over wil discussiëren zeg ik dat ik het voor kennisgeving aan neem. Ben ik er van af. Einde verhaal. Zo niet in de politiek

Een ander agendapunt, waarvoor brave burgers uren op de publieke tribune hadden zitten wachten, werd doorgeschoven omdat de dames en heren niet tot middernacht willen vergaderen. Da’s, mooi, de burgers krijgen nu vanavond een gratis extra voorstelling. Moeten ze zich wel even losrukken van de dorpspomp, maar ach daar is vanavond toch niemand om tegen aan te lullen . . .








Gek

Soms lees je iets waarvan je denkt: dat kan niet, ik ben gek. Je haalt er een collega bij, met als gevolg dat die ook aan zichzelf begint te twijfelen en voor je het weet zit een complete redactie met een minderwaardigheidscomplex.

Zo ging het gisteren toen ik een brief van burgemeester en wethouders van Cuijk onder ogen kreeg. Hij was gericht aan de gemeenteraad. Het was een typisch ambtelijke brief. Zo eentje waarbij je eerst door een kist houtwol moet graven om uiteindelijk onder in een hoekje een klein kadootje te vinden.

Onderin die brief stond dat de verplaatsing van een dassenburcht 1,4 miljoen euro zou gaan kosten. Vind u het gek dat we aan onszelf gingen twijfelen.

Ik vroeg om opheldering. Dat duurt altijd even want voorlichters zijn geen mensen die uit zichzelf iets weten, die zijn er om vragen aan deskundigen door te spelen. En dan moet je hopen dat ze de vraag goed hebben begrepen en je geen antwoord krijgt op een vraag die jij niet gesteld hebt.

Een paar uur later belde een deskundige terug. Tot mijn grote opluchting vertelde hij dat ik – en mijn collega’s – helemaal niet gek zijn. We hadden het goed gelezen.

1,4 miljoen euro voor de verplaatsing van een dassenburcht????? vroeg ik. Logisch toch, zei de man. Voor die dassen moet een heel nieuw leefgebied worden gemaakt met 20 kilometer hagen. Daar voelt de das zich lekker bij. En al die hagen moeten de komende jaren worden onderhouden. Tel uit je winst.

Ik ben een dierenvriend. Sterker nog, ik ben van een kattenhater getransformeerd in een poezenvader. Ik heb mij over de redactievis ontfermd toen zij door iedereen werd verwaarloosd.

OK, ik heb vijftien jaar geleden het hondje van Marlies met zachte hand uit de slaapkamer gewerkt om er zelf in te kunnen, maar dat is de natuur.

Maar 1,4 miljoen voor het verplaatsen van een dassenburcht gaat mijn verstand te boven. Ik ben niet gek, dit land is gek.








Vendetta

Voor al die Italianen die mij acht jaar geleden uitfloten:

Vendetta!!








Plekje

Frank de Boer vervloekt zich er nog steeds om. Paul Bosvelt kan het na acht jaar nog geen plekje geven. Trauma’s hebben de Nederlandse voetballers opgelopen van de verloren strafschoppenserie in 2000. Daardoor ging Italië door naar de halve finale van het Europees Kampioenschap voetbal en dropen wij met de staart tussen de benen af..

Zo erg als met Frank de Boer en Paul Bosvelt is het met mij niet, maar een klein traumaatje heb ik er wel van opgelopen.

We stonden toen op een camping in de buurt van Rome. Die bewuste voetbalavond zouden wij in de stad gaan eten met mijn oud-collega Hedwig Zeedijk, nu onder meer VRT-correspondente. De avond ervoor belde ze op. De afspraak kon doorgaan, maar in plaats van eten moesten we toch echt Nederland-Italie kijken. Ze had daarvoor een café uitgekozen waar Nederlandse journalisten en expats kind aan huis zijn.

Dat leek ons een goed idee en we togen op de bewuste dag naar Rome. Het café was herkenbaar, want het was het enige oranje café in de Romeinse straat, waarschijnlijk het enige in heel Italië.

Samen met een grote groep nette Nederlanders (niet van die types die achter de rug van Margriet Brandsma hun geslachtdeel laten zien) en hun Italiaanse partners en vrienden hebben we een zinderende voetbalavond gehad.

Tot aan de penalty-serie waar onze vedetten zo jammerlijk faalden. De deceptie in het Nederlandse kamp was groot.

Omdat wij met de laatste trein terug moesten, verlieten we het feest voortijdig. Marlies en ik liepen samen in de verder verlaten straat. Mensen die uit de ramen hingen zagen ons uit het Oranje café komen en begonnen een snerpend fluitconcert. Dat duurde totdat we de hoek om sloegen van wat volgens mij de langste straat van Rome is.

Een week later waren er een brief en een krantenknipsel van Hedwig. De Corriere dello Sport had die avond foto’s gemaakt en ik stond op de voorpagina van één van de belangrijkste sportkranten van Europa. Dat helpt om het een plekje te geven.

Die man rechtsachter op de linkerfoto ben ik.








Vocalies (14)

‘Wij van de redaktie’ hebben de stilzwijgende afspraak dat we u, de lezer, niet lastig vallen met onze vakantieverhalen. We willen niet kleinburgerlijk doen en in ons beider verleden liggen de herinneringen aan (dia-) avondjes bij lieve, edoch slecht fotograferende en onsamenhangend vertellende familieleden en vrienden nog griezelig vers in het geheugen. Dat doe je iemand die je waardeert niet aan.

Maar ja, in de afgelopen week sierden al twee prachtige vakantieverhalen van de hoofdredacteur deze kolommen en ik betrapte mij gedurende de hele week in Italië op de meest wonderlijke associaties richting muziek.

Gek genoeg: als je geest zich ontspant en weer de ruimte krijgt gaat-ie links en rechts zijsprongetjes maken, tenminste, die van mij.

Ik ga u er een paar vertellen, er zit namelijk een hoop prachtige muziek achter.


- we zaten op een terras in een overigens doodstil Italiaans dorp. Zo tegen het einde van de middag, als de ergste warmte wat geluwd is, komen de mensen naar het enige barretje en kopen er een espressootje, een ijsje, een zakkie chips, of pistachenootjes, een pilsje. Je denkt toch niet dat die Italianen van de andere kant van het dorp komen lopen? Welnee, die springen in een heet rugzakje (het oude Fiatje 500, nog zonder airco), of in een ander model auto dat de tand des tijds heeft doorstaan.

Zo stopte er recht voor mijn neus een opvolger van de lelijke eend, die niet half zoveel succes had als zijn twee-paardenkrachten voorganger: een Diana noemden ze dat ding destijds. In Nederland zijn ze al bijna uit het straatbeeld verdwenen, in Zuid-Italië rijden artistiekelingen er nog in rond.

De associatie? De Ouverture Donna Diana van Eduard Reznicek, ooit geschreven om aan een opera vooraf te gaan, maar nu nog slechts uitgevoerd als ‘stand-alone piece’. Mooie muziek. Ik kon slechts een krakende historische opname voor u vinden op YouTube.






- in een boom naast het terras van ons hotel zat een ekster brutaal in mijn richting te schetteren. Er was nergens een ober te bekennen (het seizoen in de Abruzzen komt laat op gang en
is kort . . .), dus riep ik in de richting van de schetterende in zwart-wit geklede vogel: ‘Ober, twee pilsjes!’. Hij vloog weg . . .

De associatie: La Gazza Ladra (die diefachtige ekster) van Gioacchino Rossini. Een slap verhaal, maar mooie muziek, vooral de ouverture.





- we hadden een prachtige middag met Luca, wetenschapper die de wolven-excursie in Pretoro doet. En dat doet-ie grondig: alle aspecten kwamen aan de orde, ook de negatieve.

Ik had al fantasieën gehad over tussen een roedel wolven lopen en met ze te spelen. Dat moest toch kunnen, pianiste Hélène Grimaud was ooit in de gelegenheid tussen de wolven te lopen en met ze te knuffelen (niet proberen, levensgevaarlijk!) Ze schreef er een boek over (Wildernis Sonate. 'Mijn leven tussen wolven en muziek').


Behalve uitstekend pianiste is ze overigens knettergek, volgens mij. Luca zuchtte nauwelijks merkbaar bij mijn in houterig Italiaans uitgesproken verhaal over mijn gekke wens en legde uit dat er bij de observatie van dieren grofweg twee stromingen zijn: die van je onder de dieren begeven en ze ‘van binnenuit’ te beschrijven en die van op afstand blijven, ze in hun habitat te laten en ze zo bestuderen.

Daar in Pretoro deden ze het laatste, dat had u al begrepen. Ik was het met Luca eens. Voor knuffelen hou ik het maar bij onze gedomesticeerde honden, waarvan overigens de meeste rassen afstammen van een onderdanige tak wolven, waardoor de aaibaarheidsfactor aanmerkelijk groter is. Haal je een wolf in huis, dan zal hij je niks doen, maar zal je ook nooit gehoorzamen, laat staan enige affectie betonen. Aldus Luca.

Associatie dus: Hélène Grimaud en al haar piano-muziek. Ik denk niet dat ik haar boek ga lezen . . .

Er waren meer associaties, veel meer, maar die zijn niet uit te leggen, of worden bewaard tot een volgende keer.








Ongemakkelijk

Ik voel me een beetje ongelukkig. Of misschien is ongemakkelijk een beter woord. Ik heb in de vakantie De Boodschapper van Kader Abdolah gelezen. Het boek over het leven van de profeet Mohammed, of Mohammad zoals hij hem noemt.

Daarna ben ik ook in Abdolah’s versie van de Koran begonnen. Want ik moet tot mijn schande bekennen dat ik dat boek (of moet ik schrijven Boek) nog nooit had gelezen terwijl ik vind dat mensen die de Bijbel hebben gelezen, dan wel wekelijks voorgelezen krijgen, zich toch ook zouden moeten verdiepen in de Koran.

Zeker als je, zoals ik, van mening bent dat meerdere geloofsstromingen op één aardkloot met zes miljard mensen geen probleem hoeft te zijn. Tenminste zolang niemand probeert de ander – al dan niet met geweld – tot zijn geloof te bekeren.

Valt het u ook op dat ik veel woorden nodig heb om in te leiden waarom ik me ongemakkelijk voel. Kom, voor de draad er mee. Ik weet niet wat Kader Abdolah voor heeft gehad toen hij zijn boeken schreef, maar als hij een poging heeft gedaan om mij enige sympathie bij te brengen voor Mohammad, dan is hij daarin jammerlijk tekortgeschoten.

Het beeld dat hij van de Profeet schept stoot mij eerder af. Nog los van het feit dat ik het boek nogal kinderlijk vond geschreven. Mohammad maakt op mij een wat verwarde indruk en ik vind hem hardvochtig. Ik miste de liefde die de kroniekschrijvers van Jezus in hun boeken hebben gestopt.

Nou weet ik als journalist een klein beetje hoe dat werkt met orale geschiedschrijving, zeker als er – net als bij het samenstellen van het Nieuwe Testament – tientallen jaren voorbij gaan voordat de verhalen worden opgeschreven, dus ik neem de Grote Boeken allemaal met een flinke korrel zout.

Het ongemakkelijke zit er in dat ik opgescheept zit met een beeld van iemand dat ik eigenlijk niet had willen hebben. Ik dacht altijd dat Mohammad een soort Jezus was en dat sommige van zijn volgelingen het allemaal niet zo goed hebben begrepen. Net als sommige volgelingen van Jezus trouwen.

Maar in plaats daarvan heeft Kader Abdolah die gedachte aan het wankelen gebracht.








Reclame

Ik kreeg een mailtje van een meneer. Het was een net mailtje, dus ik denk dat het een nette meneer was. Hij bood aan om via Stroomopwaarts reclame te maken. Voor geld. Dat is aanlokkelijk want deze hobby kost geld, dus als je er iets mee kunt terugverdienen dan is dat mooi meegenomen.

Maar ik heb het aanbod netjes afgewezen. Ik ben een vorige eeuwse journalist en hou niet van reclame. Dat zit in de journalistieke genen.

In de jaren zeventig waren de reclamejongens van de uitgeverij die in keurige pakken gestoken gladjakkers die de achterkanten van onze journalistieke pagina’s mochten vullen.
Eerlijk is eerlijk: zij vonden ons die smoezelige riooljournalisten die hun achterkanten mochten vullen.

Soms hadden we conflicten omdat zij een geweldige order konden binnenslepen mits wij een redactioneel stukje aan de nering van de adverteerder zouden wijden. Wij journalisten konden dan stoer doen, maar een krant is een gewoon commercieel bedrijf dus af en toe moest je een knieval maken want ook journalisten eten niet graag droog brood.

Bij de publieke omroep is dat wat gemakkelijker. De provincie geeft om de vijf jaar geld en of we nou wel of niet aardig zijn voor onze adverteerders, ons salaris wordt elke maand over gemaakt. Ik kan het niet romantischer maken dan het is.

De laatste tijd wordt de invloed van de marketing ook bij de publieke omroep groter. Knievallen worden er nog niet gemaakt, de bewegingen lijken vooralsnog op reverences.

Daarom wil ik op Stroomopwaarts geen reclame. Laat er nog één plek zijn waar ik onafhankelijk ben en geheel alleen de dienst uit maak. Al was het maar voor mijn gemoedsrust.








Selectie (2)

Er moet me nog even iets van het hart. We hebben voor onze TV-uitzending een interview gehad met de maker van het filmpje waarover ik in het vorige logje schreef.

Die was (officieel) niet licht gehandicapt. Het was vooral, zei hij, entertainment voor de hele buurt. Want een politie-auto die kapot gemaakt wordt dat vinden volgens hem niet veel mensen supererg.

Grrrrrrrr . . . . . . . . . .

Dat vond ik eigenlijk nog schokkender dan de gebeurtenis zelf.

Volgens mij is de scheidslijn tussen licht gehandicapt en een normaal mens is flinterdun.

Klik hier om het videofragment van ons TV-verslag te zien.

P.S. Gisteren is er in mijn stadsie een jongen opgepakt die provocerend een T-shirt droeg met de tekst "corrupt". De "o" was veranderd in een politielogo. Agenten voelden zich daardoor beledigd.

Ben ik toch benieuwd of de maker van filmpje wordt gearresteerd. Er is vast wel een agent te vinden die zich op zijn pik getrapt voelt door zijn uitspraak.

Bah, ik betrap mezelf er op dat ik me gedraag als een volkstribunaal.








Selectie

Wij hebben vanmorgen onderstaand bericht gehad. Een filmpje op YouTube gaat over het zelfde onderwerp. Misschien hadden bij de embryoselectie die twee meisjes . . .

Die laatste zin neem ik terug, want ondertussen is gebleken dat de meisjes licht verstandelijk gehandicapt zijn. Volgens de instelling worden ze 24 uur per dag begeleid, maar niet visueel, dus ze kunnen wel eens ontsnappen. Dat is een logica die mijn verstand te boven gaat.

Twee meisjes van 11 en 14 jaar hebben gisteren in Tilburg een politiebus flink beschadigd met zware stenen en dakpannen. De meisjes gooiden eerst vanaf het dak van een woning aan de Seringenhof kiezelsteentjes naar voorbijgangers, maar ze verzwaarden hun materiaal toen agenten hen wilden stoppen. Van de politiebus sneuvelden de ramen, het zwaailicht en de sirene. Ook een tweede politieauto werd bekogeld. Er was een hondengeleider met schild nodig om de meisjes op te pakken. Het meisje van 14 zei dat ze uit ''algemene frustratie' stenen had gegooid. Ze zit vast op het politiebureau. De jongste mocht na verhoor naar huis.










De foto's

Tot slot een paar foto's van onze vakantie in het Parco della Majella. Natuur en religie domineren daar het leven. Maar misschien zijn die twee dingen wel onlosmakelijk met elkaar verbonden. Morgen neemt het leven weer zijn normale loop.


Cascate San Giovanni




Rotskerkje van San Onofrio




Kloof bij Serramonacesca




Monte Cavallo




Processie in Caramanico




Eremo di San Bartolomeo




Omgeving van Decontra




Kloof van de Orfento





Gola di Fara San Martino








De Timmerman

We kwamen op het heetst van de dag in Pretoro. Het is een speldenprik op de kaart. Minder nog eigenlijk. Een afspraak met een bioloog die ons alles zou vertellen over wolven had ons naar Pretoro gebracht. Welke andere reden zou een mens kunnen hebben om dat godverlaten dorp te bezoeken?

We waren te vroeg en streken neer op het dorpsplein waar we onze ziel in lijdzaamheid bezaten. De enige bar was gesloten. Nick’s Bar, die wij van lamlendigheid omdoopten in Niks Bar. We lurkten ons lauwe water weg.

Om het wachten te doden slenterden we door de trapstraatjes. Ook al niks voor wie de rijke cultuur van Toscana, Umbria of Calabria kent. Geen wonder, want Pretoro lag tijdens de Tweede Wereldoorlog in de frontlinie. De Gustav-linie. De vechtende partijen lieten weinig van de historie over. Na de oorlog trokken veel inwoners naar Toronto.

Het enige geluid in het dorp was het gesnerp van een cirkelzaag of een frees. We werden er door aangetrokken en we stuitten op een spelonkachtige ruimte. Staand in het felle zon licht werd binnen langzaam een maquette van een houten kerk zichtbaar. Prego, prego, klonk het vanuit de werkplaats. Een kleine man gebaarde dat we binnen moesten komen. We stapten over de drempel van een rommelige werkplaats.

De kerk was de Duomo van Milaan. De man had er een paar maanden aan gewerkt. Kijk, achter in zijn werkplaats stonden nog meer modellen van kerken. Het was zijn hobby.

Of hij in Milaan was geweest, vroegen wij. Welnee, nog nooit van zijn leven. Pretoro was zijn dorp, daar woonde en leefde hij. Maar hoe wist hij dan hoe al die kerken er uit zagen?

De man rommelde wat in een kast en haalde er plaatjes uit van kerken. Het waren pagina’s die hij uit tijdschriften had gescheurd. Meer had hij niet nodig.






Powered by Pivot - 1.40.7: 'Dreadwind' XML: RSS Feed XML: Atom Feed