Vakantie


We zijn de komende tijd zo'n beetje in de buurt van dit plaatje . . .

[!-- error: could not popup ../images/isola.jpg. File does not exist --]








Stromen


Het liefst lees ik de economiepagina’s van de kranten. Omdat daar dingen op staan die mijn abstract denkvermogen scherp houden. Soms heb ik het gevoel dat de wereld wordt geregeerd door de economie (er zijn mensen die dat zeker weten) waarbij het begrip economie dan iets onzichtbaars is. Zoiets als God.

Ooit zei een deskundige tegen mij: als je wilt weten wat er in de wereld gebeurt moet je naar de geldstromen kijken. Een som geld die ik hem leende nam hij mee met de noorderzon. Blijkbaar gaat de stroom naar het noorden.

Vanmorgen las ik in de krant dat hedgefonds Amarant(?) drie miljard euro (3.000.000.000) heeft verspeeld omdat dat fonds er op gokte dat de gasprijzen zouden stijgen. Maar die daalden, want de tropische stormen bleven uit. Ik vond het knap van mezelf dat ik bedacht dat daardoor de boortorens bleven werken.

Er zijn dus mensen die gokken op tropische stormen. Zouden die de stroom veroorzaken waar je op moet letten? Ik vind het maar ingewikkeld allemaal. Maar ja, de enige keer dat ik op een geldstroom gok is als ik een Oudejaarslot koop.








Lastenverlichting


Ik ben om. Verkocht. Noem mij een opportunist, beschuldig mij van draaikonterij. Het kan mij niks schelen. Ik omarm dit kabinet.

Gisteravond verliet mijn collega, de politiek redacteur, zwaar vermoeid de kelder van Nieuwspoort. Hij bezweek bijna onder het gewicht van de grote doos met de rijksbegroting. En hij moest nog zo ver lopen naar zijn bedrijfs-Clio.

Een ambtenaar bood hem een steekkarretje aan. Mijn collega sloeg dat beleefd af, want dan zou hij dat hele eind nog twee keer moeten gaan. “Nee, nee,” zei de ambtenaar, “dat steekkarretje hoort bij de begroting. Dat mag u houden.”

Een kabinet dat de lasten voor journalisten zo verlicht, kan op mijn onvoorwaardelijke steun rekenen . . .








Hoeden


Ik heb ook een hoed. Een zwarte. Vorig jaar gekocht in Rome. Ik sta er mee op de foto, links boven dit stukje. Ik wilde al jaren een hoed. Marlies heeft al lang een hoed. Die mag ik wel lenen, maar die is veel te groot. Dat komt omdat Marlies een volle kop met haar heeft en ik . . . Nou ja, ik niet. Dus haar hoed zakte over mijn ogen en dat is geen gezicht.

Marlies heeft ook een strooien hoed. Die kan ik wel op maar die vind ik niet leuk. En ik wilde er per se zelf een. Elke keer als ik in Italië was vergaapte ik me in de winkels met Borsalino’s. Maar die vond ik veel te duur. En ik twijfelde. Want wie loopt er in Nederland nou met een hoed? Alleen oude mannen toch?

Totdat ik vorig jaar opeens de knoop doorhakte en een hoed kocht in een klein winkeltje bij de Trevi-fontein. Nu heb ik dus ook een hoed, die draag ik af en toe in de winter. Vandaag niet natuurlijk. Het is nu veel te broeierig voor een hoed.








Ka


Autoverkopers. Nee, geen stereotiepen dit keer. Dat is te simpel.

Marlies rijdt een Ford Ka. Fijne auto. Ze koopt elke twee jaar een nieuwe. Ongeveer rond deze tijd meldt de garage zich om haar er aan te herinneren dat binnenkort de twee jaar om zijn. Attente jongens die van Ford. Soms sturen ze een briefje dat ze kan invullen. Zoals laatst een kaartje waarop ze kon invullen welke type Ka bij haar past.

Kort daarna kreeg ze een boek van meneer Ford: Atlas van de Hand (spiegel van de ziel) geschreven door Marijke van Kessel. Had ze gewonnen. Omdat ze zich had herkend in één van de Ka-types. De logica tussen handlijnkunde en auto’s ontgaat me, maar het zijn nette jongens bij de Ford, want hoe ik ook zocht, nergens vond ik de tekst: “u hebt een gat in uw hand. U moet een Street-Ka kopen . . .” Terwijl ze die toch graag zou hebben.

P.S.: Ik schrijf niet voor niks over mijn vrouw. De website waar zij en haar collega’s maanden aan gewerkt hebben is zojuist de lucht in gegaan. En als u nou wil weten welk type op mij valt, scroll dan even door naar haar column.








Context


Soms heb ik een hekel aan de journalistiek. Dat komt omdat ik denk dat mijn vak mij er toe dwingt dat ik alles moet begrijpen. Want, denk ik dan, elk moment kan het ook in Brabant gebeuren en dan moet ik de context kennen. Het is een ongezond verantwoordelijkheidsgevoel.

Ik probeer nu bijvoorbeeld al twee dagen te begrijpen wat Paus Benedictus XVI heeft gezegd waardoor moslims weer woedend de straat op gaan. Ik begrijp dat hij de Byzantijnse keizer Manuel Palaeologus II heeft geciteerd die zo rond 1400 leefde. Die kon de moslims niet van zijn lijf houden en hij had er dus geen goed woord voor over. Benedictus citeerde een vernietigende uitspraak van de Manuel maar nuanceerde die ook weer een beetje.

En dat probeer ik allemaal te bevatten. Maar eerlijk gezegd, als in Wintelre morgen moslims de straat op gaan om poppen te verbanden van die goedmoedige dorpspastoor kan ik dat niet uitleggen. Dus heren Brabantse moslims, geef mij nog een paar dagen . . . .








Moeilijke beslissing


Wat een moeilijke beslissing was dat! Van de week om zeven uur’s morgens leek de ruimte bij de omroep bezet waar ik mijzelf na de dagelijkse fietstocht opfris en besprenkel met lokgeur. Dat wil zeggen: alle tekenen wezen er op dat daarbinnen iemand bezig was die vast geen pottenkijkers wilde.

Samen met een collega overwoog ik de mogelijkheden. Naar binnen gaan of voorlopig in een vies shirt achter het bureau gaan zitten. “Ik vraag me alleen af wie daar dan binnen kan zijn,” zei mijn collega. We liepen het rijtje af van mensen dat ’s morgen zo vroeg aanwezig is.

De presentatrice van de radiouitzending? Nee, dan hadden we dat geweten. De sportredactrice? Nee, dat leek ons sterk? Maar wie had dan dat kaartje ’s morgens zo vroeg aan de deurklink gehangen. We besloten dat de enige twee collega’s die daarvoor in aanmerking kwamen er niet waren en ik ging naar binnen in de hoop dat ik geen belangrijk persoonlijk nieuws van iemand had gemist.

[!-- error: could not popup ../images/kolf2.jpg. File does not exist --]








Beleving


Toen ik, begin jaren zeventig, jongste verslaggever was klaagden mijn oudere collega’s al over de teloorgang van de journalistiek. Dat lag aan alle nieuwlichters met hun woeste gedrag. Nu ik zelf ouder ben mopper ik ook wel eens op de nieuwe generatie vakgenoten. Maar als ik eerlijk ben is daar geen reden voor.Het enige verwijt dat ik overeind houd is dat ze nu zo rellerig zijn. Maar misschien voelt dat alleen maar zo omdat ik meer het type ben dat met zijn neus in de papieren zit, in de hoop dat ene zinnetje met nieuws te vinden.

In het NPS-programma Kunststof hoorde ik een interview met Cees Grimbergen, presentator van Rondom Tien, maar bovenal journalist. Hij sprak over de huidige generatie journalisten en ik vond het mooi wat hij zei, in ieder geval mooier dan ik het zelf had kunnen bedenken:
De journalistiek is er op vooruit gegaan omdat journalisten veel meer geneigd zijn om de vraag “hoe beleven mensen dingen” in hun berichtgeving mee te nemen. Maar je moet er niet in doorschieten. Eerst de feiten en dan pas de vraag: hoe beleef je ze?”








Videotestament


Er wringt iets in mijn gedachten. Ik leg het neutraal voor. NOVA vertoonde het videotestament van Samir A. Er is niet veel fantasie voor nodig om te bedenken dat Samir A. groots en meeslepend had willen sterven. Die videoband is gevonden door de AIVD en overgedragen aan de politie. (En er is trouwens ook niet veel fantasie voor nodig om te bedenken dat die band naar NOVA gelekt is om het proces tegen Samir A. te beïnvloeden.) Ik heb nergens gehoord en gelezen dat die band is verspreid of dat iemand anders dan de overheid hem had gezien.

In NOVA komt ook arabist Maurits Berger van Clingendael aan het woord. Op een vraag van de verslaggever zegt hij dat deze band tot bewondering bij jonge Arabieren zal leiden. Samir A. zal nu een held worden. Maar, die mogelijke aanhangers van moslimextremisme kennen die band alleen nu hij door NOVA is uitgezonden. Werkt die rubriek daardoor indirect mee aan de verheerlijking van de status van Samir A.? Ik ben er nog niet helemaal uit.








Aan de rol


Een paar dagen geleden schreef ik over de manier waarop mensen hun toiletpapier ophangen. Dat verhaal kreeg vanmorgen een onverwacht vervolg. Onze telefoniste bracht mij niet alleen de dagelijkse post maar ook een keurig ingepakte toiletrol. Voor mij, van een geheime aanbidder.

Ik heb eens goed naar de tekst gekeken en ontdekte al snel het teken waaruit ik kan afleiden wie zij is. Op de foto heb ik dat een beetje weggemoffeld want dat gaat u helemaal niets aan. Maar ik kan u wel zeggen dat het een aanbidder is die elke man weblog wel zou willen hebben. Dat u dat maar weet.




P.S. Het is heerlijk zacht papier met vrolijke zonnetjes . . .

[!-- error: could not popup ../images/poep2.jpg. File does not exist --]








Sharia


Ik weet niet veel van de sharia, maar als ik de blikvangende foto’s in mijn ochtendblad mag geloven tuchtigen de aanhangers in het openbaar overspeligen. Dat vind ik een slechte gewoonte.

Toch denk ik dat de uitspraken van Donner over sharia en democratie gehypt worden door vakbroeders die zich vervelen nu de Rijksbegroting maar niet wil lekken. Want theoretisch heeft Donner gelijk.
Als tweederde van ons volk op een partij stemt die de sharia wil invoeren, is dat een gevolg van ons democratisch systeem. (Overigens moeten we dan dus al lang een islamitisch land zijn.) Over de domheid van Donner ben ik snel uitgepraat.

Als we in het interbellum tussen de Amerikaanse schoffering van minister Bot en de laatste triomftocht van Zalm toch moeten discussiëren, laten we het dan hebben over de vraag hoe we die transformatie van ons land kunnen voorkomen. Dat zou bijvoorbeeld kunnen door een maatschappij te maken waarin mensen zoveel kansen krijgen dat er geen reden is je uit te leveren aan theocraten.

Democratie is ook dat tweederde van ons stemt op partijen die dat nastreven. Als we dat doen zal Donner op 22 november nog vreemd opkijken.








Dienstmededeling


Ik weet niet hoe het bij U thuis is, maar hier werkt Stroomopwaarts ook in Firefox. We gaan nu slapen. Morgen horen we het wel.

Welterusten.








Spannend


Mijn collega was in De Grote Kerk in Breda, dat is tegenwoordig een museum. Hij spotte er locaties voor een Tv-uitzending. Toen hij op het altaar struikelde werd hij opgevangen door een keurige heer. Vanuit een ooghoek zag hij dat de man werd bewaakt door twee kleerkasten met oortjes in. Mijn collega keek zijn redder diep in de ogen, maar hij herkende hem niet. Spannend was het wel.

Bij de ingang stonden nog meer kleerkasten en een dure auto met draaiende motor. Wie kon toch die man zijn? Mijn collega vroeg het één van de bewakers maar die mocht niks zeggen. Spannend en frustrerend.

Later had mijn collega een afspraak met de directeur van het museum en hij vroeg hem wie toch die geheimzinnige gast was. Wat zou het voor hem en dit logje mooi zijn als hij op het altaar opgeraapt zou zijn door een mysterieuze verschijning met als bewakers verklede engelen, terwijl die er op dat moment niet waren geweest.

Maar de directeur begon te lachen. De dienst diplomatieke persoonbeveiliging, vertelde hij, gebruikt De Grote Kerk als oefenruimte. Mijn collega was niet opgevangen door een hemelse of buitenaardse gezant maar door een kleerkast in opleiding.








Tranquilo




Ik vond zomaar op straat dit stukje papier met woorden. Een gedicht, dacht ik meteen. Waarschijnlijk omdat het begint met De Kunstenaars. Want van poëzie heb ik geen verstand.

Maar naarmate ik de woorden vaker lees begin ik te twijfelen. Ik lees wel eens moeilijke gedichten en dan kan ik altijd nog wel enig verband tussen de woorden ontdekken, maar in dit geval ontgaat mij dat. Dit kan ook heel goed een cryptische brief zijn.

Van een buurmeisje dat de buurman iets wil vertellen. Jouw huis, Buurman, Negen Maanden, Nooit Een Meisje van Dertig. Het zijn zinnenprikkelende woorden als je achter elkaar zet. Maar wat hebben De Kunstenaars er dan mee te maken. Of Nederland.

Tranquilo zou kunnen betekenen dat de buurman rustig moet blijven bij het zien van de boodschap. Ik weet niet wat ik er van moet denken.

En waarom lag het nou voor mijn deur? Ik hou het toch maar op een gedicht dat door de wind van heel ver op mijn pad is gewaaid.








9/11


Er is veel veranderd sinds 9/11 van een gewone doordeweekse datum veranderde in een allesomvattende cijfercombinatie die zelfs 25/12 overtrof. Ik stond op een keukentrapje toen het gebeurde, Ik hing gordijnen op.  Wij waren druk bezig ons pas verworven pand in het Bossche centrum om te bouwen van een winkel naar een woonhuis.

Mijn oudste zoon trok bij ons in, want wij wilden hem een plek geven waar hij veilig volwassen kon worden. Het werd een periode van vallen en opstaan, een tijd waarin ons aller geduld en tact soms zwaar op de proef werd gesteld. Totdat hij na bijna vijf jaar zijn eigen weg ging, zoals dat hoort. Uiteindelijk kwamen we er allemaal sterker uit.

Het waren de jaren waarin mijn vader lichamelijk aftakelde, enkele zware operaties onderging en uiteindelijk volledig verzorgd achter de geraniums belandde.

Het waren de jaren van grote spanningen bij de omroep. Er was geldtekort en ik zag met lede ogen enkele dierbare collega’s noodgedwongen vertrekken.

Maar goed, we leven nog. En dat mag volgens onze Grote Leiders een Godswonder heten. Hun God welteverstaan.








Nazomerweer


Het is te mooi nazomerweer om binnen achter de computer te zitten. En dan te bedenken dat wij onze grote vakantie nog voor de boeg hebben . . . . .

[!-- error: could not popup ../images/zonnebloem02.jpg. File does not exist --]

[!-- error: could not popup ../images/paddestoel2.jpg. File does not exist --]








Dreiging


Ik heb u toch verteld over die vreselijke, bleke, magere, pokdalige jongetjes met petjes die met hun Golfjes soms onze straat onveilig maken op weg naar de coffeeshop? Dat is goeddeels voorbij. Mensen die er echt last van hadden hebben het voor elkaar gekregen dat het probleem naar de andere kant van ons wijkje is verplaatst.

Nu hebben die van de andere kant de krant ingeschakeld zodat hun kant van de wijk opeens wereldnieuws is in Den Bosch en ommelanden. Maar wij, aan onze kant, worden plotseling bedreigd door andere voertuigen, getuige een briefje dat ik op een geparkeerde auto geplakt zag . . .








Bot


Ik geef je mijn woord. Op mijn erewoord. Zijn woord is niets waard. Wat is een woord eigenlijk waard? Als een Amerikaanse minister zegt dat zij “geen weet heeft van geheime gevangenissen in Europa”, zijn acht woorden niks waard. Achtmaal waardeloze woordwaarde.

Zou er echt iemand in Europa zijn die een Amerikaanse minister op zijn blauwe of haar bruine ogen gelooft? Goed, Tony Blair, maar verder toch niemand. Natuurlijk zei Ben Bot toen dat hij Rice geloofde, maar dat meende hij niet. Hij sprak waardeloze woorden. En nu is hij boos want hij is belazerd, een vreemd woord in zijn diplomatenvocabulaire. Hij gebruikt veel zachtere woorden. Bovendien: Rice is een dame.

Kamerlid Karimi van GroenLinks vindt dat Bot “geschokt” had moeten reageren. Maar dat is ook maar politiek jargon. En Bot weet dat Rice daar om zou lachen. Want Bot weet dat Rice weet dat Bot altijd geweten heeft dat zij hem in het ootje nam.

Volgende week gaan alle Kamerleden opgewonden debatteren. Zij zullen zich in scherpe bewoordingen uitlaten. Donderdag is de storm dan gaan liggen. Ach en dan is het alweer bijna tijd om de gouden koets uit de stal te halen.








Vragen


Je hebt kleine vragen, grote vragen, nooit domme vragen, levensvragen, retorische vragen, vragen naar de bekende weg, meerkeuzevragen en vragen van gekken die nog door geen tien wijzen kunnen worden beantwoord.

“Hoe hang jij je toiletpapier op. Met het papier naar de muur of het papier van de muur af?” vroeg mijn collega.

Dat vroeg hij niet alleen aan mij, maar aan iedereen die op dat moment op de redactie was. Ik was verbluft en durfde niet te antwoorden. Het is een intieme vraag en daar weet ik nooit raad mee. Wat zou het antwoord over mij verraden?

De andere collega’s antwoordden er zonder scrupules op los. Ik spitste de oren. Er was geen eenduidigheid, dus er is blijkbaar geen trend waar ik mogelijk van af zou wijken.

De enquêteur zelf meldde dat hij de rol altijd met het papier van de muur af hangt. Zijn vrouw en kinderen doen dat niet en daar ergert hij zich al jaren aan. Je hoorde klein leed in zijn stem. Waarom, vroeg iemand, wil hij dat op die manier.

"Omdat je dan het design het beste ziet,"zei hij.

Ik durfde niet te zeggen dat wij toiletpapier zonder design gebruiken, want misschien is dat wel abnormaal.








Basisprincipes


Ook onder ambtenaren zijn heel inspirerende mensen. Vorige week belde ik naar de afdeling communicatie van een peelgemeente. Ik kreeg een dame aan de lijn die niet op die afdeling werkte, maar die wel zo vriendelijk was even te kijken of er iemand was. “Nee,” zei ze, “er is niemand, het werkterrein is onbezet.”

En bij de afdeling communicatie van een Kempengemeente kreeg ik een stagiaire aan de lijn. Ze was de hele dag alleen en ze mocht mijn vraag niet beantwoorden. Ze zei: “Wilt u een mailtje sturen met uw vraag dan belt één van de communicatieadviseurs u morgen terug.” Je hoorde dat ze het zinnetje op het toilet vaak had geoefend.

Ik vond dat geen goed plan. Ik wil namelijk altijd snel antwoord en ik stelde voor dat ze iemand voor me ging opsporen die wel mocht praten. “Dat kan nu niet,” zei ze, “want ik zit midden in een bespreking.” Afijn, deze stagiaire heeft de basisprincipes onder de knie.








Daderruil


Ik heb een freelance collega die bedacht heeft dat hij namen van websites moet gaan claimen waar hij ooit nog iets aan kan verdienen. Freelancers moeten hun eigen broek ophouden, vandaar deze inventieve inval. Hij speelt ook in een band en dus heeft hij een bloedhekel aan recensenten. Hij gaat nu een website oprichten waarop mensen recensies kunnen schrijven over recensies: www.recensierecensie.nl. De naam is al geclaimd.

En nu heeft hij de smaak te pakken.

“Heb jij wel eens, dat je iemand om zeep wilt helpen,” vroeg hij aan mij.

“Wel eens,” zei ik.

“Dan heb je dus ook een motief en dan hebben ze je zo te pakken,” zei hij. “Het beste is om iemand pas te vermoorden nadat je hem twintig jaar niet meer hebt gezien.”

“Goed bedacht,” zei ik. “Maar kun je je neiging zo lang bedwingen?’

“Precies,” zei mijn collega. “Jij begrijpt het. En daar heb ik de oplossing voor. Ik ga een website openen en die heet daderruil.nl. Dan kun je onderling slachtoffers ruilen, zodat niemand aan jou denkt als er iemand in jouw omgeving wordt vermoord.”

Ik liet het even op me inwerken en zei toen: “briljant idee . . .”








Gewonnen/verloren


Er viel een last van de schouders van mijn jonge collega toen hij hoorde dat hij een zaak tegen hem bij de Raad voor de Journalistiek had gewonnen. Ik schreef er al eerder over. Mijn collega was op een feestje bij de buren, daar was ook wethouder School van de gemeente Landerd. Daar speelt een stembusfraude. De wethouder deed daarover een paar pittige uitspraken en wij berichtten daarover.

De wethouder ontkende later en vond mijn collega niet ethisch. De Raad voor de Journalistiek denkt daar anders over. De wethouder is een publieke figuur en hij kende mijn collega goed. Dus hij moet niet zeuren, zo vertaal ik de uitspraak van de Raad. Omdat de Raad niet kan beoordelen of wij verkeerd hebben geciteerd, hoeven we niet te rectificeren.

Maar er is iets anders. Diezelfde wethouder heeft alle andere gasten op het feestje uitgespeeld tegen mijn collega door ze een briefje te laten tekenen waarin staat dat hij nooit die bewuste uitspraken heeft gedaan. Dat deden ze grif want zo’n dorpswethouder kun je nog wel eens nodig hebben. De buren kijken mijn collega nu scheef aan.

Tja, zo kun je uiteindelijk als lokaal bestuurder ook je gram halen . . .








Alien


Droevig, vind ik het. Het geneuzel over het Brabantse volkslied. De voorgeschiedenis: toen Hanja Maij-Weggen Commissaris van de Koningin werd in Brabant pleitte ze direct voor een officieel Brabants volkslied. Het werd meteen haar belangrijkste wapenfeit.

Maandenlang verketterden lokale, zelfbenoemde cultuurpausen elkaar in de media over de keuze van een liedje. Ze kwamen er niet uit en daarom besloten ze geen keuze te maken. Tot Maij, als donderslag bij heldere hemel, afgelopen weekend drie nummers bekend maakte die volgens haar in aanmerking komen voor de status van officieel Brabants volkslied. Sterker nog: ze wil tijdens de provinciale statenverkiezing op 7 maart haar volk ook op één van die liedjes laten stemmen. Ze heeft zelf al een stemadvies gegeven: het belegen Hertog Jan.

Gisteren hingen Pierre “Vader Abraham” Kartner en andere miskende volkszangers aan de lijn bij onze omroep. Boos omdat niet één van hun liedjes over Brabant was genomineerd. De hele discussie begint weer van voren af aan. In mijn hoofd dreunt vooral een couplet uit een lied van Sting: I’m an alien, I’m a legal alien. Of op z’n Brabants: ik heur hier efkes nie bij . . .








Geheugentestje


We doen een klein geheugentestje. Het onderstaande stukje stond vanmorgen in de Volkskrant. Ik vraag u om het eenmaal te lezen. Daarna de ogen te sluiten en mij te vertellen wat de echte naam is van de man die is opgepakt.

Succes!

BAGDAD - De Iraakse autoriteiten zeggen de tweede man van het terreurnetwerk Al Qa’ida in Irak te hebben opgepakt. Dit heeft de nationale veiligheidsadviseur Mouwafak al-Rubaie zondag in Bagdad bekendgemaakt. Hamed Jumaa Farid al-Saeedi is ook bekend als Abu Huma of Abu Rana. Volgens Al-Rubaie is Al Saeedi na Abu Ayoub al-Masri de belangrijkste figuur van Al Qa’ida in Irak.








Dienstmededeling


De laatste dagen kreeg ik mailtjes van mensen die een spammelding kregen als ze wilden reageren. Na diepgravend rechercheren kwam ik er achter dat het mensen waren die met blogspot werken. En wat bleek: in de standaardlijst van pivot met “te blokkeren woorden” staat ook blogspot.com. Dat verwacht een mens natuurlijk niet.

Nu ik dat heb weggehaald krijg ik signalen dat het weer werkt. Ik weet niet of daarmee voor iedereen het probleem is opgelost, maar mocht u zwaar gefrustreerd zijn omdat u voor spam versleten werd en op één hoop werd gegooid met louche dames, pillen en ringtones, is dit misschien het moment om te bewijzen dat u alleen maar goeds in de zin heeft. Als het nog niet werkt, zoek ik het hogerop.








Suikerzakjes


Elk RTV-station vernieuwt in september de programmering. In onze radio-middaguitzending geven twintig bekende en minder bekende Brabanders vanaf morgen bij toerbeurt hun persoonlijk commentaar op zelfgekozen nieuws. De presentator van de uitzending wil mij mee laten draaien in de poule. Omdat ik een weblog heb en dus over dingen na denk. Dat verband ontgaat mij, maar het is een eer gevraagd te worden in het corps van opinionleaders, zoals mijn collega dat noemt.

Nou ben ik alvast een beetje droog aan het oefenen. Mijn oog viel op een aankondiging van een ruilbeurs voor suikerzakjes in Heerde. Kijk, dat is een mooi onderwerp. Hoezo niet?

Iemand die suikerzakjes spaart behoort tot een vergeten minderheid. Die moet, getooid in een gekreukt, blauw-wit geruit overhemd, een morsige bruine terlenka broek en afgetrapte gympies, altijd in restaurants ongezien langs tafeltjes schuifelen op zoek naar buit. En die buit wordt steeds schaarser want waar hebben ze nog suikerzakjes met afbeeldingen van historische gebouwen? Tegenwoordig zijn het allemaal van die eenvormige tuutjes.

En je moet één keer per maand op zondag met je plastic Zeemanzak met ruilhandel helemaal met de bus naar Heerde in de hoop dat er iemand met je wil ruilen. Nee, ik gebruik mijn two minutes of fame om daar aandacht voor te vragen. Suikerzakjesverzamelen moet in de AWBZ!








Knipsel


Eddie heeft vorige week bloed geplast. Dat kwam zo hij was vanuit zijn Brabantse dorp met de trein naar Amsterdam geweest en toen had hij ‘s avonds bloed geplast maar daarna niet meer dus waarschijnlijk was er een niersteen los geschoten tijdens de treinreis ik wist toch dat hij het aan zijn nieren had?

Nee, dat wist ik niet.

Eddie was de eerste huismeester van Omroep Brabant. Hij is al eeuwen met pensioen. Gisteren stond hij plotseling op de stoep want de omroep bestond dertig jaar en hij kwam een krantenknipsel uit 1976 laten zien.

Hoe is het met je, vroeg ik. Hij had dus bloed geplast. En hij kende bijna niemand meer, ja mij, dus kijk een knipsel.

Wist ik nog wel dat toen dat en dat en die en die. Nee, ik wist het niet, dat was ver voor mijn tijd. Hoorde ik nog wel eens wat van . . . .? Nee, die heb ik ook niet gekend. Nou, dan ging hij maar eens verderop buurten.

Wist ik al dat hij het aan zijn nieren had?

Ja, zei ik.

Eddie pakte zijn knipsel en sjokte de gang in.








Drie vierkanten en een paard



[!-- error: could not popup ../images/paard2.jpg. File does not exist --]








Feestje


Ik vind mijzelf niet haatdragend. Af en toe maak ik knallende ruzie – en af en toe bied ik mijn excuses aan voor een wat al te lompe opmerking – maar dat waait altijd over. Toch blijven sommige dingen knagen. Ik ben nog steeds tot op het bot geraakt door een opmerking van Femke Halsema dat blanke vijftigplussers weg moeten ten gunste van kansloze allochtone jongeren. Sinds die tijd heb ik mij afgekeerd van GroenLinks. Zakelijk laat ik daar niks van merken, maar hier in mijn privé-wereld ben ik gebeten op GL’ers.

Neem nou Peter van Doremalen, raadslid voor GL te ’s-Hertogenbosch. Die bekritiseert op zijn weblog een tuinfeestje van burgemeester Rombouts. Het feestje was voor raadsleden en topambtenaren om elkaar beter te leren kennen en het nieuwe seizoen leuk te starten. Niks mis mee, lijkt mij. Elke organisatie en elk bedrijf hebben een potje voor personeelsfeestjes. Geldverspilling vindt Van Dorenmalen.

Maar diezelfde Peter ging wel naar dat feestje toe. Dan denk ik: als je zo principieel bent zeg dan af in plaats van vier dagen later kritiek te geven.

Het komt nooit meer goed tussen GL en mij.





Powered by Pivot - 1.40.7: 'Dreadwind' XML: RSS Feed XML: Atom Feed