Inval (5)



Voor wie het nieuws via mijn log gevolgd heeft, hier de follow up.








Kaartje


De meest aangrijpende reactie na de uitspraak vond ik die van Lieuwe, de zoon van Theo van Gogh. “Ik stuur hem wel een kaartje,” zei Lieuwe.

Geen emailtje en geen sms-je maar een ouderwets kaartje. Want de kans dat emailtjes of sms-jes Mohammed bereiken is niet zo groot. Hij gaat in afzondering.

De opmerking van Lieuwe sprak daardoor boekdelen. Met zijn misschien wel onbedoeld cynische reactie toonde hij zich een zoon van zijn vader. Als ik hem was zou ik een kaartje sturen met: “De Groeten uit Mekka”. Met daarop duizenden echte moslims op bedevaart. In vrijheid.








Bijna tachtig (4)


Hoe zou het zijn als je hulpbehoevend bent? Helemaal afhankelijk van anderen. Die vraag speelt de laatste dagen door m’n hoofd nu mijn vader in een verpleeghuis zit. ’t Is tijdelijk, maar de situatie wordt eerder slechter dan beter en de vrees dat hij niet meer zal terugkeren naar zijn vertrouwde huis wordt groter.

Mijn emotionele band met hem is nooit hecht geweest. Er was meer sprake van afstandelijkheid, oppervlakkigheid. Toch ontroert het me als ik hem onderuitgezakt in z’n rolstoel zie zitten. Boos op alles en mopperend op iedereen. Hij zoekt ruzie met een demente dame die hem terecht wijst als hij aan de eettafel aanschuift op een plek die zij voor iemand anders had bestemd. Hij mag niet gaan zitten waar hij wil en dat maakt hem boos.

Na de operatie zou hij na een paar weken revalideren weer naar huis gaan, maar een val kneusde zijn heup. Tenminste dat zeggen ze, maar het herstel duurt zo lang dat er opnieuw foto’s moeten worden gemaakt. En al die tijd is hij afhankelijk van de mensen van het verpleeghuis en wordt zijn humeur verder bedroven doordat hij geen aansluiting kreeg met de medebewoners van wie de meeste wat apathisch voor zich uit kijken. Langzaam maar zeker begint mijn vader op hen te lijken.

Ik probeer me voor te stellen hoe het is om bijna tachtig jaar lang zelfstandig te hebben geleefd om vervolgens in volledige afhankelijkheid je laatste jaren te slijten in een verpleeghuis. Maar dat gaat mijn voorstellingsvermogen ver te boven. “Vader wordt lastig,” hoor ik familie zeggen die dichtbij woont en veel dichter bij hem staat dan ik. Ondanks die flinterdunne band voel ik met hem mee. Voor het eerst voel ik iets van genegenheid. Maar hij heeft me nooit geleerd die naar hem toe uit te spreken. Hij zou er ook geen raad mee weten.


En toen was mijn stukje klaar. En toen belde mijn broer. Hij was met mijn vader naar het ziekenhuis geweest. Uit de nieuwe foto’s bleek dat zijn heup  niet gekneusd is maar gebroken. Drie weken lang hebben ze onze ouwe heer therapie laten doen die hij niet had mogen doen. Deze week volgt er weer een operatie. In het verpleeghuis waren ze erg geschrokken. Ja, ja vader wordt lastig . . .








Roken


Bij de rookcounter van de supermarkt vroeg ik gisteren om twee doosjes Panter Sprint. Niet dat ik zo’n roker ben; we steken samen na het eten altijd een sigaartje op om het dagelijks bijpraat-uurtje nog wat te verlengen.
Het meisje achter de balie liet haar ogen langs de schappen gaan, maar verroerde zich niet.
“Boven, de derde van links,” zei ik behulpzaam.
Ze pakte de doosjes en haalde ze langs de scanner.
“Ik ben al blij dat ik alle sigaretten uit mijn hoofd ken. Ik rook zelf niet. Snapt u nou dat ze iemand die niet rookt hier neer zetten,” zei ze.
“Nou ja,” antwoordde ik, “zo erg is dat toch niet. Hier wordt toch niet gerookt en alle sigaretten en sigaren zitten goed ingepakt.”
“O ja,” ze ze. “Maar ’s avonds stinken wel je handen alsof je een pakje sigaretten hebt gerookt.”
Ze duwde haar vingers onverhoeds bijna in mijn neusgaten. “Ruik maar,” zei ze.
Beduusd van deze actie probeerde ik er het beste van te maken. Met één diepe haal probeerde ik het leven van dit meisje op te snuiven. Ik rook een vage zeeplucht.
“Vies hè,” zei ze. “Daarom moet ik ze nou drie keer per dag wassen”.
“Het valt wel mee,” zei ik.
“Dan moet u aan het eind van de dag maar eens komen,” zei ze.
Maar dat leek mij niet zo’n goed idee om helemaal terug te rijden naar de supermarkt, alleen om aan de hand van het meisje van de rookcounter te ruiken.
“Nou sterkte,” stamelde ik. “En prettig weekend.”
“U ook,” zei ze.
Buiten rook ik zo onopvallend mogelijk aan mijn eigen hand. Ik rook Aigner Man.








Namen (48)


Zinkgraag - badjuffrouw in Amsterdam
Zoet de heer - Manager snoepfabrikant Red Band
Zondag - SGP-raadslid Geldermalsen
Zondergeld - deurwaarder in Hoorn
Zonderhuis de heer - architect  in Alkmaar
Zorg Jan - medewerker sociale dienst Amsterdam
Zwaan, Ron - medewerker dierenambulance Kennemerland
Zwart - eigenaar witte pomp
Zwart - medewerker kijk- en luisteronderzoek
Zwarts - man die A'dam moest adviseren over minderhedenbeleid

(volgende week de laatste aflevering)








Bewegingen


Een collega klaagde er over dat onze scannermannen tegenwoordig veel minder tips hebben dan vroeger. Voor wie het niet weet: in heel Nederland zijn mensen die er hun levenswerk van hebben gemaakt politieradio’s af te luisteren. Zodra ze iets horen dat ze de moeite waard vinden bellen ze de krant, de radio of de TV. Meestal krijgen ze daar tipgeld voor.

Dat ze tegenwoordig minder aan de telefoon hangen komt door het vermaledijde C2000. Een nieuw communicatiesysteem van de hulpverleningsdiensten dat niet meer is af te luisteren. Totdat het gekraakt wordt natuurlijk.

Vroeger ging dat anders. Toen hadden we een scannertje met gekleurde lampjes op de redactie staan en kregen we ook gesprekken door die particulieren voerden via hun bakelieten autotelefoon. Berucht op de redactie was de onbekende man die elke vrijdag z’n minnares belde om aan te kondigen dat hij op de snelweg bij Apeldoorn reed en bijna bij haar was. Het voorspel begon al aan de telefoon en dat vonden wij leuk. We waren jong.

Onder de scannermannen was er één, die elke avond een A-viertje faxte met een samenvatting van alles wat hij die dag had gehoord. Eenmaal schreef hij dat agenten een stel hadden betrapt dat op de openbare weg in een lelijke eend “bewegingen maakte als zijnde gehuwd”.

Zeg nou zelf, welke auto leent zich daar beter voor?








Diversen


Ik hou niet voortdurend bij hoeveel mensen Stroomopwaarts lezen of hoe ze op mijn log terecht komen. Maar toen ik vanmiddag toch even bij Nedstat keek onder "hoe" bleek dat de hoogst genoteerde woorden "bommen" en "maken" waren. Tja, wat moet ik daar nou van denken . . .?

Wie zit te wachten op een follow upje (fupje voor vakmensen) over de RTL-klusjesjongens en -meisjes die vandaag in ons huis poolshoogte hebben genomen (en wie zit daar nou niet op te wachten?), moet nog even geduld hebben. Wij waren niet thuis en hadden de sleutel aan de buren gegeven, tenslotte is het hun schuld. 't Lijkt er op dat ze een ombouw om de verwarming gaan maken. Don't call us, we call you, schijnen ze gezegd te hebben, die jongens en meisjes van RTL.








Protocol


We hebben een nieuwe ethische bedrijfscode bij Omroep Brabant. U weet wel, zo’n protocol waarin staat wat je wel en wat je niet mag aannemen van relaties. En welke schnabbels je wel en niet mag doen. ’t Ziet er juridisch en dus heel streng uit. Maar omdat onze directeur heel goed weet dat zijn personeelsleden ook maar mensen zijn heeft hij er op luchtige wijze wat voorbeelden aangeplakt waaruit blijkt dat er nog wel wat rek in de regels zit.

In de journalistiek is de vraag wat je wel en niet mag aannemen van relaties zo oud als het vak zelf. Er zijn collega’s die nog geen pen meenemen van een persconferentie en er zijn er die zich uitgebreid laten fêteren met buitenlandse reizen. Ik ben niet roomser dan de Paus en heb ook wel eens een fles wijn aangenomen of copieus gedineerd op kosten van een relatie. Alles in het belang van het vak natuurlijk . . .

De bedrijfscode deed me denken aan de tijd dat ik als jongste verslaggever bij de Barneveldse Krant werkte. In die tijd was Ben Bläss actief in Barneveld. Hij had zijn tentakels in elk evenement van enige betekenis dat in het dorp gehouden werd. Daar was niks mis mee, want ik herinner me Ben als een geweldig aardige en gedreven man. Hij was toentertijd directeur van kippenslachterij BPC, een grote werkgever in het dorp. En altijd als hij iets organiseerde werd ik naar zijn fabriek gestuurd om hem daarover te interviewen.

De bezoekjes verliepen volgens een vast patroon. Ik werd in de hal opgehaald door een bevallige secretaresse, die mij na het gesprek ook weer naar de hal begeleidde. Halverwege de gang was een nis waar een gordijn voor hing. Altijd als we daar op de terugweg langs kwamen deed de secretaresse het gordijn open en vroeg: “Kippetje, meneer De Vries?” Voordat meneer De Vries kon antwoorden hing zij al voorovergebogen in een diepvrieskist die achter het gordijn stond. En terwijl ik nog wat voor de vuist weg stond te fantaseren over die voorovergebogen secretaresse duwde zij mij een kouwe diepvrieskip in mijn handen. Ik heb nooit kunnen weigeren . . .








Claim


Echt, geloof me. Toen ik ruim een jaar geleden met Stroomopwaarts begon heb ik me voorgenomen niet over Neerlands slechtste bedrijf te schrijven: de Nederlandse Spoorwegen. Want als je daar eenmaal aan begint blijf je bezig en dat is saai.

Ondanks al hun provocaties heb ik mijn voornemen lang gestand kunnen doen. En neem van mij aan dat ze hun best hebben gedaan mij uit de tent te lokken: vrijwel dagelijks vertrekken mijn treinen net een paar minuten later dan op het bord staat. En als ze op tijd vertrekken staan we ergens in het weiland stil om maar aan die vertraging te kunnen komen. Ik onderga het lijdzaam.

Maar de laatste weken werd het steeds gekker. Tot drie keer toe vielen er treinen uit waardoor ik een half uur moest wachten. En dan heb je recht op geld terug. Zeggen ze. Dus ik via internet teruggave geclaimd. Dat is heel simpel en kost minder dan een minuut. Snel verdiend, dacht ik.

Gisteren vielen er drie identieke brieven op de mat. Van de NS. In alle drie stond sorry voor het ongemak, maar u krijgt geen geld terug. Wat blijkt? En enkeltje op het traject dat ik dagelijks afleg kost met een jaartrajectkaart minder dan 2,20 euro en dat is het minimum bedrag dat ze uitkeren.

Dus als ik als vaste goed betalende vaste klant twintig keer per jaar een half uur op dat tochtige station zit te wachten omdat de NS me weer eens in de steek laat, kan ik naar m’n centen fluiten. Maar als iemand één keertje met de trein van Groningen naar Middelburg gaat en een half uur vertraging heeft, krijgt hij wel een deel van z’n geld terug. Die logica ontgaat mij geheel.

U begrijpt dat ik gewoon blijf claimen, want volgens mij kost het ze meer om elke keer een brief te sturen dan mij m’n geld terug te geven.








Heren



Toen ik gisteravond thuis kwam zei ik tegen Marlies:”Ons TV-Journaal werd vandaag door louter jonge vrouwen samengesteld. De meesten zijn onder de dertig. Grappig he? Iedereen denkt dat Journaals door oude mannen worden gemaakt.”

“Dan had je dus de hele dag weer een mooi uitzicht,” zei ze, wetend dat ik op de kop van het blok met TV-babes zit.

“Ja,”zei ik, “best wel”.

Maar er ging iets mis. Bij een onderwerp over een blunder die de provincie had begaan met de aanbesteding van het busvervoer in de provincie stond blammage in beeld in plaats van blamage. En dat 24 uur lang.

Dat leverde, zo bleek vanmorgen, een heleboel mailtjes en telefoontjes op van wakkere kijkers. Een man uit Deurne schreef: "Verschrikkelijk heren, ga uw lesgeld terughalen!" De sukkel. Dat is vast zo’n ouwerwetse preut met vooroordelen die denkt dat Journaals worden gemaakt door mannen.

En hij had ook nog een nare opmerking over MAVO-klanten. Kijk, dan ben bij mij aan het verkeerde adres. Ik ben namelijk de eerste MAVO-klant van Nederland (toen nog gelijkwaardig aan de MULO, dat wel). Daar moet je niet over zeiken. En over onze TV-babes ook niet trouwens.








Klusje



Och, laten we maar meedoen, hadden we tegen elkaar gezegd. Je wilt het enthousiasme van nieuwe buren niet temperen. En hoe groot was nou helemaal de kans dat het door zou gaan? Honderd procent dus!

Onze buren hebben onze straat aangemeld voor één of ander RTL-klusprogramma. Ik ken het niet, maar ze schijnen allerlei klusjes in die straat te komen doen, die dan later worden uitgezonden. Ik gruwel al bij de gedachte dat ik daar aan mee moet doen, maar ja, terugkrabbelen is ook niet netjes.

Na onze verbouwing hebben wij nog wel een paar wensen, maar die schijnen te ingewikkeld te zijn. ’t Mogen alleen maar simpele klusjes zijn. ’t Is RTL hé . . . Dus ik prakkizeer me al dagen suf wat ik die jongens en meisjes nou eens kan laten doen.

Ze zouden vandaag komen maar natuurlijk gaat het  niet door. Het productiemeisje belde vrijdag af. Ik had het kunnen weten, want ook onze TV-afdeling belt vaak af. Er komen altijd dingen tussendoor die nog belangrijker zijn dan jij. Ze moeten naar een begrafenis, zei het productiemeisje. Een bijzonder klusje zou ik zeggen.

Nu komen ze donderdag. Nou ja, dat geeft me in ieder geval wat extra tijd om een eenvoudig klusje te verzinnen. Ik dacht nu zelf aan een urnenmuurtje.








Bijna tachtig (3)


Mijn vader zat buiten toen ik aan kwam lopen. Naast hem zat een man, maar ze spraken niet met elkaar. Ze staarden synchroon naar het fonteintje.
“Het is hier niks gedaan, jongen,” zei hij. De man naast hem zweeg.
“Het is maar tijdelijk,” zei ik. “Over een paar weken als je weer op de been bent mag je naar huis.”
“Ik hoop het maar. Hij mag dinsdag naar huis,” zei hij wijzend op de man naast hem.
Die keek mij aan. “Gelukkig wel,” zei de man in plat Haags. “Zo’n verpleeghuis is een ramp voor mensen met hun volle verstand. Hier zitten alleen maar imbecielen en daar zitten wij dan tussen.”
Mijn vader knikte bevestigend. Broeders waren het, die hun leed deelden.
Het is mooi dat mensen die na een operatie moeten revalideren tijdelijk in een verpleeghuis mogen wonen, maar ik snapte die twee daar onder de luifel wel. Ze waren duidelijk anders dan de meeste andere mensen.
“Er klopt ook niks van,” zei de Hagenees. “Ik zou een kamertje alleen krijgen, maar nou lig ik met een man die zwaar bronchitis heeft. Die ligt de hele nacht te hoesten. Dus ik kan niet slapen. Weet je wat ze tegen me zeiden. Dan ga je maar in de huiskamer slapen. Daar slaap ik nou al een paar dagen meneer. In de huiskamer. Je gelooft het toch niet.”
Mijn vader knikte bevestigend. Ik vond dat hij er een morsig uit zag.








Zaag


“Hebben wij een zaag?”

De vraag van Marlies kwam een beetje uit de lucht vallen. (En sinds wanneer is mijn zaag onze zaag?).

“Ja,” zei ik, “die ligt achter de gereedschapskist”. Ik ben heel ordelijk.

Twee minuten later liep ze achter me langs het dakterras op. Met een zaag in de aanslag. Het bijzondere van de situatie dreef mij ook die kant op. Ze had inmiddels de aanval geopend op een toch al dood boompje.

“Zal ik even helpen?” vroeg ik, galant als altijd.

“Nee hoor,” zei ze. “Als een jonge aantrekkelijke buurvrouw met een 8 mm staalboortje uit de voeten kan, dan kan deze bitch van (piep) jaar wel met een zaag overweg.”

Mooi zoals vrouwen elkaar inspireren.








Suiker


Gisteravond stond mijn nieuwe, jonge niet onaantrekkelijke buurvrouw op de stoep. Of ik een 8 mm staalboor had? Waar zijn nondeju de tijden dat buurmannen gereedschap kwamen lenen en nieuwe, jonge niet onaantrekkelijke buurvrouwen aanbelden voor een kopje suiker?








Namen (47)



Wolff - dierenarts bij dierenkliniek in Watergraafsmeer
Wolff - vleeshandelaar Twello
Wolf-Schaap - echtpaar
Woning, Anneke - woninginrichter
Woof B. - jurylid hondenshow New South Wales
Worm, ir. E. - verantwoordelijk voor veiligheid in tunnels
Worm - milieudeskundige Bladel
Worst  - slager Nijkerk
Wringer drs. - Uroloog
Zalm - directeur dienst binnenwateren Amsterdam
Zee Colette - manager PSV-profzwemploeg
Zee Nel van der - auteur boek Naar rustiger water
Zee v.d. - kapitein blusboot Furie 3
Zee v.d. - luitenant marine








Brief van Ali (6)

Zeer edel Geachte heer Minister Veerman,


Elke avond na eten ga ik uurtje naar volkstuin. Is vlak bij spoorlijn. Is ook gezellig met andere Turkse en Nederlandse mensen. Ook goed voor inburgering. In mijn volkstuintje ik heb mooie groente en ook aardbeien en bessen. Wij hebben samen ook kast want in Nederland is weinig zon en wij willen ook paprika’s en tomaten. Gaat heel goed met groenten bouwen in moestuin, want zo heet volkstuin bij Nederlandse mensen.

Buurman Arie zegt altijd: Ali jij heb groene vingers. Maar dat is grapje, want u weet Turkse mensen hebben hele bruine vingers. Arie heeft ook soort volkstuin in schuur op industrieterrein. Op dag heb ik hem geholpen met het knippen van plantjes, maar was beetje stinkwerk dus dat doe ik niet meer.

Nu is probleem met kunstmest. In Agrarisch Dagblad (is speciaal voor boeren en volkstuinders mensen) dat kunstmest ook is om extremistische bommen mee te maken. Zegt meneer van Clingendael en dat is heel belangrijke in stituut in Nederland zegt buurman Arie. In artikel staat dat man van kunstmestwinkel goed moet opletten als Turkse mensen kunstmest kopen, want dan kunnen zij bommen maken. Dat is voor mij beetje en andere Turkse volkstuinieren discriminatie als man van boerenbondwinkel gek naar mij kijkt als ik kunstmest koop voor slaplantjes en parika’s.

Ik wil vragen aan u of u bekend zal maken dat veel Turkse mensen volkstuintje hebben en dat niet gek is dat mannen met snor kunstmest kopen. Misschien kunt u keertje met weledelgeachte mevrouw minister Verdonk bij ons komen eten uit eigen tuin. Mevrouw Yildiz is heel goede kok. Lekker gevulde paprika’s en tomaten.

Ik hoop dat u ons wil helpen tegen discriminatie van kunstmest, want wij hebben veel nodig omdat grond bij spoorlijn beetje oud is.

Hoogachtend
Ali Yildiz.








Inval (4)

Voor wie de zaak over de politie-inval bij Omroep Brabant gevolgd heeft via mijn log, hier het laatste nieuws:






Geen vervolging Omroep Brabant voor het niet
ter beschikking stellen van beeldmateriaal.


De officier van Justitie in ’s-Hertogenbosch heeft deze week besloten geen vervolging in te stellen tegen Omroep Brabant, haar directeur en inmiddels ex-hoofdredacteur voor het niet opvolgen van een vordering tot uitlevering van beeldmateriaal. Op 7, 8 en 9 april vonden in de Graafsewijk in ’s-Hertogen-bosch rellen plaats naar aanleiding van de uitzending van het programma ‘Probleemwijken’ van SBS6 op 7 april. Het Openbaar Ministerie (OM) heeft kort na de rellen Omroep Brabant gevraagd het uitgezonden beeldmateriaal van de rellen ter beschikking te stellen aan het OM. Op 12 april heeft het OM een bevel tot uitlevering van stukken naar Omroep Brabant gefaxt. Op 13 april, toen duidelijk was dat Omroep Brabant niet wilde meewerken, is onder leiding van een rechter-commissaris een doorzoeking uitgevoerd bij Omroep Brabant. De banden met de uitgezonden beelden zijn hierbij in beslag genomen. Tevens bleek toen dat er nog andere banden met opnamen met betrekking tot de rellen aanwezig zijn geweest bij de afdeling Documentatie van Omroep Brabant. Ook die banden vielen onder het uitleveringsbevel van de officier van Justitie. Uit onderzoek is gebleken dat die banden op 12 april 2005 bij de redactie van Omroep Brabant zijn afgeleverd. Vervolgens ontbreekt ieder spoor van deze banden en kon niet meer worden achterhaald wat er met de banden is gebeurd. Evenmin kon achteraf worden vastgesteld wat er nu precies op die banden heeft gestaan. Derhalve heeft het OM tot een niet verdere vervolging, van degenen die bij het zoekmaken van die banden waren betrokken, besloten. De sepotbeslissing van het OM is reeds ter kennis gebracht van de advocaat van Omroep Brabant en de betrokken (ex-)werknemers.

's-Hertogenbosch, 15 juli 2005








Smartengeld


Eén van de meest opmerkelijk dingen in het proces tegen Mohammed B. vond ik de emotie bij de politiemensen die door hem waren beschoten. Ik heb al eens geschreven dat ik tijdens mijn werk twee keer serieus bedreigd ben. Eén keer door een boze boer met een geweer en één keer door een gestoorde man met een mes. En ik ben een keer een middag gegijzeld geweest door een overspannen fabrieksdirecteur die mij en een collega met de dood bedreigde. ’t Heeft bij mij weinig emotie teweeg gebracht, ik heb er nooit een nacht van wakker gelegen. Ik heb het altijd als beroepsrisico beschouwd. Dat is geen stoere praat (ik ben helemaal niet stoer) maar meer een constatering.

Nou is het natuurlijk wel van een andere orde als een extremist jou in de val lokt en je echt wil vermoorden in de hoop dat jouw collega’s hem dan weer dood schieten. Dat begrijp ik ook wel. Maar ik heb me nooit gerealiseerd dat dat voor die agenten, die toch een beroep hebben met heel veel risico en die de hele dag rond lopen met een geladen pistool, zo ingrijpend is.

In het Brabants Dagblad stond er vanmorgen een interessant artikel over. Een deskundige zegt dat je als agent wel vaker assistentie moet verlenen bij een schietpartij. Maar dan is de verdachte meestal al weg en hoeven de dienders alleen maar de plaats delict met een lint af te zetten. Tja, dan snap ik dat de gemiddelde politieman overstuur is als er op hem of haar wordt geschoten.

Maar nu las ik ook dat die agenten enkele duizenden euro’s smartengeld hebben geëist. Ik weet het niet, maar dat druist toch een beetje in tegen de manier waarop ik tegen de politie aan kijk. Laat ik zeggen dat ik daar een onbestemd gevoel bij krijg.








Mario


Deze gebeurtenis heb ik niet zelf meegemaakt, maar van een goede vriendin gehoord. Ze kent Mario persoonlijk en die heeft het haar zelf verteld omdat zij ook allochtoon is. Mario is een Kroaat. Hij woont al lang in Nederland en spreekt onze taal, zij het met een zwaar accent.

Mario raakte verzeild in een café, vraag me niet waarom want dat weet ik niet. ’t Doet er ook niet toe. Hij raakte er aan de praat met stamgasten uit de wijk, monumenten die aan de bar geplakt zaten. Ze dachten dat hij uit Italië kwam omdat hij Mario heette. Mario vertelde dat hij niet uit Italië kwam. ’t Maakte de mannen niks uit zeiden ze, zolang hij maar niet uit Marokko of Turkije kwam. Het verhaal vertelt niet waarom de mannen dat onderscheid maakten.
Mario vertelde dat hij uit Kroatië kwam. Meteen was hij het middelpunt, want ze hadden in het café nog nooit een Kroaat gezien. Mario werd een soort oorlogsheld, die kenden de mannen wel.

De barkeeper zag de opwinding en wenkte Mario. Hij moest mee naar buiten. Daar stond de auto van de barkeeper, Mario moest op de bijrijderstoel gaan zitten. De barkeeper pakte uit het dashboardkastje een cassettebandje. “Cassettebandje,” zei hij tegen Mario. “C-A-S-S-E-T-T-E-B-A-N-D-J-E. Muziek. M-U-Z-I-E-K.,” zei de barkeeper, terwijl hij nadrukkelijk beurtelings naar het cassettebandje en de cassetterecorder keek enwees.

Mario keek hem verbaast aan. “W-A-C-H-T-. J-IJ  G-O-E-D  O-P-L-E-T-T-E-N, “ zei de barkeeper, terwijl hij het contactsleutelje een kwartslag draaide en het cassettebandje in de cassetterecorder stak. Uit de portieren schalde muziek. Het verhaal vertelt niet wat voor soort muziek, maar dat doet er niet toe, behalve als het Kroatische muziek zou zijn geweest, maar dat lijkt me niet, anders had Mario dat wel aan onze vriendin verteld. De barkeeper keek trots zijn auto rond.

“Jij bent flapdrop,” zei Mario. De barkeeper keek hem verschrikt en vragend aan. “Jij bent flapdrol omdat jij geen Cd-speler in auto hebt,” zei Mario. ’t Verhaal vertelt niet of Mario ooit nog in dat café is teruggeweest. Maar nu weet u wat allochtonen elkaar vertellen.








Mohammed spreekt


Mohammed B. heeft gesproken. Als hij vrij zou komen, zou hij weer doden, zei hij. Voor de rest was het een ietwat onsamenhangend verhaal met wat troostende woorden voor de moeder van Theo van Gogh. Mijn god . . .
De man is een godsdienstwaanzinnige zeiden de vrienden van Van Gogh meteen na de rechtzaak.

Maandenlang hebben velen uitgekeken naar een woord van Mohammed B. Ik niet want ik heb geen moment de illusie gehad dat hij de wereld iets heeft mee te delen dat de moeite waard kan zijn. De afgelopen dagen werd ik alleen maar gesterkt in die mening. In de rechtzaal zat een man die door zijn nadrukkelijk zwijgen een waas van mystiek optrok. Dat spreekt mensen die zelf niet zo goed kunnen nadenken aan. Het wekte de indruk dat hij lang en diep nadacht en dat elk woord dat over zijn lippen zou komen een door Allah zelf gezonden boodschap zou zijn.

Zijn gedrag wekte ook de indruk dat hij boven alles en iedereen was geplaatst. Hij suggereerde een goddelijke status, zoals ook Lou de Palingboer en anderen dat deden. Islam of christendom, elk geloof brengt de charlatans voort die het verdient. Jarenlang heb ik als journalist op de Veluwe gewerkt. In die tijd heb ik mensen van alle christelijke signatuur geïnterviewd, van Oud-Gereformeerde Gemeente tot blije evangelisten. En allemaal dachten ze dat ze de wijsheid in pacht hadden. Het is me altijd een raadsel geweest hoe die mensen zo verschillend konden leven op basis van één en hetzelfde boek. Het heeft mij er van overtuigd dat het wezen van het geloof is: eer uw Schepper (Allah of God, ’t maakt mij niet uit) en heb uw naaste lief als uzelf. De rest is wat de mensen er van maken. Soms uit overtuiging, soms uit heerszucht, vaak uit gemakzucht

Mohammed B. heeft z’n eigen draai aan het geloof gegeven. Hij wekte de indruk de waarheid in pacht te hebben en sleepte veel mensen  mee. Hopelijk hebben die mensen vandaag gezien dat Mohammed B. op het moment dat de wereld aan zijn lippen hing niet verder kwam dan wat gebrabbel. Meer zit er volgens mij ook niet in.








Bijna tachtig (2)


“Voor mij hoeft het niet meer,” zei hij nog voordat hij ons had begroet.

“Ook goeiemiddag pa. Wat hoef er niet meer?” vroeg ik.

“Niks nie. Alles,” antwoordde hij.

Hij zat in een rolstoel in de deuropening van de kamer die hij met een andere man deelt. Mijn broer had me al gewaarschuwd dat onze ouwe heer in een dip zat.

“Waarom ga je niet in de huiskamer zitten?” vroeg ik.

“Daar zitten ze allemaal te slapen. Of van die rare liedjes te zingen. Dat heb ik toch vorige week al verteld. Kwijleballen zijn het.”

De tijd in het verpleeghuis doet mijn vader geen goed. Hij zit er om bij te komen van een zware operatie. Nadat hij ook nog eens is gestruikeld kan hij tijdelijk niet meer lopen. Even is er in de familie al over gesproken dat vader niet meer op zichzelf kan wonen.

“Wil je eigenlijk nog wel terug naar huis,” vroeg ik.

“Ja natuurlijk. Wacht dacht jij dan? Je denkt toch niet dat ik hier bij die kwijleballen blijf,” zei hij. “Weet je dat ze bij mij achter een parkeergarage aan het bouwen zijn en een appartementencomplex?”

Dat wist ik, dat had hij al vier keer verteld. Een grote veevoederfabriek die jarenlang het beeld in het centrum van Barneveld had bepaald is afgebroken. Het was de belangrijkste gebeurtenis voor mijn vader in de afgelopen zes jaar.

“Je baalt natuurlijk dat je niet op je balkon zit om naar die bouw te kijken?" vroeg ik.

“Eigenlijk wel," zei hij.

Daarna begon hij zachtjes te fluiten. Dat doet hij altijd als er een stilte valt en hij het eigenlijk wel naar zijn zin heeft. Fluiten, zoals een poes spint.

De verzorgster brengt zijn eten op de kamer, want hij wilde niet bij die kwijleballen eten. Omdat zijn linkerhand nog niet erg mee wil en hij een beetje knoeit leg ik een doekje onder z’n kin.

Hij lachte. “Jullie maken van mij een ouwe man," zei hij.








Wel creatief!


Vorige week schreef ik dat ’s-Hertogenbosch zich wil gaan profileren als stad van creatievelingen. Dat leverde enige hoon op. Er waren criticasters die dachten dat onze fijne stad te provinciaal was om een rol van importantie te kunnen vervullen op het creatieve vlak. Die mensen kan voorgoed de mond snoeren.

Iedereen die wat vaker op dit log komt weet dat ik vind dat de dienst in ‘s-Hertogenbosch wordt uitgemaakt door een klein groepje gegoede middenstanders. (Overigens denk ik dat dat in de meeste gemeenten wel zo zal zijn. Als journalist heb ik ontdekt dat je altijd en overal dezelfde mensen tegen komt, maar dat terzijde). Een tijdje geleden brak dan ook in de stad de gierende paniek uit toen de gemeente Geldermalsen het plan had om ergens in het veld een megastore te laten bouwen. Je ziet ze ook wel in Frankrijk Mooi, denk je dan als consument, een beetje concurrentie is goed voor de portemonnee en Geldermalsen is een stief kwartiertje met de auto.

Daar was ons gemeentebestuur (en enkele besturen van andere gemeenten) fel op tegen. Wethouder Eigeman legde in de plaatselijke krant omstandig uit waarom zo’n megastore slecht is. Mensen gaan alleen maar naar grote superstores aan de rand van de stad om hun karretje vol te laden en dan zijn ze weer weg. En dat leidt tot anonimisering van de samenleving, zei de wethouder. Wie durft er nog te beweren dat men in ’s-Hertogenbosch niet creatief is!








queue


Een paar jaar geleden was ik in Barcelona. Ik wilde met de bus van A naar B. Op het moment dat ik aan kwam lopen stopte de bus pal voor mijn neus, een meter of vijf vóór de haltepaal. De deur ging open en ik wilde in de bus springen. Toen ik al met één been op de treeplank stond zei een mevrouw een meter of vijf rechts van mij: “There is a queue, sir”. Ik keek naar rechts en zag inderdaad een stuk of zes mensen in rij en gelid staan. Engelsen, dat kon niet anders. In plaats van mijn excuses aan te bieden, uit te stappen en achter het groepje aan te sluiten, liep ik door. Met een meewarige grijns op mijn gezicht vanwege die overdreven engelse ordentelijkheid zei ik: “Welcome on the continent”. Daar heb ik nu meer dan ooit spijt van.








Namen (46)


Water v.d. - woordvoerder Rijkswaterstaat
Weewee - Surinamer die in Tilburg uitzendbureau werkloze buitenlanders begon
Wegman ir. - voorzitter Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid
Wegmann - Duitse wielrenner
Wiel v.d. - fietsspecialist Gemert
Winkel v.d. - gereedschappenwinkel Stiphout
Winkel - kassiere Aldi Eindhoven
Winter Gitta de - bestuurslid ijsclub Egmond/Heiloo
Winters - ijsbedrijf in Groningen
Woei Diana - weervrouw Radio 2
Wolf Jori - boswachter in Putte
Wolf - mevrouw de -Lid Raad voor Dieraangelegenheden
Wolf, Wolfgang - trainer van Wolfsburg








Au-pair

Hij: Schatje, ik maak me een beetje zorgen over onze zoon Roderick-Barend

Zij: Hoezo, schat?

Kweenie hij zegt soms van die rare dingen.

Ach het is een kind, daar moet je niks achter zoeken.

Kweenie. Volgens mij heeft onze au-pair toch niet zo’n goede invloed op hem. In de Telegraaf stond er ook als iets over. Au-pairs spreken slecht nederlands en daardoor lopen kinderen een taalachterstand op.

Kom nou toch zeg. Wees blij met Surya. Stel je voor dat ze er niet was, dan kon ik niet werken. En dan konden we niet zo vaak uit of zonder kind op wintersport.

Ja maar vind je het niet gek dat een kind van drie vijf keer per dag een kleedje uit rolt en gaat bidden en voortdurend jihad, jihad roept.

Ach joh, maak je niet druk. Hij ontwikkelt z’n persoonlijkheid. Dat is heel normaal op die leeftijd. Dat staat ook in de Ouders van Nu.

Kweenie. Ik maak me een beetje zorgen.

Niet piekeren joh. Morgen weer een drukke dag, we gaan slapen. Hoe zei jij trouwens dat ons kind heette?

Roderick-Barend.

Dat is de buurjongen schat. Onze zoon heet Berend-Taeke. Welterusten schat.

Slaap lekker schatje . . .








Barbaars


’t Had vandaag een afzeik-stukje zullen worden over yuppenkinderen in Bloemendaal die een taalachterstand hebben omdat ze met hun au-pair geen Nederlands kunnen praten. Ik had ook nog een leuke mailwisseling van gisteren die ik u had willen laten lezen. Een collega die het onbegrijpelijk vond dat wij als regionale omroep aandacht zouden besteden aan de uitverkiezing van Londen als stad waar de Olympische Spelen worden gehouden, vroeg per mail of we al naar Brabantse reisbureau’s hadden gebeld om te vragen of er mensen hadden geboekt voor de zomer van 2012. Dat leverde wel grappig heen-en-weer geschrijf op.

Maar na alles wat er vandaag in Londen is gebeurd zijn dat soort dingen zo banaal. Vriend en vijand op de redactie waren onder de indruk van de korte, emotionele toespraak van Tony Blair. Het is barbaars, zei Blair. Mensen zijn barbaren beste Tony. We moorden elkaar uit; we laten grote delen van de wereld verhongeren; we martelen elkaar; we putten de aarde uit; we vervuilen de lucht waardoor we stikken. Its barbaric. . .

Gelukkig vergaderen er op dit moment acht belangrijke blanke mannen van middelbare leeftijd in Gleneagles om dat allemaal op te lossen.








Motor


Marlies en ik staan vandaag in de plaatselijke krant. Nee, niet met naam en toenaam. Dat overkomt Marlies nog wel eens als ze opgetreden heeft of ruzie heeft met de plaatselijke carnavalsclub over auteursrechten, maar ik ben daar niet belangrijk genoeg voor.

Nee, het zit zo. U weet dat steden tegenwoordig niet meer gewoon steden kunnen zijn, maar een bepaald thema moeten hebben om zich te profileren. Slogans moeten in één oogopslag duidelijk maken waar zo’n stad voor staat. Eindhoven leads bijvoorbeeld in technology, Helmond is de glimlach van Brabant, Rotterdam heeft het (of was dat Amsterdam?) en er gaat niks boven Groningen. Mooie werkverschaffingsprojecten voor ambitieuze wethouders en copywriters.

Den Bosch heeft nu besloten dat het gaat inzetten op creativiteit. Ze hebben het boek “De opkomst van de creatieve klasse” van Richard Florida gelezen en daarin staat dat die klasse steeds de motor is als het gaat om werkgelegenheid en welvaart.

In de krant stond een lijstje van mensen die bij die creatieve klasse horen. En nu komt het: daartoe worden ook duizend inwoners gerekend die bij radio of televisie werken. Kijk, dat zijn wij dus. De motor van de stad ’s-Hertogenbosch. Tel daar bij op dat mijn vrouw zang heeft gestudeerd en actief is in het semi-professionele zangerscircuit en ik schrijver ben van mijn eigen weblog en u begrijpt om wie het draait in de Brabantse hoofdstad . . .








Brief van Ali (5)


Zeer Edel Geachte Mijnheer Nawijn,

In krant zag ik zielige foto van U in hondenhok. Namens hele Turkse gemeenschap in onze straat wil ik medeleven. Is beetje gek dat u in hondenhok moet zitten. Was wel groot hondenhok vond ik waar wel zes pitt-bullen honden van buurman Arie in kunnen. Dus was niet zo’n klein hondenhok, waar u wel veel ruimte heeft voor als uw partijtje groter wordt met Belgische vrienden.

Turkse gemeenschap begrijpt heel goed probleem van kleine ruimte. Toen mijn vader als gastarbeider naar ons land (is dus nu Nederland want ik ben heel goed geintegreerd, zoals ook Minister Mevrouw Verdonk weet) kwam, hij moest met veel andere Turkse mensen in klein kamertje slapen. Soms wel met twaalf in kamertje van vier bij vier meter. Met gestapelde bedden. Ze zaten soms met twintig mensen in één huis met één WC en één kleine douche. Keuken was altijd beetje vies, zei mijn vader. Hij vond ook erg dat mijn moeder en wij in Turkije waren. Hij was heel eenzaam net als u in hondenhok. Maar hij had hij tijd om twaalf uur per dag te werken en veel geld te verdienen. Net als leden van Tweede Kamer (is grapje want u woont natuurlijk bij Mevrouw Edelachtbare Nawijn en misschien ook kinderen).

Met mensen van moskee helpen wij samen ook illegale medemensen die van Minister Mevrouw Verdonk niet in Nederland mogen blijven. (Mag u niet tegen haar zeggen, want wij mogen eigenlijk niet helpen, want dat is verboden). Die illegale mensen wonen ook in soort hondenhokken met heel veel op kamertje zonder gestapelde bedden. Matrassen liggen gewoon op grond. Is soms erg vies en stinkt. Dus dan weten wij extra goed hoe erg is het om te werken in hondenhok. Is niet fijn en schande voor civiel land als Nederland dat mensen van politiek in hondenhok moeten werken. (Buurman Arie zegt u moet eigenlijk in eerste kamer, maar dat is grapje zegt hij. Misschien begrijpt u.) Is ook niet eerlijk als nog kamertjes vrij zijn en mensen van Tweede Kamergebouw zeggen tegen u vol is vol.

Namens Turkse gemeenschap in onze straat hopen wij dat u gewone werkkamer krijgt.

Met vriendelijk medeleven

Ali Yildiz

P.S. Buurman Arie zegt hij wil wel Tarzan bij u in hondenhok doen voor gezelligheid voor uw eenzaamheid. Maar zou ik niet doen, Tarzan is beetje gevaarlijke hond.








Bijna 80


Mijn vader is geen man van veel of grote woorden. ’t Is meer een man van steeds dezelfde woorden. Net als zoveel oude mensen leeft hij in een steeds kleiner wordende wereld, waarin “de hulp” die elke woensdag zijn appartement poetst, de belangrijkste rol speelt. Sinds hij een paar jaar geleden zijn heup brak komt hij ook steeds minder op straat. Over de activiteiten die hij direct na het overlijden van mijn moeder oppikte hoor ik hem niet meer.

We spreken elkaar niet zo veel, want we hebben elkaar niet zo veel te vertellen. Er zijn periodes geweest dat ik dat zeer betreurde. Ik had ook wel een vader willen hebben waar ik terecht had gekund voor wijze levenslessen. Maar hij is er de man niet naar om te praten over gevoelens of problemen. Daar was mijn moeder voor. Mijn vader stak de handen uit de mouwen. Wij hadden vroeger het mooiste houten speelgoed van de buurt waar alle kinderen jaloers op waren. De vele verhuizingen die ik achter de rug heb zouden nooit zo goed zijn gelopen als mijn vader niet altijd klaar had gestaan met spierkracht en witkwast. Op het moment dat ik die vorm van genegenheid kon waarderen kon ik het gemis aan een wezenlijk contact accepteren.

Een paar weken geleden kreeg hij een licht herseninfarct. Na een paar dagen in een Amersfoorts ziekenhuis verhuisde hij naar een verpleeghuis in Barneveld in afwachting van een operatie. Afgelopen week is hij in Amersfoort geopereerd. Ze hebben z’n halsslagader schoongemaakt. Hij deed zoals gewoonlijk laconiek en een beetje stoer. Maar een dag voor de operatie bleek hij plotseling de “kerstgratificatie”, zoals hij dat noemt, al naar mijn bankrekening overgemaakt te hebben. Zo van: mocht mij iets overkomen dan heb je die in ieder geval.

Donderdag waren we bij hem, een dag na de operatie. Hij erkende dat zijn stoere gedrag over de ingreep vlak voor de operatie was omgeslagen in angst. Hij was vooral onder de indruk van de narcose. “Ze zetten een kap op je neus en weg ben je. En dan kunnen ze met je doen wat ze willen,” zei hij. Mijn vader kan bang zijn.

Inmiddels is hij weer terug in het verpleeghuis. Gistermiddag waren we er op bezoek. We hadden er op gerekend, net als vorige week, in het zonnetje te kunnen zitten maar mijn vader was zaterdag gevallen en zijn toch al kwetsbare heup deed veel pijn. Er was niets gebroken had de verpleeghuisarts gezegd, met een beetje rust zou het wel weer goed komen.

In het bed lag een gebroken man, balend van die tegenslag. Hij had gehoopt na een weekje wel weer naar huis te kunnen, maar dat gaat nu langer duren. “Dan moet ik hier nog langer met die mensen om tafel zitten. Ze zeggen niks tegen elkaar, soms zingen ze liedjes van vroeger. Zoals “ik ben blij dat mijn neus van voren zit en niet opzij”. Ja het is wat jongen als je ouder wordt,” zei hij.








Live8


Live8. Ik heb er niet zo veel van gezien. Alleen gisteravond laat heb ik kunnen kijken en als ik de collega-webloggers mag geloven was dat het beste gedeelte. Bof ik even. Veel lof was er ook voor Bob Geldof en de zijnen. ’t Is ook een megaprestatie natuurlijk. En de meeste mensen waren enthousiast over het feit dat er zoveel aandacht was voor de honger in Afrika.

En dan word ik sceptisch. Ik ben ook blij met de aandacht, maar ik denk niet dat zo’n marathonconcert in Afrika meer brood op de plank brengt. De wereldleiders in de G8 zouden er mee beïnvloed moeten worden. De Europese leiders hebben hun handen vol aan de crisis in de eigen regio en herverkiezingen. Die van Japan worstelt met een eigen economisch probleem. Die van Amerika heeft z’n hoofd vooral naar Irak staan en die van Rusland maakt zich vooral zorgen over brandhaarden in z’n achtertuin. Afrika zal volgens mij hun agenda niet echt beheersen.

Ik denk ook niet dat wereldleiders in staat zijn om het probleem van Afrika op te lossen. Sterker nog, ik denk zelfs dat zij de wereld niet maken. De wereld wordt gemaakt door geldstromen en die worden gestuurd door economische ontwikkelingen. Ik geloof dat het wel en wee van de wereld veel meer wordt bepaald door de macht van de multinationals en hun aandeelhouders dan door de macht van politici. Die hobbelen vooral achter de economische feiten aan.

Het probleem van Afrika (versta me goed, ik vind dat het grootste probleem op deze wereld) heeft ook te maken met het feit dat wij in het westen niet bereid zijn een stapje terug te doen. We koesteren onze verworvenheden. Waarom zouden we, als we een continent zien waar nog steeds een middeleeuwse stammenstrijd wordt gevoerd. Dat is in mijn ogen ook een probleem. Het probleem van een kleine elite die zich verrijkt over de rug van miljoenen hongerenden. Dat los je niet op met politieke statements, zelfs niet met enorme hoeveelheden geld, want dat komt niet ten goede aan de mensen die het nodig hebben. Daar moet je met andere middelen optreden, maar wat ik denk durf ik nauwelijks hardop uit te spreken.

Live8 is een mooi gebaar dat respect verdient, maar ik ben zo bang dat het – ondanks de massaliteit – niet meer is dan een rimpeling.








Fatto a mano



 








Strategisch


Een paar maanden geleden hadden wij heel strategische plaatsen op de keukentrap. Inmiddels zijn we de baas in huis en vechten we om het leiderschap van de hele buurt. We hebben het dakterras nu veroverd en dankzij onze charme hebben we de meiden van het studentenhuis en de nieuwe buren ingepalmd. Op drie adressen staat er altijd eten klaar voor ons. Maar we willen de hele buurt overheersen en daarom is het van groot belang dat we die twee zwartwitten van even verderop er onder krijgen. En dat begint natuurlijk met de wacht houden op nieuwe strategische plaatsen.








Namen (44)


Vork Diny - cheffin van de VPRO-kantine
Vos - dierenhandelaar Helmond
Vos - voorz. Natuurmonumenten Limburg
Vos -medewerker natuurhistorisch museum
Vos - onze eigen dierenarts in Den Bosch
Vossen van - jachtopziener op Tholen
Vriend, mevrouw - eigenaresse relatiebemiddelingsbureau Kennemerland
Vroome, B de -organist Oude Kerk Delft
Vullinghs - tandarts Maarheeze
Vuure van, verzorgt crematies in Hilversum
Wal I. v.d. - kapitein der marine
Walvis I. - preparateur aangespoelde potvis
Warmbath Grant - eigenaar familiehotel Invernesshire
Warmenbol - bakker Antwerpen
Water Rita van de - badjuf zwembad de Trits in Baarn
Water Th.v.d. - havenmeester in Loosdrecht








Grad


Grad Damen heeft een zoon. Oh, U weet niet wie Grad Damen is? Tja . . . hoe leg ik dat nou uit? Kent U Frans Bauer, de tranentrekkende zanger uit het Westbrabantse Fijnaart? Die kampjongen die de lieveling van het geblondeerde publiek werd? Mooi. Hou dat beeld even vast. Grad (Gradje voor imini . . ., inmi . . . intimi - kutwoord) is namelijk, zeg maar, de evenknie van Frans Bauer, maar dan anders. Grad is ook een volkszanger, maar dan in de eerste divisie in plaats van in de eredivisie.

Nou, die Grad heeft dus een zoon. En die krijgen onze kijkers vanavond in de nieuwsuitzending te zien. De samenstelster van dienst vond het geen nieuws, maar ze moest. Tjonge jonge, wat een discussie was dat. Ik zei - om de boel eens lekker op te kloten - dat ik het ook een waardeloos onderwerp vond, maar uiteindelijk zei ik dat we het toch moesten doen omdat heel veel kijkers Grad aanbidden. ’t Gaat dan om een stukje herkenbaarheid naar de kijkers toe en een stukje behoeftebevrediging.

En toen was natuurlijk de vraag welke verslaggever naar huize Damen moest. “Elke C-artiest krijgt de journalist die hij verdient,” zei de samenstelster in poging op het gemoed van de verslaggevers te werken en in de hoop dat niemand zich aangesproken zou voelen. Maar er werd gewoon iemand gestuurd. Die zal dan wel niet echt vrolijk zijn over die opmerking van de samenstelster, maar morgen is het ’t jaarlijks uitje van de TV-redactie en dat is iets met water dus er zal wel een gelegenheid zijn voor een kleine wraakoefening.

Eens kijken, heb ik nou alles verteld? Shit nee! Ik ben de naam van de baby vergeten. Het jong heet Heintje. Nee, hij is niet vernoemd naar Neerlands eerste kindersterretje Heintje . . .  (Hallo, let even op zeg. Heintje Davids dacht u. Dat was  geen kindersterretje.) Simons dus. Heintje Simons. Nee, hij heet naar zijn opa, de oude Hein Damen.

Of er nog nieuws is over Wesley, die derde wereldberoemde Brabantse volkszanger, vraagt u? Nee, niet dat ik weet. Hij heeft volgens mij nog steeds geen vast meisje, want ik zie hem elke keer in het gezelschap van andere blonde sno. . . . uuhhh, snoezige meisjes. Maar ik beloof u, zodra ik meer weet over Wesley bent u de eerste die het hoort.





Powered by Pivot - 1.40.7: 'Dreadwind' XML: RSS Feed XML: Atom Feed