(Door Ab Klaassens)

Omdat ik problemen had met de ademhaling stuurde de huisarts me naar de longarts. Die tapte in tien
dagen zes liter vocht achter mijn longen weg en beloofde mij nader onderzoek. Er zou wel iets kwaadaardigs
in mijn longvlies kunnen zitten, maar dat kon alleen bij een operatie onder volledige narcose worden vastgesteld.

Een dag nadat ik uit het ziekenhuis was ontslagen werd ik getroffen door een herseninfarct. De neurochirurg
die de bloedprop uit mijn hersenen peuterde ontraadde de longartsen de voorgenomen operatie. Zij gingen
te rade bij de cardiologen omdat de neurologen onregelmatigheden in mijn hartslag  hadden geconstateerd.

Intussen moest ik op consult bij de urologen omdat er na het herseninfarct storingen in de waterhuishouding
waren ontstaan, maar ik kreeg mij op eigen kracht weer zindelijk. Helaas bleef de vochtophoping achter
mijn longen  voortduren waardoor de longartsen mij een paar keer via een punctie in mijn rug een paar
litertjes vocht lichter moesten maken.

De longartsen gingen daarom nog maar eens te rade bij de cardiologen die mij een nieuwe, krachtige pil
voor de vochtafvoer voorschreven. Dat hielp een beetje, waarna de dosis met vijftig procent werd verhoogd.
Omdat de nieren al die chemische troep moeten verwerken wordt ook je bloed geregeld gecontroleerd.
Na zo’n controle werd ik binnen enkele uren teruggeroepen naar het ziekenhuis wegens ‘levensbedreigende’
bloedarmoede.

Na een infuus met ongeveer twee liter bloed van onbekende donoren en een dosis ijzer mocht ik naar
huis met de afspraak dat ik binnen enkele dagen zou terugkomen voor een maag-,darm- en
slokdarmonderzoek naar bloedverlies. Het onderzoek heeft de maag-, darm- en  slokdarmonderzoeker
niet aan het schrikken gemaakt.

In de Tweede Kamer hoor je de politici vaak hun zorg uitspreken over de stijgende kosten voor de
gezondheidszorg. Ik weet waarom.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *