(Door Ab Klaassens)

Een paar weken geleden kreeg ik een verzoek van het Centraal Bureau voor de
Statistiek (CBS) om mee te doen aan een onderzoek naar mijn verplaatsingen.
Omdat mijn verplaatsingen in de statistieken hoogstens van nano-betekenis
kunnen zijn legde ik het (schriftelijk) verzoek terzijde.

Maar het CBS hield vol: eerst met een herinneringsbrief en vervolgens met
een telefoontje; blijkbaar konden de verplaatsingen van een 84-jarige inwoner
van Eindhoven niet worden gemist in een landelijk mobiliteitsonderzoek.

In het telefoontje kreeg ik het verzoek om op vrijdag 21 april vragen te
beantwoorden over mijn verplaatsingen op donderdag 20 april.

Nog nooit eerder heb ik mij die donderdag zo bewust verplaatst; ik voelde de
ogen van het CBS op mij gericht. Bij thuiskomst, toen ik vrijwel zeker wist dat
ik mij niet meer buitenshuis zou gaan verplaatsen heb ik met behulp van de
ANWB-routeplanner uitgerekend op hoeveel afgelegde meters ik het CBS zou
kunnen trakteren. Dat was drieduizend meter voor een buurtmarkt en 1600
meter voor een bezoek aan Albert Heijn. Alles op een rode fiets met lage
instap, 26 inch wielen en dikke banden, trommelremmen en drie
versnellingen.

Maar dat hoefde niet allemaal in de statistieken zei, de volgende dag, de
mevrouw van het CBS.

Toch vind ik ’t wel mooi dat ik, op m’n ouwe dag, nog een beetje mee tel
straks, in een dik rapport voor regering,  parlement en pers.

, ,

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *